Drie SGP-vrouwen over plek op lokale lijst: „Ik voel me verantwoordelijk”
Opnieuw neemt het aantal SGP-vrouwen toe die kandidaat zijn voor de gemeenteraadsverkiezingen in maart. Drie nieuwkomers over hun plek op de lijst en de discussie binnen hun partij.

Jeannet Kamerik uit Kapelle: „Vooral jongeren enthousiast over vrouw op de lijst”

Jeannet Kamerik (62) staat als derde op de kandidatenlijst van de SGP in Kapelle. Een verkiesbare plek, want de partij heeft nu drie zetels én een wethouder in de Zeeuwse gemeente. Kamerik, werkzaam als kinderverpleegkundige, is al acht jaar actief in de plaatselijke steunfractie, die de raadsleden helpt bij de voorbereidingen van vergaderingen. „Ik kom uit een politiek nest”, vertelt ze. „Mijn vader was SGP-raadslid en mijn broer zit ook in de raad.”
Na de verkiezingen in maart stopt een van de huidige Kapelse raadsleden. „Als je wilt, kun je op de lijst”, zeiden de mannen tegen Kamerik, die het langst in de steunfractie zit. „Als ik in de raad wilde, dan moest ik het nu doen. Ik heb ontzettend veel plezier in het werk als steunfractielid. Raadslid zijn kost een hoop tijd, maar het leek me erg leuk om mee te sturen in beslissingen die de gemeenteraad neemt.” Nu haar zes kinderen de deur uit zijn, denkt ze genoeg tijd voor het raadswerk te hebben.
De kandidatenlijst werd op de ledenvergadering besproken, maar haar positie stuitte volgens Kamerik niet op bezwaren. Ze merkte eerder enthousiasme. „Vooral jongeren vinden het leuk dat er een vrouw op de lijst staat.” Negatieve reacties heeft ze niet gehad.
Het vrouwenstandpunt van de SGP is op termijn niet houdbaar, denkt ze. „Steeds meer dames worden politiek actief en dat zal de discussie aanwakkeren.” Voor de positie van het hoofdbestuur toont ze begrip. „Het is een moeilijk onderwerp en voor mij is het makkelijk praten vanaf de zijlijn. Toch zou ik het goed en fijn vinden als er in de Tweede Kamer een vrouw namens de SGP komt. Al begrijp ik dat dit tijd kost.”
Man en vrouw verschillen; juist daarom zijn vrouwen volgens haar van meerwaarde in een fractie. „Zij hebben een andere kijk op zaken en meer oog voor de zachte kant in bijvoorbeeld het sociale domein.”
José Ruighaver uit Moerkapelle: „Ik voel me verantwoordelijk”

Een plek op de lijst heeft ze niet actief gezocht. Het was de lijsttrekker die José Ruighaver-van der Spek (42) uit Moerkapelle benaderde met de vraag of ze beschikbaar was. De juriste, werkzaam als leidinggevende bij een verzekeringsmaatschappij, belandde uiteindelijk op de negende plaats. De combifractie van ChristenUnie/SGP in de gemeente Zuidplas heeft momenteel zes zetels en levert een wethouder.
Een paar jaar geleden hield Ruighaver de boot nog af. De tijdsinvestering zag ze niet zitten. Maar nu haar kinderen 13 en 15 jaar zijn, ziet ze die ruimte wel in het gezin. Het verzoek was eigenlijk om op een hogere, verkiesbare plek te staan. Daar zag Ruighaver van af; ze wilde graag eerst politieke ervaring opdoen in de steunfractie. In aanloop naar de verkiezingen draait ze daar al in mee.
Blij was Ruighaver met het draagvlak op de ledenvergadering. „Anders had ik het niet gewild”. Ze benadrukt niets te willen forceren. „Ik doe dit niet vanuit persoonlijke ambitie of emancipatiedrang. Maar als ik word gevraagd, voel ik me verantwoordelijk en zie ik een taak waarin ik iets kan toevoegen. Dan is het ook goed om beschikbaar te zijn en zo de lokale gemeenschap te dienen.”
Belangrijker dan vrouwen in de politiek vindt de SGP’er het om de eenheid in de partij te bewaren. Ze pleit dan ook voor een „respectvolle omgang” met partijgenoten die een ander standpunt hebben. „We moeten dit niet doen vanwege maatschappelijke druk of vanuit gelijkheidsstreven. Voor een vrouw moet het een kwestie zijn van verantwoordelijkheid nemen en zorgvuldig afwegen.” Op landelijk niveau zal wellicht ooit verandering komen, denkt ze. „Maar hoe en wanneer, weet ik niet. De tijd moet daarvoor rijp zijn.”
Ruighaver werkt fulltime –haar man is als zelfstandige vaker thuis– maar denkt voldoende tijd vrij te kunnen maken voor het werk in de gemeenteraad. Omdat ze nu in de steunfractie meedraait, heeft ze bewuste keuzes in de agenda gemaakt. Zo stopt ze na twaalf jaar met de jeugdvereniging in de kerk.
Bea Overeem uit Deventer: „Ik ben niet zo politiek ingesteld”

De kans dat de SGP in de gemeenteraad van Deventer komt, is klein. De kans dat Bea Overeem-Quist (32) raadslid wordt, nog kleiner. Ze staat op plek vier van de lijst. „Ik vind het belangrijk dat het SGP-geluid in Deventer gehoord wordt”, legt ze uit.
Dat geluid klinkt nu niet. Hoewel de plaatselijke afdeling al 75 jaar bestaat, deed de SGP nog nooit zelfstandig mee aan de verkiezingen in de Overijsselse stad.
Bij de landelijke en de Europese stembusgang behaalde de partij zo’n vijftien jaar geleden nog krap honderd stemmen. De aanhang verdubbelde inmiddels tot tussen de 200 en 250 kiezers en daarmee groeide de wens van de partij om een gooi te doen naar een raadszetel. Overeem verwacht niet dat de SGP de kiesdrempel van zo’n duizend stemmen gaat halen. „We doen vooral mee om onszelf te laten zien in de stad.” Toch hoopt ze op een zetel. „Bij de gemeenteraadsverkiezingen wordt vaak anders gestemd dan landelijk.”
Waar nieuwe SGP-kiezers vandaan komen, is lastig te zeggen. In ieder geval niet uit de traditionele achterban. „Die is hier misschien twintig man groot.” Op de lijst staan ook mensen uit een protestantse gemeente, de pinksterbeweging en een Russisch-orthodoxe kerk.
Overeem raakte betrokken bij de plaatselijke partij na ledenwerving onder vrouwen. Ook zij liet zich overhalen en korte tijd later werd ze voorzitter van het bestuur – een unicum binnen de partij. „Ik ben zelf niet zo politiek ingesteld, maar zou het jammer vinden als de SGP hier verdwijnt”, zegt Overeem, moeder van een zoontje en twee dagen per week werkzaam bij een schoenenwinkel. Nu ze actief is wordt de politiek wel „leuker en interessanter”.
Is haar kandidering pure noodzaak? „Die is wel uit de nood geboren, maar ik heb er ook geen problemen mee om als vrouw politiek actief te zijn. Of ik mezelf in een andere gemeente verkiesbaar zou stellen, durf ik niet te zeggen. Dat ligt eraan hoe daar de stemming is. Als het om principiële kwesties gaat, ben ik geen tegendraads persoon.”
Plaatselijk is de vrouwenkwestie volgens haar „helemaal geen item. En voor mezelf ook niet.” In Deventer zijn ze „allang blij” dat er een bestuur is en een lijst met negen kandidaten. Overeems echtgenoot Nico is lijsttrekker.
Voor de keuzes van de landelijke partij op dit punt heeft ze begrip. Tegelijkertijd hoopt ze dat meer vrouwen actief gaan meedoen. „Ik vind het jammer dat vrouwen uit de achterban zich op sociale media negatief uitlaten over de partij. Terwijl je deze groep niet op de landelijke partijdag ziet.”
Reageren? Dat kan via onderstaand formulier:





