Meditatie: Bewogen Rechter
„Zeg tot hen: Zo waarachtig als Ik leef, spreekt de Heere HEERE, zo Ik lust heb in de dood des goddelozen! Maar daarin heb Ik lust, dat de goddeloze zich bekere van zijn weg en leve. Bekeert u, bekeert u van uw boze wegen, want waarom zoudt gij sterven, o huis Israëls?”
Ezechiël 33:11
Indien ik hoorde dat een rechter nooit een doodvonnis uitsprak zonder tranen te schreien, en dat hij somber en stilzwijgend ’s avonds thuis neerzat terwijl hij zich herinnert dat er mensen levenslang gebannen waren door het vonnis dat hij genoodzaakt was uit te spreken, dan zou ik zeggen: dat is de man die geschikt is om het ambt van rechter te bekleden. Weerzin om te straffen is noodzakelijk voor de rechtvaardigheid van een rechter.
Zo’n rechter is God, Die geen behagen schept in de zonde, noch in de straf die het gevolg is van de zonde. Hij haat de zonden en haar gevolgen. Hij toont Zich dan voor het eerst in Zijn gestrengheid bij de mensen als alle andere middelen gefaald hebben. Als de zondaar veroordeeld moet worden, omdat anders de fundamenten van de maatschappij uit hun verband zouden gerukt worden, dan spreekt Hij het ontzettend vonnis uit. Maar zelfs dan doet Hij het nog met weerzin en Hij roept: „Hoe zou Ik u overgeven?”
De grote Rechter van allen schijnt neer te komen van de heerlijkheid van Zijn troon om u Zijn vriendelijk aangezicht te tonen, als Hij u toeroept: „Ik heb geoordeeld, en Ik heb veroordeeld, en Ik heb gestraft. Maar zo waarachtig als Ik leef, Ik heb geen lust aan dit alles. Ik heb er lust in dat de mens zich tot Mij bekere en leve.”
Charles Haddon Spurgeon,
predikant te Londen
(”Oproep en aanmoediging”, 1884)
- Meer over
- Meditatie




