Gemeenteraadslid Floris Plak zit in een rolstoel en geeft een ondervertegenwoordigde groep een stem
Floris Plak (29) is raadslid voor het CDA in de gemeente Krimpenerwaard. Hij zit door een spierziekte in een rolstoel en spoort ook andere mensen met een beperking aan politiek actief te worden. „Je bent zoveel meer dan alleen die zorggebruiker.”

Hij was 17 toen hij lid werd van het CDA. Daarna schreef hij mee aan verkiezingsprogramma’s, zat hij in campagneteams en was hij bestuurslid. Vorig jaar werd Floris Plak uit Schoonhoven gevraagd voor een verkiesbare plaats op de CDA-lijst in zijn gemeente Krimpenerwaard. „Een enorme eer”, vindt Plak, in het dagelijks leven promovendus aan de Vrije Universiteit. Hij zei ja, kwam op plek 3 en werd vorige week geïnstalleerd als raadslid.
En dat is bijzonder. Mensen met een beperking zijn namelijk zwaar ondervertegenwoordigd in gemeenteraden. Terwijl 10 tot 15 procent van de mensen in de Nederlandse samenleving een beperking heeft, vult deze groep slechts zo’n 0,5 procent van de raadszetels.
Verlamd
Plak is geboren met een spierziekte. Daardoor zijn zijn aangezichtsspieren verlamd, heeft hij minder kracht in zijn bovenarmen en schouders en zit hij buitenshuis in een rolstoel.
Hij heeft niet lang getwijfeld over zijn kandidaatstelling, vertelt Plak in een videogesprek. „Ik voelde me enorm gesteund door de selectiecommissie en ik heb ook zelf het idee dat ik genoeg in huis heb om een goed raadslid te kunnen zijn.”

Maar er was ook een andere kant: „Door mijn spraakgebrek zijn bepaalde klanken moeilijk voor mij. Dat is wennen voor sommige mensen. Willen mensen wel naar mij luisteren, vroeg ik mij af. Gelukkig heb ik alleen maar positieve reacties gehad.”
Microfoon
Kleine praktische belemmeringen zijn door medewerkers van de gemeente direct onder handen genomen, vertelt Plak. „Ze hebben me een iets langere microfoon gegeven, waardoor ik er goed in kan praten.”
Ook op andere terreinen ervaart het raadslid alle medewerking. „Over een paar maanden verhuizen we naar een nieuw gemeentehuis, maar in het huidige gebouw zitten geen automatische deuren. Iedereen is echter bereid om me daarmee te helpen. Het is heel fijn om me gesteund te voelen.”
Plak gaat zich bezighouden met de portefeuilles toegankelijkheid en mobiliteit. Daarin brengt hij zijn levenservaring mee. „Ik weet hoe vervelend het is als bushaltes niet toegankelijk zijn voor een rolstoel. Voor mij betekende het vaak dat ik een van mijn ouders moest vragen mij naar Gouda te brengen, waar ik met de trein verder kon reizen naar de universiteit.”
Mensen met een beperking die twijfelen om de politiek in te gaan, moedigt hij aan om de stap te zetten. „Ik merk dat de gehandicapte minderheid niet zo geneigd is zichzelf te laten horen als andere groepen, zoals de zwarte gemeenschap en de homogemeenschap.”
Bescheidenheid
Die bescheidenheid komt volgens Plak voort uit het zorgcomplex van mensen met een beperking. „Je wordt vaak neergezet als de hulpbehoevende, vragende partij. Maar ik zou willen meegeven: je bent zoveel meer dan alleen die zorggebruiker. Je inbreng is waardevol.”
Om zich heen ziet Plak dat sommige mensen met een beperking direct in wat hij noemt „een activistische rol” gaan zitten. Daar is hij zelf niet van. „Ik zou zeggen: ga niet de barricade op, maar begeef je in netwerken waarin je het verschil kunt maken. Ik wil me verre houden van identiteitspolitiek. Mensen met een handicap worden vaak ingezet als ervaringsdeskundige op het gebied van zorg en toegankelijkheid. Van hun andere kennis wordt minder gebruikgemaakt. Ik wil er zijn voor alle inwoners en laten zien dat ik meer ben dan mijn handicap.”
Vond u dit artikel nuttig?
Gerelateerd nieuws
- Meer over
- Mensen met een beperking




