Syrië stijgt hard op nieuwe Ranglijst Christenvervolging
De Ranglijst Christenvervolging van Open Doors kent dit jaar een nieuwkomer in de top 10: Syrië. Door toenemende dreiging van jihadisten onder het nieuwe, islamistische regime, eindigt het land op de zesde plaats.

De ranglijst die Open Doors ieder jaar opstelt, legt opnieuw trends bloot. Vorig jaar werden 388 miljoen christenen zwaar vervolgd of gediscrimineerd – 8 miljoen meer dan het voorgaande jaar. Ook het aantal christenen dat werd gedood vanwege hun geloof, steeg met bijna 400 naar 4849 mensen, in tegenstelling tot de daling die in 2024 werd gemeld.
Open Doorsdirecteur Marc de Graaf benadrukt dat zowel de politiek als de wereldwijde kerk niet mogen wegkijken van deze cijfers. „Elk jaar laat de Ranglijst Christenvervolging een schokkend beeld zien. Een beeld van geweld, van druk en controle en van een steeds groter wordende groep christenen die hiermee geconfronteerd wordt.”
De lijst wordt grotendeels gevormd door dezelfde landen als in de vorige rapportages. Uitzondering is Vietnam: het land verdween uit de top 50, terwijl Nepal als nieuwkomer terechtkwam op plaats 46. Ook de top 3 is ongewijzigd: Noord-Korea eindigt voor de vierentwintigste keer bovenaan, en wordt net als vorig jaar gevolgd door Somalië en Jemen.
Syrië
De meest opmerkelijke stijger op de nieuwe ranglijst is Syrië, dat op plaats zes is beland. Vorig jaar stond het land op de achttiende plek. Volgens Open Doors is de sterke toename te wijten aan de machtsovername door Hay'at Tahrir al-Sham (HTS) in december 2024, na de val van de regering-Assad. Sinds 2011 woedde er een oorlog tussen het regime en rebellengroepen, waar ook terreurorganisatie IS zich vanaf 2014 in mengde.
Hoewel Syrië tijdens de oorlog voor christenen al onveilig was, genoten zij nog een zekere bescherming van de regering-Assad. Nu Assad echter is weggevallen als grote tegenstander van islamitische jihadisten, valt ook deze broze bescherming weg. Christenen worden in toenemende mate bedreigd door een steeds extremistischer samenleving.
Zo werd in december het kerkgebouw van het Grieks-orthodoxe aartsbisdom in de stad Hama aangevallen door onbekende milities. Meer aanvallen op kerken volgden, waarbij gebouwen en symbolen verwoest werden. In Damascus vielen in juni 2025 22 doden en 63 gewonden, toen de Mar-Eliaskerk werd aangevallen door een zelfmoordterrorist. Openlijke haat en propaganda maken christenen terughoudend om hun geloof te uiten. Het is volgens Open Doors dan ook moeilijk te zeggen hoeveel christenen er precies in Syrië wonen, maar de organisatie schat het aantal op zo’n 300.000 – honderdduizenden minder dan tien jaar geleden.
Maximaal geweld
Dit jaar behaalden drie landen de maximale score voor geweld tegen christenen – opvallend genoeg alle drie Afrikaanse landen ten zuiden van de Sahara: Sudan, Nigeria en Mali. Hoewel geweld in deze door conflicten verscheurde landen vaak ook tegen moslims of etnische groepen is gericht, lijden christenen hier zwaar onder. In Nigeria werden volgens Open Doors veruit de meeste christenen gedood om hun geloof, met een totaal van 3490.
Maar vervolging wordt niet alleen uitgedrukt in fysiek geweld; ieder jaar vormen ook onderdrukking in de publieke ruimte of in familieverband een onderdeel van de analyse. Zo behaalde China dit jaar een recordscore, mede omdat het communistische regime in 2025 nieuwe regels opstelde die het internetgebruik van religieuze leiders reguleren en controleren.
Stijgen of dalen op de lijst blijft altijd relatief. Dat landen een plaats dalen, betekent niet dat de vervolging er ook is afgenomen. Zo daalde Turkmenistan zes plaatsen, terwijl de score van het land gelijk bleef. Hetzelfde geldt voor Oman. Voor landen als China, Iran of Afghanistan geldt zelfs dat zij op de lijst daalden, terwijl hun totaalscore toenam met een of twee punten.





