LVMH meldt verminderde verkoop door oorlog in Midden-Oosten
LVMH, het luxebedrijf achter merken als Louis Vuitton en Christian Dior, zag de verkopen in het afgelopen kwartaal dalen als gevolg van de oorlog in het Midden-Oosten. De maker van luxespullen verkocht vooral minder in de belangrijke winkelstad Dubai en andere delen van het Midden-Oosten.
LVMH is onder meer bekend van de Louis Vuitton-tassen en -koffers, de champagne van Moët & Chandon en de Hennessy-cognac. De omzet van de belangrijkste divisie, mode en lederwaren, daalde in het eerste kwartaal met 2 procent, meldde LVMH maandag. Dat was een grotere daling dan marktkenners hadden verwacht.
De activiteiten van LVMH in het Midden-Oosten, goed voor ongeveer 6 procent van de totale omzet, kregen een knauw na een „zeer positieve start van het jaar”, aldus het in Parijs gevestigde bedrijf. Ook Europa en Japan presteerden zwak in het eerste kwartaal, terwijl de VS en China het juist verrassend goed deden. In de VS groeide de omzet met 3 procent en in China met 7 procent. De totale omzet bedroeg in de eerste drie maanden van het jaar 19,1 miljard euro.
De financieel directeur van LVMH, Cécile Cabanis, zei in een toelichting op de resultaten dat nog onduidelijk is wat de uiteindelijke impact van de oorlog zal zijn. „Wat we wel weten is dat de welvaart niet is verdwenen”, stelde ze. „Waarschijnlijk zien we op een gegeven moment dat die welvaart zich ergens anders herstelt, waardoor de gevolgen van het conflict minder groot worden als het aanhoudt”, vervolgde de directeur.
Volgens een recente studie van beleggingsadviseur Bernstein was het Midden-Oosten vorig jaar de sterkste regio voor luxemerken, met een groei van 6 tot 8 procent. Andere regio’s bleven juist grotendeels stabiel.