EconomieGroot Geld 

Krimp overheid zou beter zijn dan het gedrocht rond box 3 

Eind 2021 zette de Hoge Raad met het zogeheten kerstarrest een dikke streep door de belasting over het vermogen in box 3. Samengevat: belasting heffen over een fictief  rendement mag niet. De Hoge Raad noemt dit discriminerend en een inbreuk op het eigendomsrecht. Ik noem het wereldvreemd.

Rechthoekig blauw vlak met de tekst ”Groot Geld Edin Mujagic”. Daarnaast een foto van een man met bril en grijs jasje die een grijze mok vasthoudt. 
beeld RD

Sinds dit arrest draaide Den Haag overuren om de wet te repareren, zodat er belasting geheven kan worden op een manier die juridisch door de beugel kan. Daar is men deze maand in geslaagd met de Wet werkelijk rendement box 3. Die wet mag juridisch correct zijn, wat mij betreft kan hij niet door de beugel van het gezond verstand. Vanaf 2028 gaan we namelijk onder meer belasting betalen over winst die alleen op papier is behaald. Dat kan ertoe leiden dat je als belegger een deel van je beleggingen moet verkopen om de belasting te betalen over winst die je niet hebt verzilverd.

Een vrouw met lang bruin haar, op de rug gezien, werkt aan een bureau waar vier beeldschermen op staan. Op elk scherm prijkt een grafiek.
Beleggers betalen straks belasting over niet verzilverde winst. beeld Getty Images 

Dat Den Haag zoveel prioriteit gaf aan dit dossier, verbaast niet. Er stonden miljarden euro’s op het spel, want de vermogensbelasting brengt elk jaar veel geld in het laatje. Het nieuwe belastingstelsel moet minstens evenveel opbrengen. Dat, zo is mijn indruk, is dé reden voor het wereldvreemde gedrocht om niet-gerealiseerde winsten te belasten. De overheid wil niet wachten tot het moment van winstneming.

Daarmee hebben we een groter, belangrijker punt te pakken: overheden hebben veel en steeds meer geld nodig. We zien dit ook aan de recente plannen op Europees niveau om de economieën van de lidstaten van de Europese Unie innovatiever, concurrerender en minder afhankelijk van het buitenland te maken. Het geld voor die plannen wil men binnenhalen door al dan niet samen meer te lenen en nieuwe belastingen te innen. Zo wordt steeds vaker een EU-heffing voorgesteld.

De almaar uitdijende overheid belemmert vaak acties die broodnodig zijn

Wat we vrijwel nooit horen –hoewel, laat dat vrijwel maar weg– is hoe overheden zelf kunnen inkrimpen om geld vrij te maken voor toekomstplannen. De almaar uitdijende overheid belemmert vaak acties die broodnodig zijn. De EU zou bijvoorbeeld kunnen besluiten dat bedrijven hun investeringen veel sneller mogen afschrijven dan nu het geval is.

Zeker als het om investeringen in nieuwe technologieën gaat, zou dat handig zijn. Geld steken in innovaties en er vervolgens jaren over doen om die investeringen af te schrijven, is een bron van onzekerheid. Wat op dit moment nieuwe technologie is, kan immers over niet al te lange tijd alweer verouderd zijn. Maar ja, bedrijven toestaan om investeringen sneller af te schrijven, verlaagt de grondslag voor winstbelasting op korte termijn en kost de overheid dus geld.

Door krampachtig te weigeren de in de loop der tijd zeer uitgedijde publieke sector te reduceren, blokkeert de overheid zulke maatregelen en neemt ze haar toevlucht tot zaken als belasting heffen op niet-gerealiseerde winsten. Overheden in de EU zijn het grootste euvel voor onze economieën, niet China, de Verenigde Staten of welke andere externe partij dan ook.

De auteur is econoom en beheerder bij beleggingsfonds Hoofbosch.