Het lijden van Christus is geen bron van oppervlakkig vermaak
Het lijdensevangelie is entertainment geworden. Opvallend veel moderne cultuuruitingen vertalen de diepe gang van Christus naar vermaak. Tot ontzetting van Bijbelgetrouwe christenen.

Nieuw is het niet om de lijdensweg van Jezus te gebruiken als inspiratie voor amusement. Al in 1971 trok ”Jesus Christ Superstar”, een musical over de laatste dagen van de Heere Jezus, volle zalen. De productie leidde wereldwijd tot protest onder christenen. Die ervoeren de show als godslasterlijk, hoewel er ook waren die er iets missionairs in meenden te bespeuren.
In de Hollywoodfilm ”The Passion of the Christ” (2004) doet regisseur Mel Gibson zijn uiterste best om de kruisweg van Christus zo bloedig mogelijk in beeld te brengen. De film riep afgrijzen op, vanwege het extreme geweld en de zweem van antisemitisme. Volgend jaar moet rond Pasen een vervolg verschijnen, dat gaat over de opstanding.
Het lijstje met omstreden uitingen zou gemakkelijk uit te breiden zijn. Toch zijn er ook voorstellingen die minder discussie oproepen. Denk aan ”The Passion”, de jaarlijkse tv-show waarin bekende artiesten het lijdensevangelie verbeelden. Hoewel onder reformatorische christenen grote bezwaren leven tegen dit evenement, krijgt het ook bijval vanwege het evangeliserende karakter. Dat geldt ook voor de populaire filmserie ”The Chosen”, waarin onder leiding van een christelijke regisseur het verhaal van Jezus’ omwandeling op aarde wordt verteld. De serie is wereldwijd door tientallen miljoenen mensen bekeken.
Reformatorische christenen moeten niet veel hebben van film- of theaterproducties over de Heere Jezus. Dat heeft niet alleen te maken met Zondag 35 uit de Heidelberger Catechismus, maar ook met terechte weerzin tegen het romantiseren, verplatten en verdraaien van het Evangelie.
Doorgaans minder bezwaren tegen Bijbelse romans
De door hen gekoesterde woordcultuur leidde daarentegen tot een nog altijd groeiende populariteit van Bijbels-historische romans, die zich soms ook afspelen in de lijdenscontext. Als middelbare scholier raakte ik diep onder de indruk tijdens het lezen van ”De Mantel”, een historische roman uit 1942. Daarin beschrijft auteur Lloyd C. Douglas de levensverandering van Marcellus Gallio, een Romeinse commandant die betrokken was bij de kruisiging van Jezus.
In het kielzog van ”De Mantel” ontdekte ik soortgelijke literatuur, die ik toch altijd met een zekere schroom las. Want ook hier zijn Bijbelse geschiedenissen de inspiratiebron. Hoe moet je daar nu mee omgaan? Doorgaans zijn de bezwaren tegen dergelijke boeken veel minder groot dan tegen films, hoewel er best vragen bij te stellen zijn. In een roman kan de menselijke verbeelding evengoed op de loop gaan met de werkelijkheid. Kritisch lezen is dus een vereiste.
Toch zou je wensen dat jongeren nog naar een boek als ”De Mantel” zouden grijpen, om zich honderden bladzijden lang onder te dompelen in de wereld van toen. Wie weet ontstaat er een niet te stillen woordhonger – als heilzaam tegengif tegen de Netflixcultuur.
De auteur is adjunct-hoofdredacteur van het RD.
Vond u dit artikel nuttig?
- Meer over
- Welbeschouwd





