EconomieBestaanszekerheid

Ondanks duurdere boodschappen toch meer overhouden

Nederlandse huishoudens houden meer geld over na het betalen van de vaste lasten en boodschappen dan in 2019. Dit ondanks de fors gestegen prijzen in de supermarkt.

Mevrouw in oranje jas rekent boodschappen, waaronder een bakje druiven, af bij de kassa van een supermarkt. 
Voedingsmiddelen zijn ongeveer 20 procent duurder dan drie jaar geleden. beeld ANP, Rob Engelaar 

Volgens een dinsdag verschenen rapport van ABN AMRO is de bestaanszekerheid van Nederlanders daardoor toegenomen.

De prijsstijgingen in de supermarkt zijn niet misselijk. Voedingsmiddelen zijn ongeveer 20 procent duurder dan drie jaar geleden. Gemiddeld geeft een Nederlands huishouden zo’n 585 euro per maand uit aan boodschappen, dat is ongeveer 135 euro per week. Driekwart van de huishoudens lukt het om onder de 785 euro per maand te blijven.

Onverwachte kosten

Een doorsneegezin in Nederland hield in 2025 een groter aandeel van het inkomen over dan in 2019, ondanks de duurdere boodschappen en de gestegen vaste lasten. Aan deze twee kostenposten besteden huishoudens nu ongeveer 52,5 procent van hun inkomen, tegen 55,5 procent in 2019.​ Er blijft dus meer geld over voor andere bestedingen of om klappen op te vangen.

Voornaamste reden daarvan is dat de stijgende inkomens de oplopende kosten hebben gecompenseerd.

Zeker niet elk huishouden is erop vooruitgegaan. Ongeveer 10 procent van de onderzochte groep (ruim 150.000 huishoudens) geeft meer dan 80 procent van het inkomen uit aan vaste lasten en boodschappen. Het aandeel huishoudens met zo’n hoge financiële druk is wel gedaald.​

Juist deze groep heeft weinig ruimte om onverwachte kosten op te vangen. Dat maakt gerichte ondersteuning en beleid richting kwetsbare groepen volgens de ABN AMRO-onderzoeker belangrijk, nu de politieke discussies over koopkracht en bestaanszekerheid doorzetten.​