Verpleegkundige Lianne uit Krabbendijke: Je moet zien hoe mooi het is om te zorgen
Lianne Slootweg is de nuchterheid zelve. De Zeeuwse verpleegkundige is allerminst zonder ambitie. „Het mbo heeft de basis gelegd voor verdere specialisatie in mijn loopbaan”.

Waarom heb je voor dit beroep gekozen?
„Ik houd van praktisch bezig zijn, van betekenis zijn voor anderen. Het zit in de familie: mijn schoonzussen werken ook in de zorg. De thuiszorg sprak me aan omdat je daar regelmatig verpleegtechnische handelingen verricht, denk bijvoorbeeld aan wondzorg. Dat maakt het werk afwisselend en je past je vaardigheden toe in de vertrouwde omgeving van een cliënt.”
Wat zijn de mooie en minder mooie kanten van je beroep?
„Ik werk in mijn eigen woonomgeving: Krabbendijke, Waarde, Oostdijk. Daardoor begrijpen de cliënt en ik elkaar sneller, al vraagt dat ook dat ik mijn grenzen goed bewaak. Vergeleken met het werken in een ziekenhuis ben ik veel onderweg. Dat geeft vrijheid: tijd om te rijden en te genieten van het open polderlandschap en de fruitbomen. In de thuiszorg heb ik veel contact met mensen. Sommige ouderen kijken echt uit naar mijn komst, het is vaak hun enige bezoek op een dag.”
Wat waren hoogte- en dieptepunten?
„Ik ervaar in algemene zin veel dankbaarheid van cliënten. En dat komt door de manier van werken. In samenwerking met familie, netwerk of kerk probeer ik als verpleegkundige ”bie de mensen tuus” het verschil te maken binnen mijn professionele grenzen. Een simpele oplossing, zoals een touwtje aan een rolgordijn, kan al helpen om iemand zelfredzamer te maken”.
En als dieptepunt? „Zorg in bepaalde levensfasen is intensief en kan mentaal zwaar zijn. Daarom is het belangrijk om voldoende rust te nemen”.
Waarom heb je voor een mbo-opleiding gekozen?
„Ik wilde eerst weten hoe dingen werken. Hbo is meer gericht op aansturen en beleidsmatig denken. Ik ben praktisch ingesteld. Vanuit ervaring kun je pas gaan coördineren, en daarvoor heb je een goed fundament nodig, ook theoretisch.”
Hoe heb je de mbo-opleiding ervaren? Heb je er iets aan in je huidige beroep?
„Als leerzaam. Ik ben er beter door gaan luisteren en kan er beter door communiceren met cliënten. Dat betekent kritisch durven zijn als het gaat om de keuzes die iemand maakt, maar ook durven adviseren wat wel of niet verstandig is. De opleiding was breed en sloot goed aan bij wat ik nu doe. Ik deed kennis op over bijvoorbeeld anatomie, fysiologie en ziektebeelden. Vanuit deze brede basis sta ik in de toekomst zeker open voor nieuwe richtingen of specialisaties in de zorg.”
Hoe komt het volgens jou dat minder jongeren voor het mbo kiezen?
**** „Dat vind ik lastig te zeggen. Het voelt tegenstrijdig: steeds minder jongeren kiezen voor het mbo en de zorg, terwijl de vraag juist groeit daar waar de grootste behoefte ligt.”
Wat is er nodig om dit probleem op te lossen?
„Er is meer bewustwording nodig van wat werken in de zorg écht inhoudt. Meeloopdagen kunnen helpen om te laten zien wat het werk van je vraagt. En je moet ervoor gaan: dit is geen werk dat je met je ogen dicht doet. Je moet zien hoe mooi het is om te zorgen.”





