Cultuur & boekenReportage

Margarit Groothedde heeft ernstig hersenletsel en schreef een prentenboek

Margarit Groothedde en kinderboekillustrator Philip Hopman. Rechts Grootheddes zorgbegeleider Eugenie van Ruitenbeek. beeld Sjaak Verboom

Met haar ogen spelde ze elke letter in ”Jodokus”.  Zo maakte de lichamelijk ernstig beperkte Margarit Groothedde haar droom waar: een kinderboek schrijven. Veelbekroond illustrator Philip Hopman werkte graag mee.

Het is druk in het atelier van Philip Hopman. Een hondje drentelt rond de tekentafel. Knol, het paard dat bekend werd dankzij de populaire Boer Borisserie, staat in een weiland tegenover het huis. Het is 5 december, er is zelfgebakken speculaas – en Margarit Groothedde (39) is voor de tweede keer bij Hopman, in Egmond aan den Hoef. Ze werken samen aan een bijzonder project: een prentenboek waarvan de tekst is geschreven door Groothedde. De Apeldoornse dertiger liep in 2010 ernstig hersenletsel op toen ze door gladheid met de auto tegen een boom botste. Ze is volledig afhankelijk van de zorg van anderen en kan alleen communiceren door te knipperen met haar ogen.

„Klinker of medeklinker?” Groothedde knippert als de juiste letter voorbijkomt

Toen een schoolvriendin tijdens een bezoekje stapels grappige schrijfsels uit Margarits middelbareschooltijd meenam, dacht haar zorgverlener Eugenie van Ruitenbeek: hier moeten we iets mee. De creativiteit en fantasie van Margarit – ze werkte als docente Nederlands – bleken nog net zo groot als vroeger. Uiteindelijk rolde er een verhaal uit. Elke letter die in het boek ”Jodokus” staat, spelde ze. Dat gaat zo: Van Ruitenbeek vraagt „Klinker of medeklinker?”, somt vervolgens op alfabetische volgorde de letters op en Groothedde knippert met haar ogen als de juiste letter voorbijkomt (zie ”Van losse scènes naar prentenboek”).

Tekentafel met vellen papier met illustraties van een goudgeel landschap en een volgepakt Volkswagenbusje. Op de voorgrond onder meer potloden.
Aan Hopmans tekentafel. beeld Sjaak Verboom

Margarit Groothedde zit aan de ruime tekentafel, naast haar vader, die haar naar Noord-Holland vervoerde. Een chique, zwarte doos met kleurpotloden in 76 tinten staat voor het grijpen. Her en der op het werkblad liggen handjes losse potloden en paletten met opgedroogde verf. „Mar, jij bent de ster van vandaag”, zei Margarits vader, toen hij haar rolstoel zo-even naar deze plek pal tegenover Hopman manoeuvreerde. Zorgverlener Van Ruitenbeek zit aan haar andere zijde.

Ook Eugenies man Jan Nouwen en zoon Tygo zijn dit keer van de partij. Het hoofddoel van deze middag: een promotiefilmpje maken voor bij het boek, dat in juni zal verschijnen. Tygo heeft zijn drone meegenomen om opnames te maken. „Ik heb een draaiboek gemaakt”, steekt Nouwen van wal. „We filmen één deel hier en één deel in Apeldoorn, bij Margarit.” Deze dag is Egmond aan de beurt. Tygo laat de drone van buiten naar binnen vliegen, zo het atelier in. Het filmpje brengt je van schrijver naar illustrator, is het idee.

In het atelier staat een boekenkast met eigen werk van Hopman: rijen kleurige kaften. Behalve Boer Boris gaf hij veel andere kinderboekenhelden een gezicht: van Abeltje van Annie M.G. Schmidt tot Jubelientje van Hans Hagen. Het prentenboek ”Een ober van niks” – met tekst van Tjibbe Veldkamp – is met de omslag naar voren gericht: een sliertige ober die twee kommen soep opdient, op een lichtblauwe achtergrond.

Een man met een potlood in zijn hand wijst iets aan op een tekening van een grote Chinese ballon. Zijn linkerhand ligt op de schouder van de vrouw naast hem.
Philip Hopman maakte een Chinese ballon van de luchtballon die Margarit Groothedde in haar tekst opvoert. beeld Sjaak Verboom

Het is het boek waardoor Groothedde bij Hopman terechtkwam, vertelde Van Ruitenbeek eerder aan de telefoon. Zelf las ze het eindeloos voor aan haar kinderen en ze moest meteen aan deze illustrator denken toen ze iemand zocht die tekeningen kon maken bij Margarits verhaal. Dus stuurde ze Hopman een mail, niet wetend dat hij een van de belangrijkste kinderboekenillustrators is en zelfs de Max Velthuijs-prijs kreeg voor zijn oeuvre.

„Zo’n verhaal als dat van Mar, dat raakt je”

Philip Hopman, illustrator

Hopman twijfelde geen moment. „Zo’n verhaal als dat van Mar, dat raakt je. Toen ze hier van de zomer voor het eerst kwam, was onze dochter Sam er ook. We waren er stil van. Je bent je er ineens heel bewust van dat het niet normaal is dat je na zo’n afspraak zomaar op de fiets stapt. Mars situatie is haast niet voor te stellen. Alles moet je via een omweg de wereld in helpen.”

Hij moest aan de hoofdredacteur van de Franse krant Elle denken, Jean-Dominique Bauby, die verlamd raakte na een beroerte en op vergelijkbare manier zijn biografie schreef: ”The diving bell and the butterfly”. „Met engelengeduld en moed en toewijding kan dat. Dat is ook een beetje de boodschap van Margarits verhaal: Je kunt meer dan je denkt.”

In het boek gaan Jodokus en Saartje samen op reis naar China, met de bus. Jodokus is een jongetje met rood haar en een brilletje, dat wist Margarit van begin af aan. Hopman tekende een kind met een eigenzinnige oranjerode kuif en een rood brilletje, zo’n zwierig Hopmanpersonage.

Man op de voorgrond wijst iets aan op een tekening van een rood-wit Volkswagenbusje.
Illustraties uit ”Jodokus”. Hopman tekende onder meer een volgepropt rood-wit Volkswagenbusje. 

Het verzoek om mee te werken kwam „just in time”, aldus de illustrator. Hij zat in een sabbatical – na twintig delen Boer Boris – en had dus ook de ruimte om met de schrijfster in spe in zee te gaan. En het leuke was dat het een heel ander project was dan anders. „Het verhaal kwam in flarden per mail bij me binnen. Niet alles was vastomlijnd, daardoor kon ik heel vrij gaan tekenen.” Bovendien werkte hij voor dit prentenboek met kleurpotlood. „Boer Boris teken ik met inkt, en kleur ik met aquarel en acryl. Ik had zin in iets anders.”

De tekentafel is bezaaid met grote vellen papier, met tekeningen in diepe kleuren. Het zijn de originelen, als bescherming ligt er plastic overheen. Een volgepropt rood-wit Volkswagenbusje springt van de pagina, haast letterlijk. Een groene vuurspuwende draak balanceert op een pagode, zo’n toren die elke verdieping smaller wordt. Op een andere plaat kronkelt de Chinese Muur door een goudgeel landschap.

Heerlijk, al die Chinese elementen, vindt de illustrator

Heerlijk, al die Chinese elementen, vindt de illustrator. Het spectaculaire berglandschap van Zuid-China, de kostuums – Hopman pakte er graag mee uit. Hij tekende én vulde alles op met potlood – kreeg lamme vingers van het streepjes zetten. Zijn tekeningen hadden soms invloed op het verhaal, vertellen Grootheddes begeleiders. „Je had ineens een Chinese ballon getekend, terwijl Margarit een luchtballon bedacht.” Rood-geel gestreept is de ballon en met kwastjes, vanzelf. Het was een wisselwerking, dat inspireren, geeft Hopman aan. „Ik zag het kasteel van de draak bijvoorbeeld meteen voor me: in de mistige bergen.” Zo tekende hij het ook, met in zijn achterhoofd beelden uit ”The Lord of the Rings”.

Twee kleurrijke getekende illustraties van een landschap en een toren met een draak erop. Links ervan een hoopje potloden en twee verfpaletten.
Hopman pakte in het boek uit met allerlei Chinese elementen. beeld Sjaak Verboom

„Toen Mar hier voor het eerst was, had ik al een aantal schetsen klaar. Toen werd het project ineens tastbaar.” Hopman kijkt Groothedde aan. „Dat vond je leuk hè, Mar?” „Wil je wat zeggen?” vraagt zorgverlener Van Ruitenbeek haar. „Medeklinker, klinker? Medeklinker?” „H-e-e-l l-e-u-k”, spelt Groothedde. „Toen je die tekeningen zag, Mar, werd je er ook weer creatiever van”, herinnert Van Ruitenbeeks partner Nouwen zich.

De middag in december is Hopman vooral aan zet. Hij mag voor de camera vertellen waarom hij dit project is aangegaan. Dat doet hij met verve, net als eerder, voordat de camera draaide. Als de schemering is ingevallen, de opnames binnen zijn en de laatste zaken besproken, wil Groothedde nog wat kwijt. „Ze is je heel dankbaar, Philip”, tolkt Van Ruitenbeek. Philip Hopman krijgt tranen in zijn ogen, loopt naar haar toe en legt een hand op haar schouder. „Ik ben jou ook heel dankbaar, Mar.”

Populaire artikelen