Niet voor iedere cliënt met verstandelijke beperking genoeg ruimte voor geloofsbeleving
Een kerkdienst bezoeken of een stukje lezen en bidden voor het slapengaan? Het is niet voor iedereen met een verstandelijke beperking vanzelfsprekend. Dat blijkt uit onderzoek van drie belangenorganisaties.

De christelijke organisaties Sien, Dit Koningskind en Reliëf bevroegen ruim 250 verwanten van mensen met een verstandelijke beperking die in een instelling wonen. Het onderzoek, dat vorige week werd gepubliceerd, richtte zich op de ruimte voor de geloofsbeleving. Wat gaat er goed, wat wordt er gemist en waar is ruimte voor verbetering, waren de hoofdvragen van het onderzoek.
Nicoline Versluys, directeur van Sien, vertelt dat de resultaten „bemoedigend” zijn.
Wat was de aanleiding voor dit onderzoek?
„Onze organisatie en ook Dit Koningskind krijgen regelmatig signalen dat er in zorginstellingen te weinig aandacht is voor de geloofsbeleving van mensen met een verstandelijke beperking. We wilden graag weten of dit gevoel breed leefde, of dat wij het alleen horen als het misgaat.”
Wat kwam er uit de enquête?
„De resultaten zijn bemoedigend. Ruim twee derde van de mensen die de vragenlijst invulden, geeft aan dat er volgens hen voldoende of enigszins voldoende ruimte is voor de geloofsbeleving van hun naaste die in een instelling woont. Een klein percentage is niet tevreden.”
Waarom hebt u verwanten bevraagd, en niet mensen met een verstandelijke beperking zelf?
„Dat heeft de praktische reden dat het onderzoek zoals we dat nu hebben uitgezet, niet geschikt is voor mensen met een verstandelijke beperking. Om hun mening te horen, hebben we meer tijd nodig. In de toekomst zijn we wel van plan ook bewoners zelf te vragen hoe hun ervaringen zijn.”
Woont uw achterban in christelijke instellingen?
„Dat wisselt. Maar een gebrek aan aansluiting op het gebied van geloof is niet iets wat alleen speelt in niet-christelijke instellingen. Tegenwoordig lukt het christelijke zorgorganisaties ook niet meer om alleen gelovig personeel aan te nemen. Daardoor kan iemand een begeleider hebben die niet veel begrijpt van de geloofsbeleving van zijn of haar bewoners.”
Op welke manier zou er in ieder geval ruimte moeten zijn voor iemands geloof in een instelling?
„Het is belangrijk dat er aandacht is en tijd genomen wordt voor bewoners die bijvoorbeeld een stukje uit de Bijbel willen lezen en willen bidden voor het slapengaan. Ook zou kerkgang georganiseerd moeten zijn, hetzij in de instelling, hetzij in de plaatselijke kerk. Verder is het geloof juist bij verdrietige gebeurtenissen zoals een overlijden en rondom feestdagen, van grote waarde. Daarbij moet worden stilgestaan. En op al die punten gaat het vaak goed, maar is er ook op sommige plekken nog werk aan de winkel. We hopen dat onze aanbevelingen worden opgevolgd.”
Vond u dit artikel nuttig?
Gerelateerd nieuws
- Meer over
- Gehandicaptenzorg




