Sollicitant wil in gesprek met een mens, niet met AI
Bedrijven gebruiken steeds vaker kunstmatige intelligentie als het gaat om het werven en selecteren van nieuw personeel. Dat zou eerlijk en efficiënter zijn, maar de meeste potentiële werknemers vinden het maar niets.

Veel mensen zullen het herkennen: juist op de dag waarop het sollicitatiegesprek plaatsvindt, zit je niet goed in je vel. Je gaat er met lood in de schoenen heen en hebt een moeizame conversatie. Met als gevolg misprijzende blikken aan de andere kant van de tafel. Het is duidelijk dat degenen die je hebben uitgenodigd hun twijfels hebben.
Dat soort situaties kan vermeden worden als een toekomstige werknemer niet langer door mensen, maar vooral door AI wordt beoordeeld. Kunstmatige intelligentie maalt er niet om als iemand slordig is gekleed, snottert en hoest, of niet al te fris ruikt. AI kijkt naar andere kwaliteiten, zoals arbeidsprestaties en kennis.
Beter toch? Veel werkgevers vinden van wel. Ze denken dat ze toekomstige werknemers beter kunnen beoordelen en zien daarnaast financiële voordelen. Het werven van nieuwe mensen is kostbaar. Personeelsadvertenties kosten geld, wervingsbureaus vaak nog veel meer. Als AI bepaalde taken kan overnemen door middel van algoritmes, bespaart een ondernemer al snel duizenden euro’s per sollicitatieprocedure. Wereldwijd gebruikte vorig jaar meer dan 43 procent van de bedrijven en instellingen AI voor wervingstaken, terwijl dat in 2024 nog 26 procent was.
Onpersoonlijk
Werknemers blijken echter heel anders tegen het gebruik van AI bij een sollicitatie aan te kijken, blijkt uit een onderzoek van The Talentpool onder honderden werknemers, waarvan de resultaten eind februari naar buiten werden gebracht. The Talentpool is een Nederlands wervingsplatform waarop werkgevers banen aanbieden en kandidaten naar elkaar doorverwijzen. Tal van organisaties hebben zich erbij aangesloten.
Volgens het onderzoek willen maar heel weinig sollicitanten door AI worden beoordeeld. Slechts 2 procent van de ondervraagde werknemers geeft daaraan duidelijk de voorkeur. Ruim 9 procent aarzelt, terwijl 89 procent kiest voor een mens van vlees en bloed.
Bijna de helft van de werkzoekenden ziet kunstmatige intelligentie als onpersoonlijk en 40 procent geeft aan zich ronduit ongemakkelijk te voelen als AI een rol speelt bij de sollicitatie.
„Kandidaten willen worden gezien als persoon”, zegt Yente van den Bosch, communicatieadviseur van The Talentpool. „Neem het beoordelen van iemand op grond van zijn of haar cv. Een algoritme leest een tekst; een mens leest een verhaal.”
Daardoor kan AI volgens haar mensen als ongeschikt beoordelen, terwijl een werkgever die een cv leest juist denkt: dat klopt misschien niet helemaal, maar is wel interessant.
Mensen die een baan zoeken zijn niet alleen bang voor het onpersoonlijke van AI, ze vrezen ook ondoorzichtigheid. Zo vermoeden ze bijvoorbeeld dat ze kunnen worden afgewezen op basis van een ontbrekend trefwoord, zonder dat hun werkelijke kwaliteiten worden beoordeeld.
Volgens Van den Bosch komt daar nog bij dat AI-modellen soms subtiele vooroordelen vertonen, zoals een voorkeur voor bepaalde opleidingsinstituten of demografische kenmerken. Kandidaten vertrouwen ook daarom meer op het oordeel van een mens, die ze recht in de ogen kunnen kijken, dan op een verborgen algoritme. „Kortom, bedrijven denken geld te besparen, maar ze vergeten gemakkelijk dat er veel nadelen aan het gebruik van kunstmatige intelligentie kleven.”



