OpinieOpinie

Wees zorgvuldig als je Bijbelteksten doortrekt naar nu

Wie de wet van Mozes op zoiets als het asielvraagstuk wil toepassen, moet oog hebben voor de totaalboodschap van de Bijbel en rekening houden met de voortgang van het oude naar het nieuwe verbond.

Kerkinterieur met groot bord met de Tien Geboden
„De morele wetten zijn altijd en overal geldig, het duidelijkst in de Tien Geboden.” Foto: dorpskerk Capelle aan den IJssel. beeld RD, Anton Dommerholt

Christelijke Apologeet is heel stellig: de „letterlijke geboden” van de wet van Mozes zijn blijvend geldig, behalve als het gaat om ceremoniële geboden die in het Nieuwe Testament vervuld zijn (RD 12-11). Daarom kan Chris Verhagen uit het Oude Testament allerlei „Bijbelse principes” afleiden om een zo strikt mogelijk immigratiebeleid te rechtvaardigen.

Het ging Greg Bahnsen en de zijnen om een streven naar volstrekte theocratie in onze moderne samenleving

Mijn kritiek op zijn Bijbelgebruik (RD 4-11) maakt geen indruk op hem. Met beroep op Jezus’ woord dat geen tittel of jota uit de wet zal vergaan (Mattheüs 5:18) verwijt hij mij dat ik de wet van Mozes reduceer tot „de meest kernachtige morele ingrediënten” als barmhartigheid en rechtvaardigheid, die de moderne mens vervolgens opnieuw en anders mag uitleggen. Ik zou de geboden van Mozes’ wet afdoen als irrelevant voor andere volken en tijden en de toepassing van die wet voor Nederland nu „breed verwerpen”. Je wrijft echt je ogen uit bij het lezen van deze repliek. Zo onduidelijk was mijn artikel toch niet, toen ik Verhagen wees op zijn blinde vlek voor historische context en heilshistorische voortgang in de Bijbel.

Theonomie

Het boek ”Theonomy in Christian Ethics” van Greg Bahnsen heeft Verhagen geïnspireerd tot zijn visie op het Oude Testament. Al een halve eeuw geleden gaf Bahnsen ruim baan aan de ideeën van R.J. Rushdoony over ”christian reconstructionism” en ”theonomy”. Het betreft een radicaal-conservatieve Amerikaanse stroming die van mening is dat de Bijbelse wetten (behalve de ceremoniële) blijvend bindend zijn. Het Oude Testament moet vandaag rechtstreeks civiel-juridisch worden toegepast. Inclusief de strafwetten: wie homoseksueel verkeer heeft (Leviticus 20:1), overspel pleegt (Deuteronomium 22:22) of totaal ongehoorzaam is aan zijn ouders (Deuteronomium 21:21) verdient de doodstraf. Autonomie is fout, democratie is bedenkelijk, theonomie (”wet van God”) is geboden.

Hoewel de wet van Mozes op overspel de doodstraf stelt, spreekt Jezus de overspelige vrouw vrij

Het ging Bahnsen en de zijnen om een streven naar volstrekte theocratie in onze moderne samenleving. In dit spoor kan Verhagen dus probleemloos verwijzen naar bijvoorbeeld de uitsluiting van Ammonieten en Moabieten uit de gemeente van Israël (Deuteronomium 23:3) of de bouw van de muur rond Jeruzalem (Nehemia 2) om de grenzen van Nederland streng te laten bewaken. Naar Ruth de Moabitische verwijst hij niet, evenmin naar bijvoorbeeld Psalm 87 of het boek Jona. Een consequent doorredeneren in de lijn van deze hermeneutiek levert trouwens veel problemen op. Denk slechts aan de wetgeving over lijfstraffen, slavernij of het zwagerhuwelijk.

Vervulling van de wet

In de theologie is veel nagedacht over de geldigheid van de wet van Mozes. Die is ons immers gegeven om te onderrichten (Romeinen 15:4; 2 Timotheüs 3:16). Jezus is niet gekomen om de wet te ontbinden, maar om die te vervullen. ”Vervullen” is iets anders dan letterlijk handhaven. Hij kwam om de wet ”vol te maken”, tot volle ontplooiing te brengen. Geen tittel of jota is daarin tevergeefs geschreven, het zal alles tot zijn doel komen (Mattheüs 5:18). In hetzelfde hoofdstuk steekt Jezus af naar de geestelijke dieptedimensie van de wet en radicaliseert hij wetgeving (vers 28, over echtbreken) of perkt hij die in (vers 31, over eedzwering).

Theologen hebben onderscheid gemaakt tussen ceremoniële, civiele en morele wetten

Hoewel de wet van Mozes op overspel de doodstraf stelt, spreekt Jezus de overspelige vrouw vrij (Johannes 8). Het apostelconvent (Handelingen 15) besluit om de niet-Joodse gelovigen niet meer te binden aan de wet van Mozes. Ze moeten zich wel onthouden van onder andere het eten van bloed (een gebod waar de kerk zich nauwelijks iets van aantrekt).

Onderscheiden wetgeving

Toch heeft Mozes’ wet niet afgedaan. Die is blijvend Woord van God. Niet alleen voor Israël daar en toen, maar voor alle volken van alle tijden. Maar hóé dan? Want Israël was een ”theocratische” staat in een specifiek land, Kanaän. Daarop is veel wetgeving in het Oude Testament gericht. Die kan niet zomaar worden overgeplaatst naar een democratie anno 2025.

Theologen hebben onderscheid gemaakt tussen ceremoniële, civiele en morele wetten. De eerste –bijvoorbeeld het brengen van offers of het scheiden van rein/onrein voedsel– gelden voor ons niet meer. De laatste zijn altijd en overal geldig, het duidelijkst in de Tien Geboden. De civiele wetten zijn toepasbaar, maar beperkt, omdat in Christus een nieuwe heilsbedeling begon waarin Gods volk niet meer gebonden is aan die éne natie en dat éne land. Dit onderscheid tussen drieërlei soort wetten is niet steeds even helder, omdat sommige wetten niet zo simpel in een categorie zijn in te delen. Toch kan deze driedeling globaal wel richting geven aan ons lezen van de oudtestamentische wetgeving.

Blijvende geldigheid

Tegelijk blijft de wet van Mozes krachtig tot ons spreken. Het gaat erom de geestelijke principes die eraan ten grondslag liggen, de morele waarden die erin verwoord worden, steeds weer te ontdekken en te vertolken naar vandaag. Zo is de wet van blijvende waarde voor alle tijden. Van belang is altijd weer het zicht op de totaalboodschap van de Bijbel, waarbij we rekening houden met de voortgang van het oude naar het nieuwe verbond. Dat vraagt om zorgvuldigheid in de omgang met het Oude Testament, iets waarin de video van Chris Verhagen zonder meer tekortschiet. Liever langer luisteren. Dat is mijn blijvend advies aan Christelijke Apologeet.

De auteur is emeritus hoogleraar Oude Testament aan de TUA.