EconomieWeek van de Verborgen Impact

Zelf je kleding restylen of repareren? Er zijn plekken waar je dat kunt leren

In plaats van je kleding nieuw in de winkel te kopen kun je die ook repareren of restylen, en opnieuw dragen. Dat is duurzamer én leuk om te doen. „Van sokken met een gat erin maak ik een kleed.”

Een blonde vrouw in groene trui zit ingespannen achter de naaimachine. Op de voorgrond is een andere vrouw bezig met een lichtgroen kledingstuk. 
Workshop upcycling in naaiatelier Steekje Los in Utrecht. beeld Isolde Woudstra
Iemand naait een lichtgroen kledingstuk. 
Naaiatelier Steekje Los. beeld Isolde Woudstra

In een koude werfkelder in Utrecht komt de geur van oude kleren je tegemoet. Er staan tweedehands naaimachines in een rijtje opgesteld, klaar om gebruikt te worden. Hier wordt impact verminderd, verborgen impact om precies te zijn.

Dit is wat Babette Porcelijn aanmoedigt. Ze is oprichtster van stichting Think Big Act Now, die zich richt op duurzaamheid. Volgens haar is de kledingindustrie goed voor grofweg 4 procent van de negatieve belasting die een gemiddelde Nederlander op het milieu heeft. Hieronder verstaat ze de druk op grondstoffen, zoals water en land, in Nederland en wereldwijd. Maar het gaat ook over bijvoorbeeld de onderbetaling van arbeiders, ook in de kledingindustrie.

Tijdens de Week van de Verborgen Impact wordt hierbij stilgestaan. „Je kunt je impact verkleinen door bijvoorbeeld alleen te kopen wat je nodig hebt”, zegt Porcelijn. „Het is het beste om je kleding te repareren of tweedehands te kopen.”

„Het is het beste om je kleding te repareren of tweedehands te kopen”

Babette Porcelijn, oprichtster van stichting Think Big Act Now

In de Utrechtse werfkelder zit naaicafé Steekjelos. Tinka van der Kooij, naaidocent, ziet een nieuwe groep cursisten voor de cursus Upcycle binnendruppelen. Als iedereen binnen is, houdt ze een kort praatje en gaan haar zeven pupillen aan de slag met een eigen projectje, waar ze de komende zeven weken aan zullen werken.

Nina Rosa (33) zit achter een van de naaimachines, met een zak kleding naast zich. „Ik koop sinds een jaar of vijf eigenlijk bijna alles tweedehands en ook alle stoffen die ik gebruik zijn gerecycled. Ik zit hier vooral om te leren hoe ik die stoffen en kleding een tweede leven kan geven. De cursus zie ik echt als een investering, want zo’n hele zak kleding naar de kleermaker brengen kost algauw meer dan 150 euro.”

De kleding van haar man, kinderen of van zichzelf die niet meer draagbaar is, gooit ze niet in de textielbak, maar doet ze thuis in een doos. Vervolgens gaat ze daar weer mee aan de slag, bijvoorbeeld door de kleding zelf te repareren of er iets nieuws van te maken. „Ik heb een doos met oude sokken, waar bijvoorbeeld gaten in zitten, en daar wil ik uiteindelijk een kleed van maken. Daarmee toon ik ook meer waardering voor wat ik al heb. Dus voor mij is duurzaamheid: geen nieuwe kleding kopen, maar gebruiken wat je al hebt.”

„Mijn dochtertje van acht vindt het ook leuk om te doen, dus die is ook bezig om te leren naaien”

Hee Chan van der Haar, deelnemer cursus Upcycle

Hee Chan van der Haar (45) is de enige man in het gezelschap en probeert nieuw leven te blazen in een blouse van zijn vriendin. „Dit is een blouse uit de jaren negentig. Ik vind de kleding van tegenwoordig vaak niet zo fraai, dus ongeveer de helft van wat ik koop is tweedehands.” Ook mensen om hem heen zijn bezig met het maken en repareren van kleding, bijvoorbeeld zijn schoonmoeder en neefje. „Mijn dochtertje van acht vindt het ook leuk om te doen, dus die is ook bezig om te leren naaien.”

Een vrouw in rode trui wijst iets aan bij een naaimachine waar een Aziatische man met beige pet achter zit. Een vrouw met lang, bruin haar kijkt toe.  
Naaidocent Tinka van der Kooij legt iets uit aan cursist Hee Chan van der Haar. beeld Isolde Woudstra

Als een van de redenen waarom mensen duurzamer zouden willen leven noemt Babette Porcelijn de portemonnee. Als mensen geld kunnen besparen en tegelijkertijd een duurzame keuze kunnen maken, zullen ze dat sneller doen. „Voor anderen is plezier een belangrijke factor, zij vinden het vooral leuk om samen met anderen te leren hoe je je kleren repareert of een tweede kans geeft.”

Zelf probeert Porcelijn al langer duurzamere keuzes te maken als het om kleding gaat. Ze koopt nauwelijks nieuwe kleren, maar probeert ze vaker te repareren. „Soms koop ik wel iets nieuws, bijvoorbeeld voor op het podium als ik moet spreken. Maar ook voor zulke gelegenheden heb ik oude kleren die ik nog steeds gebruik en tweedehands pakken.”

Porcelijn stoort zich al langer aan het opgeheven vingertje van de milieubeweging. „Ik denk dat door alleen maar te zeggen wat goed en fout is, je weerstand opwekt. Ik oordeel niet over wat andere mensen doen, dat is aan hen. Ook mijn kinderen laat ik vrij in hun keuzes. Eigenlijk ben ik er vooral voor de mensen die echt willen verduurzamen en geen idee hebben hoe ze dat het beste kunnen doen.”