BinnenlandInterview

Oorlogsgeweld treft cultureel erfgoed: „Met het vernietigen ervan raak je de vijand in de kern van zijn wezen”

Een Russische voltreffer zorgde er in de nacht van zondag op maandag voor dat een eeuwenoud klooster in Kyiv zwaar beschadigd raakte door brand. Zo’n aanval tijdens een oorlog is niet voor het eerst. Wat maakt cultureel erfgoed tot een oorlogsdoelwit?

Brandweerlieden onderzoeken een zwaar uitgebrand en ingestort dak, omringd door zwartgeblakerde balken en puin. Daarachter een grote toren met een gouden koepel tegen een blauwe lucht met wolken.
Een dag na de Russische inslag werken Oekraïense brandweermannen tussen het puin van het Holenklooster in Kyiv. beeld AFP, Tetiana Dzhafarova

De korf van een hoogwerker van de Oekraïense brandweer hangt eenzaam boven het rokende, door vlammen oplichtende gat in het Holenklooster, zo is op beelden te zien. In de nacht van zondag op maandag werd het eeuwenoude gebouw geraakt tijdens een zware Russische drone- en raketaanval op Kiev.

Oekraïne reageerde furieus, waarna de westerse wereld volgde. Het klooster dateert uit 1051. In 1990 kwam het op de werelderfgoedlijst. Tot 2023 was het gebouw een van de belangrijkste centra van de Russisch-Orthodoxe Kerk. Daarna kwam het in handen van de Oekraïens-Orthodoxe Kerk, mede door de spanningen vanwege de Russische inval in 2022.

Pijn

Het is nog niet volledig zeker dat Rusland expres het Holenklooster aanviel, benadrukt Martijn Eickhoff, bijzonder hoogleraar Archeologie en Erfgoed van Oorlog en Massaal Geweld aan de Rijksuniversiteit Groningen en directeur van het NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies. Maar wel zeer waarschijnlijk, zegt hij erachteraan.

„Een aanval op cultureel erfgoed is betekenisvol geweld”

Martijn Eickhoff, bijzonder hoogleraar

Eickhoff vind de aanval ook opvallend. Het is niet de eerste keer dat cultureel erfgoed slachtoffer is van geweld tijdens een oorlog. „Met het vernietigen van cultuur raak je de vijand in de kern van zijn wezen”, zegt hij. „Niet voor niets wordt er wel gesproken van culturele genocide. Het aanvallen van cultureel erfgoed doet een volk echt pijn.”

Cultuur wordt onderdeel van de strijd, zegt Eickhoff. Hij is het dan ook niet eens met Ursula von der Leyen, voorzitter van de Europese Commissie, die de Russische aanvallen „zinloos geweld” noemde. „Daarmee ontkracht ze de diepe betekenis ervan”, zegt Eickhoff. „Een aanval op cultureel erfgoed is betekenisvol geweld. Gedeeld erfgoed motiveert mensen om te vechten. Als je ze daar raakt, deel je een klap uit aan de tegenstander.”

Onbewust

Cultureel erfgoed is een aantrekkelijk, symbolisch doelwit, beaamt Samuël Kruizinga, universitair hoofddocent Oorlogsstudies en Moderne Geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam. „Als het bewust wordt aangevallen, wordt er niet alleen een leger aangevallen, maar ook iets essentieels, iets van de identiteit van de vijand.”

In oorlogen wordt cultureel erfgoed echter vaak zonder opzet getroffen, stelt Kruizinga. „Bijvoorbeeld als militaire doelen in een stad worden aangevallen. Het is dan een neveneffect als er cultureel erfgoed beschadigd raakt.”

Dit gebeurde bijvoorbeeld in de Tweede Wereldoorlog, zegt de universitair hoofddocent. De geallieerden voerden toen grote bombardementen uit op Duitsland en Japan. „Het officiële doel was militair, maar vaak werden ook huizen, kerken, tempels en musea getroffen.”

Vernederend

Ook in andere oorlogen werd cultureel erfgoed slachtoffer van geweld. In 2015 vernietigden IS-strijders historische kunstschatten in de Iraakse stad Nineveh. Islamitische Staat (IS) viel erfgoed vaak aan vanuit een religieus motief, zegt Eickhoff. „Plekken waar westerse archeologen aan het werk waren geweest, vonden ze koloniaal. De opgegraven schatten vonden ze afgoderij. Daarmee raakte IS bewust het Westen.”

Het roven van cultureel erfgoed is met vernietiging vergelijkbaar, vindt hij. „Je vernietigt de cultuur van je vijand, of je ontneemt die en geeft haar een plaats in een andere context. Dat laatste gebeurde bijvoorbeeld in de Tweede Wereldoorlog, toen de Duitsers van Thorarollen schoenzolen maakten. Dat was echt vernederend.”

Met een aanval op cultureel erfgoed raakt de vijand de waardigheid van de samenleving, zegt Eickhoff. „Een gebouw kan een symbool zijn van eigenheid, menselijkheid en beschaving. Als een tegenstander bijvoorbeeld wraak wil, of vernedering, is een aanval daarop heel effectief.”