Mens & samenlevingDak- en thuisloze jongeren

Het Bouwdepot geeft dak- en thuisloze jongeren een steuntje in de rug: „Waar droom je van?”

Jarenlang kampt Eva met problemen rond opleiding, huisvesting en inkomen. En dan zit er ineens iemand tegenover haar die zegt: „Je kunt elke maand 1050 euro op je bankrekening krijgen, zonder er iets voor te hoeven doen.”

Het Bouwdepot biedt dak- en thuisloze jongeren een jaar lang maandelijkse financiële steun. „Ik kon zelf een kamer gaan huren”, vertelt Eva, een van de deelnemers (niet de persoon op de foto). beeld Getty Images

Het is een moment dat Eva (nu 20) niet snel zal vergeten, vertelt ze in een spreekkamer van het Jeugd Interventie Team (JIT) in Amersfoort. Aan tafel zit ook Joran Nijssen, sociaal werker bij het JIT en betrokken bij Het Bouwdepot. Dit initiatief helpt dak- en thuisloze jongeren om aan hun toekomst te werken.

De jaren voordat Eva met het JIT in aanraking komt, kenmerken zich door veel problemen. „Ik heb op drie scholen voor middelbaar onderwijs gezeten, maar er niet één afgemaakt”, vertelt ze.

Eva is dertien jaar als haar ouders uit elkaar gaan. „Een vechtscheiding.” Op dat moment gaat de tiener het huis uit. Ze wordt in een woongroep in een jeugdzorginstelling geplaatst. „Het stikte er van de hulpverleners, maar het werkte allemaal niet echt.”

Een aantal jaren verblijft ze op diverse locaties in de jeugdzorg. „Toen ik achttien werd, moest ik weg van de plek waar ik zat. Ik werd eruit gezet. Gelukkig had ik nog contact met de woongroep waar ik eerder was geweest en kon ik daarnaar terug. Er was wel één voorwaarde: ik moest minimaal twaalf uur per week werken.”

Eva zoekt een baantje en gaat in een winkel aan de slag. „Ik begon met 24 uur, maar dat lukte niet. Toen ging ik terug naar 12 uur, maar dat ging ook amper. Uiteindelijk werkte ik nog minder uren.”

„Het enige wat ik in huis had was een goedkoop casinobrood en een bus poedersuiker”

Eva, oud-deelnemer Het Bouwdepot

Financieel moet ze zien rond te komen met weinig geld. „Als ik een verjaardag had, kon ik geen cadeautje kopen.” Ze herinnert zich een date met iemand die bij haar thuis kwam. Het enige wat ze in huis had was „een goedkoop casinobrood en een bus poedersuiker”.

Geen vangnet

Een aanvraag om een bijstandsuitkering te krijgen, loopt op niets uit. Eva ziet weinig perspectief om haar situatie te verbeteren. Totdat ze in 2024 via het sociaal wijkteam in Amersfoort in aanraking komt met Het Bouwdepot.

„Toen ik hoorde dat ik 1050 euro per maand kon krijgen, viel mijn mond open. Het was alsof iemand me vertelde dat ik de loterij had gewonnen. Ik geloofde er niets van en dacht: daar trap ik niet in. Het was heel raar. Het liefst wilde ik wegrennen.”

Joran Nijssen, sociaal werker bij het Jeugd Interventie Team in Amersfoort en betrokken bij Het Bouwdepot. beeld Joran Nijssen

Sociaal werker Nijssen legt uit dat Het Bouwdepot een jaar lang maandelijks financiële steun kan bieden aan jongeren in kwetsbare omstandigheden, die veelal geen vangnet hebben. Als sociaal werker zoekt hij dergelijke jongeren, in de leeftijd van 14 tot 27 jaar, op straat op of komt hij via andere instellingen met hen in contact.

„Ze hebben vaak een opeenstapeling van problemen”, zegt Nijssen. „Denk aan dak- en thuisloosheid, psychiatrische problematiek en verslaving. Terwijl we bij het JIT nadachten over de vraag hoe we dergelijke problemen kunnen voorkomen, kwamen we in contact met Het Bouwdepot en hebben we de handen ineengeslagen.”

Dromen

Een van de eerste vragen die Het Bouwdepot aan jongeren stelt, is: Wat zou je leuk vinden, waar droom je van? „We laten jongeren denken in mogelijkheden. Dat is vaak heel moeilijk voor hen, omdat ze al jaren gewend zijn om te denken in beperkingen: alles wat niet kan.”

De maandelijkse financiële steun neemt een deel van hun zorgen weg, waardoor ze zich op andere zaken kunnen richten. Eva: „Ik kon zelf een kamer gaan huren. Het Bouwdepot hielp niet alleen financieel, maar begeleidde me ook bij vragen over wonen en werk. En af en toe kreeg ik een appje van Joran of een collega: Wil je even wandelen? Alleen daar reageerde ik dan vaak niet op.”

Nijssen: „We bieden ons aan, zijn beschikbaar, maar de deelnemers bepalen zelf wat ze doen. We werken vanuit vertrouwen, dat is heel belangrijk.” Enige vorm van contact en begeleiding is wel een vereiste voor deelname. Bij het besteden van hun maandgeld hebben de jongeren de vrije hand. „Alleen als ze het geld uitgeven aan zaken die ernstig nadeel voor henzelf of anderen opleveren, denk aan alcohol of drugs, kunnen we het geld bevriezen.”

Schulden

In 2023 ging Het Bouwdepot in Amersfoort van start met tien deelnemers. Van mei 2024 tot en met april 2025 maakten nog eens dertig jongeren, onder wie Eva, gebruik van deze mogelijkheid. Naar verwachting kunnen in de tweede helft van dit jaar opnieuw dertig jongeren instromen, dankzij de steun die de Amersfoortse gemeenteraad voor drie jaar toezegde.

Sommige deelnemers van Het Bouwdepot gebruiken het maandgeld onder meer om schulden af te lossen. Eva benutte het vooral voor de kosten van levensonderhoud en andere noodzakelijke uitgaven, maar kocht ook een platenspeler om te kunnen genieten van muziek. „Daar word ik rustig van.” En ze volgde een paar drumlessen.

Daarnaast zette ze maandelijks een bedrag opzij. „Ik was als een eekhoorn die weet dat het winter wordt en spaarde voor moeilijke tijden. Als ik nu bijvoorbeeld per ongeluk mijn telefoon laat vallen en die gaat kapot, heb ik een buffertje om een nieuwe te kopen.”

Een deel van het gespaarde geld gebruikt Eva om deze zomer na jaren weer eens op vakantie te gaan, naar Spanje. Dat betekent veel voor haar. „Poehpoeh, ik heb een vakantie gepland!” zegt ze met nadruk. Op haar gezicht verschijnt een brede glimlach.

Bijstand

Nadat ze in 2024 tijdelijk een kamer had gehuurd, maakte Eva gebruik van een regeling waarmee ze een periode bij iemand anders in huis kon wonen. Na drie, vier maanden kwam daaraan, door problemen van de hoofdbewoner, een eind. „Toen had ik weer geen onderdak.”

Ze besloot contact op te nemen met haar moeder, die ze vele jaren niet had gezien. De eerste ontmoeting had plaats in aanwezigheid van een hulpverlener. „Ik zei: „Mama, help!” Ik had het niet verwacht, maar ze zei dat ik bij haar mocht wonen als ik echt niets anders had. Inmiddels woon ik daar een jaartje. Het was voor ons allebei wennen, maar het gaat vrij goed.”

In mei hield de maandelijkse financiële steun van Het Bouwdepot voor Eva op. Met hulp van een begeleider slaagde ze er nu wel in een bijstandsuitkering te krijgen. „Je moet kunnen aantonen dat je daar recht op hebt. Daarvoor moet je bijvoorbeeld al je bankafschriften van de laatste drie maanden laten zien.”

Nijssen: „Bij zo’n aanvraag gaat de overheid niet uit van vertrouwen. Ik snap dat er procedures en protocollen moeten worden opgetuigd, maar in de praktijk kunnen die soms wringen en het beoogde doel voorbijstreven.”

Therapie

De resultaten van het tweede jaar dat Het Bouwdepot in Amersfoort draaide, worden momenteel in kaart gebracht, zegt de hulpverlener. Voor hem staat het in elk geval vast dat „niemand er slechter van is geworden. Alle deelnemers hebben duurzame nieuwe inzichten en ervaringen opgedaan.”

„Ik werd serieus genomen, mocht fouten maken en af en toe kreeg ik een schouderklopje”

Eva, oud-deelnemer Het Bouwdepot

Wat heeft Het Bouwdepot, afgezien van een maandelijks geldbedrag, Eva opgeleverd? „Een herontmoeting met mezelf”, zegt ze. „Ik besefte dat ik veel wegen kon kiezen en wilde de goede keus maken, bijvoorbeeld bij het uitgeven van het geld dat ik kreeg. Door Het Bouwdepot voelde ik mijn verantwoordelijkheid. Ik werd serieus genomen, mocht fouten maken en af en toe kreeg ik een schouderklopje.”

Hoe ziet haar leven er nu, enkele maanden na het einde van het Bouwdepotjaar, uit? „Ik ben een intensieve therapie gestart, die veel tijd kost. Daarnaast werk ik een paar uurtjes per week. En af en toe doe ik wat freelancewerk voor Het Bouwdepot, samen met andere deelnemers. Zij zijn echt maatjes van me geworden.”

„Je bent het afgelopen jaar enorm veranderd”, zegt Nijssen. „Je bent minder gestrest, straalt veel meer rust uit. Je hebt ook ruimte gekregen om over nieuwe dingen na te denken en bent flexibeler geworden in het omgaan met allerlei situaties.”

Eva leeft op dit moment vooral bij de dag en wil niet te ver vooruitkijken. „Ik ben nu druk met mijn therapie en probeer weer een beetje comfortabel te landen in de maatschappij. Daarna kijk ik wel weer verder.”

Eva heet in werkelijkheid anders. Haar echte naam is bij de redactie bekend.