BinnenlandInterview

Update voor lesmethode Wonderlijk gemaakt: „Bijbelse opvattingen en respect voor andersdenkenden gaan prima samen”

De lesmethode Wonderlijk gemaakt is herzien. Welke keuzes maakten de schrijvers van de christelijke methode voor relationele en seksuele vorming?

Man met baard en bril en een vrouw met een bril zitten naast elkaar aan een tafel waarop de lesmethode Wonderlijk gemaakt ligt.
Martijn Schumacher (l.) en Bertine Haverhals werkten aan de herziening van Wonderlijk gemaakt, een bekende lesmethode voor seksuele vorming die veel christelijke scholen gebruiken. beeld Van der Wal Fotografie, Rens de Groot

Geen thema trekt meer belangstelling voor een ouderavond dan seksuele opvoeding, weet Martijn Schumacher. Hij staat vaak voor volle zalen, waar stoelen bijgezet moeten worden. Hoewel hij meeschreef aan de lesmethode Wonderlijk gemaakt, vindt hij nog altijd dat de primaire taak om over relaties en seksualiteit te spreken bij de ouders ligt. „Als vader zou ik ook niet willen dat mijn kinderen daar voor het eerst op school over horen.”

Met ouderboekjes en -avonden moedigt Driestar onderwijsadvies opvoeders aan om de onderwerpen uit de lessen tijdig thuis aan bod te laten komen. Toch zien leerkrachten in de klas grote verschillen, weet Schumacher uit ervaring. „Sommige leerlingen zouden de les qua kennis kunnen overnemen. Anderen zitten met hun oren te klapperen.”

Reuring

Wát kinderen op school meekrijgen over relaties en seksualiteit is ook buiten het christelijk onderwijs niet onomstreden. Dat bewijst de terugkerende ophef rond de Week van de Lentekriebels wel. Kan kennis over geslachtsdelen kinderen aanzetten tot seksuele handelingen? Gaan ze twijfelen aan hun genderidentiteit als ze horen dat niet iedereen zich een jongen of een meisje voelt?

„Die reuring hielp ons te zien waar ouders bezorgd over zijn”, zegt orthopedagoog Bertine Haverhals, die eveneens aan de herziening van Wonderlijk gemaakt werkte. „En waar sta je dan voor als christen?” De lesmethode werd daarom aangevuld met concrete voorbeelden en Bijbelteksten om thema’s nadrukkelijker vanuit christelijke waarden en normen te bespreken. Zo’n 400 scholen –van reformatorisch tot evangelisch– gebruiken Wonderlijk gemaakt, een van de drie door het RIVM erkende lesmethodes over relationele en seksuele vorming voor de basisschool.

Waarom was revisie nodig? De vorige versie verscheen nog maar vier jaar geleden.

Schumacher: „De methode uit 2021 was goed, maar rond dit thema lijkt het wel of de intensiteit van de ontwikkelingen toeneemt. Genderdiversiteit speelde vier jaar geleden nog amper, maar is nu urgent. Hoe verhoud je je daartoe? Wat deel je wel en wat niet met kinderen?”

Haverhals: „Naast reflecties vanuit scholen merkten we verlegenheid vanuit het werkveld. Zo kregen we de vraag om meer handvatten, zodat leerkrachten woorden kunnen geven aan hun overtuigingen. Daarom hebben we meer toegelicht waarom seks thuishoort in het huwelijk. Het is ook niet meer vanzelfsprekend dat een gezin bestaat uit een vader, een moeder en kinderen. Hoe praat je over samengestelde gezinnen, die ook in christelijke kring meer voorkomen?”

„Respect betekent niet alles goedpraten, maar luisteren naar iemands overtuiging”

Martijn Schumacher, orthodidact

Ook de burgerschapswet uit 2021 was voor jullie aanleiding om de methode aan te passen. Wat veranderde er daardoor?

Haverhals: „Vaak ligt het accent bij burgerschap op respect voor het feit dat iedereen mag zeggen wat hij vindt. Er is minder aandacht voor het feit dat ook jij voor je mening mag uitkomen.”

Schumacher: „Respect betekent niet alles goedpraten, maar luisteren naar iemands overtuiging en de moed hebben om jouw mening te geven. Hoe kun je bij je eigen overtuiging blijven zonder een ander af te schrijven? Om dat handen en voeten te geven hebben we nu een casus opgenomen over twee buurmannen die met elkaar getrouwd zijn. De vraag voor de leerling is dan hoe hij of zij, als iemand ernaar vraagt, respectvol kan zeggen dat God het huwelijk tussen een man en een vrouw bedoeld heeft.”

Driestar voerde gesprekken met de ministeries van Onderwijs en Volksgezondheid over de herziening. Wat gaven zij jullie mee?

Haverhals: „Soms krijg je haast het idee dat er geen ruimte meer is voor de Bijbelse visie op het huwelijk. Positief is dat de ministeries erkenden dat dit wél het geval is. Zorg dat je het goed verwoordt, zeiden ze. Voorkom dat onbedoeld het idee ontstaat dat het leven vanuit christelijke normen zorgt voor onveilige gevoelens bij lhbti-jongeren. Laat zien dat je overtuiging goed samengaat met de acceptatie van mensen.”

Schumacher: „Het beeld leeft: als je homo bent, schrijven christenen je af. En als je trans bent, moeten ze je niet. Deels hebben we dat misschien over onszelf afgeroepen. Wanneer je open en eerlijk over je overtuigingen spreekt, roept dat behalve weerstand ook begrip op. Juist in deze tijd is het van cruciaal belang niet alleen in de verdedigingsmodus te schieten als er iets over christelijke opvattingen gezegd wordt. Maar ook actief naar buiten te treden: hier staan we voor, dit zijn we.”

Twee handen maken een hartjesvorm. Op tafel liggen snoephartjes en rozenblaadjes.
beeld ANP, Jilmer Postma

De vorige methode kreeg een kwaliteitskeurmerk van het RIVM. Geldt dat ook voor de herziening?

Haverhals: „Dat keurmerk moeten we elke drie jaar aanvragen. Tot nu toe hadden we de erkenning ”goed beschreven”, de volgende keer gaan we voor ”goed onderbouwd”. Voor dat stapje hoger moeten we aantonen dat de methode aansluit bij de nieuwste wetenschappelijke inzichten.”

Onderzoekers vinden het tegenwoordig niet vanzelfsprekend dat gender overeenkomt met sekse. Verwerken jullie dat dan ook in de methode?

Haverhals: „Er zijn genoeg wetenschappers die hier anders naar kijken. Niet voor niks plaatsen internationale deskundigen vraagtekens bij de huidige transgenderzorg.”

Schumacher: „Het is niet zo dat de wetenschappelijke onderzoeken gelijk tegen onze visie ingaan. Dat ligt er maar net aan welke studies je erbij pakt.”

Haverhals: „Je kunt ook onderscheid maken tussen een theorie en wetenschappelijk bewijs. Denk bijvoorbeeld aan de genderkoek (een plaatje in de lesmethode van Rutgers dat de genderidentiteit loskoppelt van het biologische geslacht, ALV); dat is een theorie. Belangrijk is wel dat leerkrachten verschillende visies kennen en weten hoe je daar als christen naar kunt kijken.”

Moet je zo’n keurmerk eigenlijk wel willen? Het gedachtegoed in de maatschappij over seksualiteit staat vaak ver af van Bijbelse normen en waarden.

Haverhals: „We hebben geen keus als we een RIVM-erkenning willen blijven houden. Je mag maar twee keer de erkenning ”goed beschreven” aanvragen. De derde keer moet je voor een hoger niveau gaan. We willen het keurmerk graag houden, omdat dit laat zien dat de methode een kwalitatief goed leermiddel is. We zouden ook niet weten waarom we de erkenning niet kunnen halen.”

Schumacher: „Christelijk-reformatorische scholen zijn aan hun stand verplicht goed onderwijs te geven. De ruimte die we krijgen, mogen we pakken en benutten. Wat we zeggen is ook niet gek, je kunt het gewoon onderbouwen. Bovendien putten we uit goede bronnen. Door te streven naar zo’n keurmerk heb je ook een stevig verhaal naar buiten toe.”

„Voor kinderen is het superbelangrijk dat ze leren grenzen aangeven als iets niet fijn voelt”

Bertine Haverhals, orthopedagoog

Bijbels Beraad M/V had eerder kritiek omdat de methode te weinig normatief zou zijn: „Kinderen leren om hun gevoel de maatstaf te laten zijn voor het beoordelen van goed en kwaad.” In hoeverre vonden jullie dat een terecht punt?

Schumacher: „Vanuit het gedachtegoed dat iets goed zou zijn als het goed voelt, begrijp ik het punt. Maar in de methode koppelen we het luisteren naar je ja-neegevoel puur aan weerbaarheid en veiligheid.”

Haverhals: „Voor kinderen is het superbelangrijk dat ze leren grenzen aangeven als iets niet fijn voelt. Scholen vroegen ons terecht: Hoe voorkomen we dan dat we meegaan met de tijdgeest die mensen aanmoedigt hun gevoel te volgen? Daarom moeten kinderen leren wat het goede van Gods geboden is. Maar ze moeten ook weten: als je in je lichaam voelt dat je niet wilt dat iemand je vastpakt of aanraakt, mag je gewoon nee zeggen.”

Schumacher: „Bijbels Beraad heeft overigens meegelezen met de herziening via een klankbordgroep waarin de breedte van de achterban was vertegenwoordigd.”

„Kinderen spelen bijvoorbeeld met buurkinderen die twee vaders of twee moeders hebben; hoe kun je daarmee omgaan?”

Martijn Schumacher, orthodidact

Respect voor andersdenkenden heeft een grote plek in de methode, terwijl dat ook spanning kan oproepen met duidelijke Bijbelse uitgangspunten. Waarom vonden jullie de aandacht voor respect zo belangrijk?

Schumacher: „Kinderen komen meer en meer in aanraking met een diverse samenleving. Ze spelen bijvoorbeeld met buurkinderen die twee vaders of twee moeders hebben – die kans neemt ook in de Biblebelt toe. Je wilt kinderen toerusten: hoe kun je daarmee omgaan?”

Haverhals: „Vanuit de ontwikkelingspsychologie is het begrijpelijk dat kinderen zwart-wit denken. Een moeder vertelde mij eens dat ze zich zo schaamde, omdat haar dochter over straat riep: „De buurvrouw gaat naar de hel, want ze draagt een broek!” Dat had die moeder nooit zo gezegd, maar het kind heeft die conclusie getrokken. Ze koppelde twee dingen die ze thuis had meegekregen aan elkaar: dat het goed is een rok te dragen en wat de gevolgen van de zonde zijn. In de methode willen we kinderen leren dat een Bijbelse houding naar anderen gebaseerd is op liefde en respect. Leerlingen proberen we daarnaast toe te rusten om een eigen Bijbelse visie te ontwikkelen. Dat kan prima samen gaan.”

Schumacher: „Ook in onze eigen achterban wordt verschillend gedacht over kleding, echtscheiding en samenwonen. We hoeven voor andersdenkenden dus niet direct buiten onze eigen kring te kijken.”

Is dat ook de reden dat de methode geen standpunt inneemt over zelfbevrediging en anticonceptie?

Schumacher: „In de Bijbel staat niet expliciet of dit wel of niet mag. Wel geven we handvatten mee vanuit Bijbelse waarden. Zelfbevrediging is op jezelf gericht, is dat dan de juiste manier om seksualiteit te beleven? Scholen kunnen ervoor kiezen bepaalde opvattingen meer aandacht te geven of explicieter te benoemen dan Wonderlijk gemaakt doet. De methode is geen keurslijf.”

Haverhals: „Wonderlijk gemaakt bestaat bewust niet uit leerlingmateriaal, maar is een handleiding voor leerkrachten. Over anticonceptie geven we diverse perspectieven weer. Het is aan de school om een standpunt te bepalen of om juist aan te geven dat christenen er verschillend over denken.”

„Ook voor kinderen die thuis iets anders horen moet de les veilig zijn”

Bertine Haverhals, orthopedagoog

Is de aandacht voor verschillende opvattingen binnen christelijke kring niet verwarrend voor kinderen?

Haverhals: „Wij denken dat dat juist vormend is. En ook als de school een duidelijk standpunt inneemt, zal de leerkracht zich ervan bewust moeten zijn dat sommige kinderen thuis iets anders horen. Voor hen moet de les net zo goed veilig zijn. Kinderen zullen dus altijd respect voor andersdenkenden moeten leren.”

Schumacher: „De achterban waarvoor we de methode schrijven is divers: reformatorisch, protestants-christelijk, evangelisch, gereformeerd, scholen met de Bijbel. Die willen we allemaal handvatten geven, zonder dat we dicteren wat ze precies moeten zeggen. Het is niet zo dat iedereen koste wat het kost erbij moet blijven, maar we hebben elkaar op dit thema keihard nodig. We zijn op dit moment niet in de luxepositie om gescheiden op te trekken.”

Haverhals: „Dat zal betekenen dat niet elke letter uit de methode door elke school gebruikt gaat worden. Toch willen we een gezamenlijk geluid laten horen waarin we opkomen voor Gods eer. In de Week van de Lentekriebels merk je dat het ik centraal staat in de maatschappij. Wat zijn míjn behoeften – daar moet ruimte voor zijn en daar moet iedereen zich maar aan aanpassen. Wij kiezen voor andere uitgangspunten. Denk aan trouw in relaties. Dat begint al bij gewone vriendschappen: je laat iemand niet vallen door hem uit de groepsapp te gooien. Ook op die manier proberen we Bijbelse waarden handvatten te geven en te bespreken in de klas.”