OpinieCommentaar

Kamer mag gerust tegen begrotingen stemmen

De Tweede Kamer stemde dinsdag over de begrotingen van alle ministeries voor dit jaar. Bij de stemming over de begrotingen tekende zich een bijzonder fenomeen af, namelijk dat fracties tegen begrotingen stemmen. Daar is niets op tegen.

Beeld van vergaderzaal met vrouwen en mannen die hun hand opsteken.
Stemmingen in de Tweede Kamer. beeld ANP, Remko de Waal

De fracties van SGP en ChristenUnie stemden tegen de begroting van Ontwikkelingssamenwerking. Deze partijen vinden dat de regering terug moet naar de internationaal geldende norm dat 0,7 procent van het bruto nationaal inkomen bestemd moet zijn voor hulp aan de allerarmsten. De fracties van GroenLinks-PvdA, SP en FVD onthielden hun steun aan de onderwijsbegroting. Die vinden dat er op onderwijs te veel wordt bezuinigd. De Partij voor de Dieren verzet zich tegen dierproeven en stemde daarom tegen.

In het verleden gebeurde het wel vaker dat partijen tegen begrotingen stemden. Linkse partijen verwierpen in de afgelopen decennia geregeld (delen van de) defensiebegrotingen. Het CDA stemde in december 2024 tegen de landbouwbegroting en tegen de asiel- en migratiebegroting. De ChristenUnie stemde toen ook tegen laatstgenoemde begroting en tegen de begroting van Ontwikkelingssamenwerking. Dat gebeurde dit jaar dus weer, nu samen met de SGP.

Dat enkele fracties tegen een begroting stemmen, levert begrotingstechnisch geen problemen op. Zolang er een meerderheid in de Tweede en de Eerste Kamer bestaat, is de regering gemachtigd om de voorgenomen uitgaven te doen. Lastiger wordt het als er geen meerderheid voor een begroting in de Tweede of de Eerste Kamer bestaat. Maar dat gebeurt niet vaak. De laatste begroting die door de Tweede Kamer werd verworpen, was die van het ministerie van Marine voor 1920. De Eerste Kamer verwierp voor het laatst een departementale begroting in 2007.

Sommige politici van de oude stempel vinden dat het parlement begrotingen niet mag verwerpen, omdat dit onverantwoord zou zijn. Dat klinkt op het eerste gehoor best sympathiek, maar nadere beschouwing leert dat op die mening valt af te dingen.

Budgetrecht is een van de oudste parlementaire rechten

Het budgetrecht is een van de oudste parlementaire rechten. Sinds de grondwet van 1848 moet de Tweede Kamer de begroting goedkeuren en de regering daarmee machtigen om uitgaven te doen. Het is de Tweede en de Eerste Kamer toegestaan een begroting te verwerpen. Voor het lopende beleid heeft dat geen gevolgen. Wel zal de verantwoordelijke bewindspersoon direct een nieuwe begroting moeten maken die wel voldoende steun van de volksvertegenwoordigers krijgt. De minister moet daarin dan rekening houden met de wensen van de meerderheid.

Als fracties dus tegen begrotingen stemmen, is er geen man overboord; ze maken slechts gebruik van hun budgetrecht. In de praktijk zien bewindslieden verwerping vaak aankomen en gaan ze in overleg met fracties om toch hun steun te verwerven. Dat heet in Haags jargon ”gemeen”, oftewel gezamenlijk overleg. Zo hoort dat te gaan in een parlementaire democratie. Fracties mogen dus gerust tegen begrotingen stemmen

Het commentaar vertolkt de mening van het Reformatorisch Dagblad en is geschreven door leden van de hoofdredactie en senior redacteuren.