InterviewZedenzaak Barendrecht

Seksueel misbruik plaatst ouders voor dilemma’s; „Moet je je kind met details belasten?”

Een kind is seksueel misbruikt, maar weet er zelf weinig van. Is het verstandig dat ouders precies vertellen wat er is gebeurd?

Tekening van man in bodywarmer. Op de achtergrond leden van de rechtbank.
Mels van B. bij de start van de rechtszaak, afgelopen maandag. Justitie verdenkt de Barendrechter van ernstig seksueel misbruik van achttien meisjes in de leeftijd van negen tot twaalf jaar en het stiekem maken van beelden van dertien andere meisjes. beeld ANP, Nicole van den Hout

Het is een van de vragen die zich opdringen nu Mels van B. uit Barendrecht voor de rechter staat. Hij wordt ervan verdacht sinds 2011 jonge meisjes seksueel te hebben misbruikt en gefilmd. Sommige slachtoffers zouden daarbij door hem gedrogeerd zijn. Zij hebben niets van het misbruik gemerkt, maar het werd openbaar toen de politie bij de verdachte een grote hoeveelheid beeldmateriaal aantrof.

Een ouderpaar dat van de politie vernam dat hun dochter een van de slachtoffers is, vertelde in de media dat ze hun dochter op de hoogte hebben gesteld: „We zijn direct eerlijk tegen haar geweest. We zijn een open gezin, we praten over alles met elkaar. We vonden dat ze het recht had om dit te weten.”

Andere ouders zullen terughoudender zijn. „Het verschilt van situatie tot situatie wat verstandig is”, zegt Janny Haverhals-Langenberg, therapeut en hulpverlener bij KOC Diensten. „Wat maak je wakker als je een kind met veel details belast? Wat gaat dat helpen? Je kunt het leven van een kind erg verzwaren door allerlei dingen te vertellen waarover het zelf geen vragen heeft. Spreek altijd de waarheid, maar je hoeft niet alles direct te vertellen.

Aan de andere kant wil je ook niet dat je kind er van anderen of via de media over hoort. Dat vraagt een heel zorgvuldige afweging. Het lichaam van een misbruikt kind kan wel reageren op wat er is gebeurd, ook al was een kind buiten bewustzijn. Laten omstanders er oog voor hebben hoe moeilijk ouders het hebben als hun kind misbruikt is.”

„Voordat een kind iets vertelt, weegt het af: word ik geloofd?”

Janny Haverhals, therapeut

Openheid binnen een gezin is van groot belang, zegt de hulpverlener uit Kaatsheuvel. „Het misbruik is gestopt doordat een meisje het vertelde én doordat haar ouders adequaat reageerden. Dat voorkomt ook dat er nieuwe slachtoffers vallen. Voordat een kind iets vertelt, weegt het echter af: word ik geloofd? Word ik vertrouwd? En komen er dan de juiste acties uit voort?”

Broer

Haverhals doet al jaren onderzoek naar seksueel misbruik binnen gezinnen. „Daar is de drempel naar openheid nog veel hoger. Uit onderzoek blijkt dat het vaak makkelijker is om te vertellen dat de buurman of een leraar je heeft misbruikt dan dat je broer dat heeft gedaan.”

„Veel ouders gaan ervan uit dat dit in hun gezin niet kan gebeuren”

Janny Haverhals, therapeut

Misbruik binnen gezinnen komt, ook in christelijke kring, veel meer voor dan mensen denken, zegt de therapeut. „Zes jaar geleden heb ik een oproep gedaan aan vrouwelijke slachtoffers van misbruik door een broer. Daar heb ik veel reacties op gekregen, en ik krijg ze nog. Zestien slachtoffers heb ik diepgaand geïnterviewd. Twee dingen werden me duidelijk: veel ouders gaan ervan uit dat dit in hun gezin niet kan gebeuren, en het is belangrijk niet te onderschatten wat het met mensen in de rest van hun leven kan doen.”

Bij dat laatste heeft Haverhals niet alleen de slachtoffers op het oog. „Ook de daders, en nieuwe slachtoffers. Een jongen die zijn zus heeft misbruikt, krijgt verkering en wil dan verdergaan waar hij met zijn zus gebleven is. Binnen de kortste keren overschrijdt hij dan soms de grenzen van zijn vriendin. Die laatste wil dat niet in de openbaarheid brengen, maar worstelt er wel mee. Ik heb verschillende meisjes gesproken die in zo’n situatie zaten.”

Naïef

Niemand moet denken dat misbruik in zijn of haar gezin niet kan gebeuren, zegt de hulpverlener. „Terwijl ouders dat vaak niet lijken te kúnnen geloven, ook al weten we dat een mens tot van alles in staat is. In de interviews hoorde ik steeds terug dat er jarenlang misbruik onder het ouderlijk dak plaatshad terwijl ouders het niet in de gaten hadden. Natuurlijk, ouders wíllen niet denken dat het in hun gezin gebeurt. Maar we moeten niet naïef zijn.”

Dat laatste geldt ook voor het laten logeren van kinderen, bij anderen of in het eigen huis. „Leerlingen van reformatorische scholen wonen soms ver bij elkaar vandaan, dus dan is het voor ouders geen doen om vriendjes of vriendinnetjes ’s avonds thuis te brengen. Voor onze eigen kinderen heb ik altijd wel afgewogen of het een bekend en vertrouwd adres was. Wanneer ik een gezin niet kende, hield ik soms de boot af.”

Ook dit is een moeilijke afweging, zegt Haverhals. „Denk niet dat je aan de keurige buitenkant kunt zien dat je een gezin kunt vertrouwen. Ik hoor echter ook over ouders die nare dingen hebben meegemaakt en daardoor hun kind nergens meer naartoe durven te laten gaan. Dat is ook niet gezond.”