Meditatie: Krijgen en ontvangen
„O alle gij dorstigen, komt tot de wateren, en gij die geen geld hebt, komt, koopt en eet, ja, komt, koopt zonder geld en zonder prijs, wijn en melk.”
Jesaja 55:1
Als de Heere bij al het lichamelijke ook het geestelijke werk in het hart gegeven heeft, dan zegt zo iemand: „Ik neem de Heere Jezus aan, ik neem al Zijn goederen en schatten aan, en ik erken en dank Hem ervoor als voor een grote gunst. Ik stel het nooit hoger te boek dan als krijgen en ontvangen, zonder geld of zonder prijs, boven mijn verdiensten. Het is genade.”
„Dat ontvangen wij”, zei de apostel in Johannes 1, „ik Johannes, en die twee discipelen die bij hem waren”. „Ik, Johannes, acht mij niet hoger dan anderen, dan die twee discipelen en dan allen die de Heere in de wereld nog zullen volgen, allen die onder de schaduwen geleefd hebben in het Oude Testament, en die zonder schaduwen geleefd hebben in het Nieuwe Testament, en die ten tijde van die voorloper geleefd hebben, van Adams tijd, van Abrahams, Mozes’, Davids tijden, in het Oude en het Nieuwe Testament.
Voor die allen is Christus een volheid, een Put van levende wateren. Zij zullen allen op dezelfde wijze zalig worden, of zij nu ten tijde van het Oude of in de tijd van het Nieuwe Testament geleefd hebben, van welke slag, aard en aanzien iemand is, of hij veracht en arm is of rijk, bestreden of niet bestreden, zowel een gekrookt rietje als een sterke. De zwakke evenals de sterke: wij allen ontvangen ook genade voor genade.
Bernardus Smijtegelt,
predikant te Middelburg
(”Een woord op zijn tijd”, 2003)
- Meer over
- Meditatie




