BinnenlandHerdenking einde Tweede Wereldoorlog

Japanse capitulatie herdacht: „De angst voor opnieuw een oorlog bleef”

Vrouwen die probeerden eten te vinden voor hun kinderen, werden afgeranseld en vernederd. En het hele kamp kreeg straf: een paar dagen geen eten. Niet iedereen overleefde dat.

Koning Willem-Alexander legde vrijdagavond de eerste krans tijdens de nationale herdenking bij het Indisch Monument. Het is 80 jaar geleden dat er met de capitulatie van Japan een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog. beeld ANP, Phil Nijhuis

Het is het verhaal van overgrootmoeder en haar vijf kleine kinderen dat Noortje Garvelink heeft horen vertellen over de oorlog in Nederlands-Indië. Het verhaal van haar overgrootvader hoorde ze ook: verscheept als dwangarbeider; mishandeld door de Japanners. Dat hij in 1944 overleed, hoorde zijn gezin pas een jaar later.

„Zo veel leed is opgekropt onder een loodzwaar putdeksel van zwijgen”

Koning Willem-Alexander

Noortje vertelde beide verhalen vrijdagavond tijdens de herdenking van het einde van de Tweede Wereldoorlog. Bij het Indisch Monument in Den Haag stonden duizenden mensen erbij stil dat Japan tachtig jaar geleden de strijd opgaf. Het einde van een huiveringwekkende oorlog, zegt koning Willem-Alexander in zijn toespraak. „Tachtig jaar is niet genoeg om de oceaan aan menselijk leed te bevatten en te verwerken. Zo veel leed is opgekropt onder een loodzwaar putdeksel van zwijgen.”

Wanhopig lijden

Ruim twee miljoen Nederlanders hebben sporen van Indisch verleden in hun familiegeschiedenis. In veel van die families werkte de oorlog lang door. De belangstelling voor de jaarlijkse herdenking op 15 augustus is dan ook onverminderd groot. Op het veld voor het monument staan 3800 stoelen, en veel mensen staan. Ze luisteren naar de koning, die spreekt over het verleden, en een boodschap heeft voor vandaag: „De gespannen verhoudingen in de wereld en het geweld op ons eigen continent dwingen ons tot reflectie, ook op onze eigen houding. Het is nu aan ons om op te komen voor hen die lijden onder onmenselijke en wanhopige omstandigheden die snijden door onze ziel. Ik denk aan de bevolking van Gaza, aan de Israëlische gijzelaars die daar worden vastgehouden, aan Oekraïners die getroffen worden door Russische agressie en aan alle anderen die, waar ook ter wereld, gebukt gaan onder oorlog en geweld.”

Defilé langs het Indisch Monument. beeld ANP, Phil Nijhuis

„Alleen de democratische rechtsstaat, die we tachtig jaar geleden na zo veel pijn en offers herwonnen, maakt het mogelijk conflicten en tegenstellingen beheersbaar te houden”, zegt de koning. Nederland moet er zuinig op zijn. „Laten we nooit vergeten hoe gezegend we zijn.”

Verraden

De Indische klok wordt geluid, het Indisch Onze Vader gezongen. De koning legt de eerste krans.

Duizenden mensen zijn een minuut lang stil als de slachtoffers worden herdacht. Jordan Bramsen staat daar aan twee overgrootvaders te denken, heeft ze zojuist gezegd. Ze zaten in het verzet en werden verraden. En aan haar overgrootmoeders, die met de kinderen achterbleven. Haar oma was pas drie maanden oud toen haar vader omkwam. „We moeten hun verhalen blijven doorgeven.”

Premier Schoof en staatssecretaris Tielen van Volksgezondheid, Welzijn en Sport legden een krans namens het kabinet. beeld ANP, Phil Nijhuis

Zoals dat van Anneke van Voorden-Boelhouwer, die tachtig jaar geleden als kampkind werd bevrijd. „De angst bleef, angst voor opnieuw een oorlog.” Nu legt ze een krans om de slachtoffers te herdenken. Dat doet ze samen met Roy Meelhuysen, wiens vader hem nooit iets heeft verteld over wat hij als krijgsgevangene van de Japanners meemaakte. Dat hoorde Roy van anderen: zijn vader was afgeranseld en opgesloten in een kooi. „Bij vloed zat hij in het water, bij eb in de brandende zon.” Hij overleefde de oorlog, maar erover vertellen kon hij niet.

Veertien kransen worden gelegd om te herdenken wat de oorlog aanrichtte. Het slotlied –in melancholisch Maleis– sterft net weg als in de verte gebrom aanzwelt. Een oude Catalina die ooit in Nederlands-Indië dienstdeed, vliegt twee keer over. Het toestel wordt met applaus begroet.

Dan opent koning Willem-Alexander het defilé langs de kransen aan de voet van het monument. Een lange stoet mensen volgt.