Ontwortelde moderne mensen komen thuis bij God
Keert er iets in onze tijd? Of is de nieuwe belangstelling voor God en Bijbel slechts een laatste oprisping van afgedaan geloof?

Influencer Julia Helina deelt op TikTok hoe zij 75 dagen ‘heilig’ wil leven voor God. NRC verhaalde onlangs nog van Max de Bree (28) en Anouk Snelders (34), zonder enige religieuze achtergrond, die zich deze Pasen lieten dopen in de Rooms-Katholieke Kerk, beiden door sociale media. Ook het Nederlandse rapport God in Nederland neemt een verandering waar onder generatie Z, personen geboren tussen pakweg 1997-2012.
Veel kerkjeugd weet nog steeds makkelijk de weg naar de uitgang. Een toenemende interesse in religie, het christelijk geloof en God gaat nog steeds samen met de ervaring dat de meerderheid van generatie Z dit niet actief beleeft. Maar of de kerkbanken nu voller zitten of niet, er gebeurt wel degelijk wat in onze tijd.
Onze tijd, zeker gen Z, neemt religie opnieuw serieus als levensoptie en gespreksbron
Daarom zou ik willen spreken van wat Jonathan Edwards een hernieuwde ernst noemt: de taal en wereld van religie en geloof zijn niet langer absurd of irrelevant. Of dit tot een herleving leidt, moeten we afwachten. Maar je kunt wel zeggen dat onze tijd – en zeker gen Z – religie opnieuw serieus neemt als levensoptie, als gespreksbron, als stem in het maatschappelijk discours.
Verlies
Blijkbaar is er iets wat het moderne levensgevoel een halt toeroept. Dat levensgevoel, de ”moderniteit”, bestaat in het idee dat vernieuwing en verbetering de oplossing zijn. Met meer kennis, samenwerking en techniek groeit welvaart, gelijkheid, rechtvaardigheid, enzovoort.
Het moderne verhaal biedt geen taal voor verlies
Maar, zoals met name de Duitse socioloog Andreas Reckwitz opmerkt, biedt de moderniteit geen taal, aandacht of ruimte voor omgang met verlies. En het moderne verhaal van vooruitgang boet dus in aan geloofwaardigheid. We kunnen gaan en staan waar we willen, staan via onze telefoon met de hele wereld in verbinding en kunnen onlineproducten bestellen van de uitersten der aarde.
Tegelijk – en dat geldt dus zeker voor gen Z – zijn we daardoor losgemaakt van vastigheden. Ons mobiele, digitale leven dat een hoge maakbaarheid en beheersbaarheid gewend is, mist zo de taal, de rituelen en de plekken waar het verlies in de vorm van falen, verliezen, missen en teleurstellen onder ogen kan komen.
Jezelf zijn
Charles Taylor ontleedde de westerse cultuur als een authenticiteitscultuur. De bevrijdende gedachte dat je jezelf (authentiek) mag zijn, is een morele plicht geworden. En niemand kan je werkelijk helpen jezelf te zijn. Intussen wordt steeds duidelijker hoezeer dit ideaal van authenticiteit verweven is met een uitgesproken progressief wereldbeeld.
Mieke van Zonneveld schrijft treffend: „Vrijheid is een plakkerige afgod”
De moderne waarden van zelfontplooiing en zelfverwerkelijking veronderstellen een context waarin die ontwikkeling daadwerkelijk voor een aanzienlijk deel van de samenleving mogelijk is. Aangedreven door de stuwende krachten van de moderniteit, zoals democratie, kapitalisme en technologische ontwikkeling, werd van de toekomst als vanzelf verwacht dat ze vooruitgang zou brengen en bestaande problemen zou oplossen. Ondertussen werd vrijheid vooral een individuele zaak en daarmee ingevuld als keuzevrijheid: hoe meer opties beschikbaar zijn, des te groter de ervaren vrijheid.
Wat daarbij opvalt – en wat met name generatie Z lijkt te signaleren – is dat zelfs ogenschijnlijk succesvolle influencers, zoals DJ Sefa, Harm en Laurentine van Landeghem, getuigen van de grenzen van dit model: het voortdurende streven naar meer, beter, nieuwer, hoger, sneller en intenser blijkt uiteindelijk niet te vervullen, maar juist gevoelens van leegte en existentiële onrust te versterken. Zoals dichter Mieke van Zonneveld zo treffend schrijft in haar gedicht ”Gebed”: „Vrijheid is een plakkerige afgod.”
Woningnood
Mijn indruk is dat moderne mensen, in het bijzonder gen Z, een thuis missen. Er is niet alleen een letterlijke woningnood; velen missen ook een soort existentieel thuis. Een plek vanwaaruit je kunt leven, waar de patronen en structuren vertrouwd zijn en je houvast geven om met het vreemde en onbekende, het onzekere om te gaan.
Een existentieel thuis zorgt dat je niet voortdurend je eigen identiteit hoeft te maken
Zo’n thuis voorziet in een identiteit, en zorgt dat je niet voortdurend je eigen identiteit hoeft te maken of te verdienen, maar dat je deze ontvangt. De Schotse ethicus Alasdair MacIntyre wees daar al in 1981 op: „Ik bevind mij als deel van een geschiedenis en dat betekent doorgaans dat ik, of ik het nu wil of niet, een van de dragers van een traditie ben.”
Een existentieel thuis wortelt ons in het leven, maar voorziet ons ook van de sociale, levensbeschouwelijke gereedschapskist om met het leven en vooral met zijn crisis om te gaan. Zonder die verworteling rust alles op het individuele ik dat los in de tijd staat, maar nergens een plek heeft om op terug te vallen. Je kunt immers niet overal gast zijn.
Thuiskomen
Hoewel het te vroeg is om exact te duiden wat er gebeurt in onze tijd en specifiek onder gen Z, is er een sterke correlatie met de invloed van sociale media en de rol van influencers, tegenwoordig ook wel ”FaithTokkers”, ”GodTubers” en ”Godfluencers” genoemd.
Wie filmpjes kijkt van Julia Helina, Widya Soraya, Zaar Goedemans of Glen Fontein moet even wennen aan de combinatie tussen openhartige en vrijmoedige geloofsexpressie, gekoppeld aan sterk esthetische en op het lichaam gerichte communicatie. Maar het valt op dat in veel bekeringservaringen van nieuwe gelovigen, zowel binnen als buiten generatie Z, het motief van ”thuiskomen” een terugkerende typering vormt van hun geloofsweg.
De kerk kan leren dat thuiskomen bij God gebeurt via de tastbaarheid van onze wereld
De vaak genoemde toevlucht tot het christendom krijgt concreet gestalte in recente getuigenissen, zoals die van YouTuber en influencer Harm. Onlangs sprak hij in een video openlijk over een moeilijke periode in zijn leven en de rust die hij nu gevonden heeft in de Bijbel – vooral het Nieuwe Testament.
Bijbel in handen
De christelijke traditie heeft zo veel in huis om (jonge) mensen thuis te brengen bij God. De dode plaats van onze tijd, daar waar de roep om redding voelbaar en hoorbaar wordt, is de leegte en de armoede van een neoliberale cultuur van optimalisatie en prestatie. Daarin kan de toekomst jouw dromen enkel waarmaken als je maar hard genoeg werkt, de goede keuzes maakt en jouw authentieke ik realiseert.
Maar deze generatie laat de kerk ook wat ontdekken. Namelijk dat thuiskomen bij God gebeurt via de materialiteit van onze wereld: een Bijbel in je handen, de ontmoeting met christenen, een spirituele mentor die je begeleidt als een vader- of moederfiguur, heilige plekken van samenkomst, een andere levensstijl die zich in keuze afstemt op God.
De auteur is lector theologie aan de Christelijke Hogeschool Ede. Dit artikel is een samenvatting van zijn bijdrage aan het EH-Symposium ”Opwekking onder jongeren?” op 9 april.







