Koning Willem-Alexander: Het kerstverhaal verbindt het allerkleinste met het allergrootste
Koning Willem-Alexander zou het mooi vinden als „iedere generatie als eerste doel zou hebben om de wereld in een iets betere toestand over te dragen aan de generatie erna”.

Dat is niet eenvoudig, zei de koning donderdag in zijn jaarlijkse kersttoespraak. „Maar dat betekent nog niet dat we machteloos zijn. Er is zoveel wat we dicht bij huis kunnen doen. Dat begint met: zuinig zijn op wat ons verbindt”, aldus koning Willem-Alexander. „Onze democratie en onze rechtsstaat. Onze leefomgeving. Onze vrijheid. En onze verantwoordelijkheid voor elkaar. Weerbaarheid en zelfredzaamheid zijn essentiële vaardigheden. Maar zonder gemeenschap waarin mensen naar elkaar omkijken, naar elkaar luisteren en elkaar steunen, gaat het niet.”
Gemeenschapszin is volgens de koning „de sleutel”. „Het is belangrijk dat kinderen dit van jongs af aan meekrijgen.”
De koning begon zijn toespraak met een verwijzing naar het kerstevangelie. „Wat maakt het kerstverhaal zo mooi? Waarom blijft het zoveel mensen raken? Het heeft te maken met de nabijheid en herkenbaarheid ervan. Het kerstverhaal verbindt het allerkleinste met het allergrootste. De Redder van de wereld komt ons vrede brengen. Niet als superheld, maar als pasgeboren kind in een ‘gewoon’ timmermansgezin.”
Kraambezoek
Ieder jaar worden in ons land meer dan 160.000 kinderen geboren, zei de koning, zonder iets te zeggen over de tienduizenden abortussen. „Misschien bent u zelf moeder of vader geworden dit jaar. Misschien werd u grootouder, oom of tante. Of anders ging u wellicht op kraambezoek bij vrienden, collega’s of buren. Telkens is het weer aangrijpend om dat nieuwe leven te zien.”
De koning koppelde de geboorte van Christus aan de grote betekenis van geboorten in gezinnen en families. „Het brengt de heilsboodschap dicht bij huis. Als ouder denk je direct aan je eigen kinderen. Je gunt ze het allerbeste en hebt daar alles voor over. En tegelijkertijd besef je dat hun toekomst onlosmakelijk verbonden is met die van alle andere kinderen.”
De koning haalde herinneringen op aan de geboorte van zijn eigen dochters. „Ook al zijn onze dochters inmiddels volwassen, ik herinner me nog goed hoe het was. Je wereld wordt opeens heel erg klein. Alles valt stil. Alles wordt relatief, behalve dat kleine wezen in je armen. Je wilt het beschermen tegen alle kwaad, het gelukkig maken. Dat oergevoel is heel sterk, zelfs tijdens de vele gebroken nachten.”
Koning Willem-Alexander stelde in zijn toespraak de vraag wat voor wereld we willen achterlaten voor volgende generaties. „Die ruimte vinden ze niet in een wereld waarin vergissingen keihard worden afgestraft”, zei hij onder meer. „En waarin jonge mensen bang zijn om te worden beoordeeld en afgerekend op hun uiterlijk, hun achtergrond, hun seksuele gerichtheid of hun prestaties.”
Vond u dit artikel nuttig?
- Meer over
- Advent en Kerst
- Koning Willem-Alexander




