„Tegen atheïsten zeg ik niet dat ze geen gelijk hebben, maar dat ze geen geduld hebben”
Wekelijkse blik op de kerkelijke bladen en blogs, aangevuld met citaten uit de kerkelijke wereld.

De Waarheidsvriend
„Toen ik in de jaren zestig op de middelbare school zat, praatte ik vaak –ook tijdens de godsdienstlessen– met een klasgenoot die niet in God geloofde. Hij was zeker niet de enige. Toch kan ik me niet herinneren dat de vraag ”bestaat God?” ooit echt grondig aan bod kwam, zelfs niet bij een vak als godsdienst. Ik vraag me af of de vraag of God bestaat inmiddels niet is verschoven van taboe naar een algemeen geaccepteerd gegeven. Als dat zo is, zou dat jammer zijn. Deze vraag is daarvoor veel te belangrijk. (…)
Uit ervaring weet ik dat mensen die het geloof hebben losgelaten zich vaak tegelijk bevrijd én schuldig voelen. Bij de een overheerst het eerste, bij de ander het tweede. Maar in beide gevallen speelt vaak de gedachte mee dat degene die wél gelooft –en zeker de predikant– hen zal veroordelen, of in elk geval weinig van hun keuze zal begrijpen. (…)
Maar eigenlijk is dat best vreemd. In de latere hoofdstukken van het boek ”Leven zonder God” van Rik Peels laat hij juist zien dat gelovigen net zo goed worstelen met de grote vragen van het leven als niet-gelovigen, en dat ook zij lang niet overal een antwoord op krijgen. (…)
De Tsjechische theoloog en priester Tomáš Halík, inmiddels ook in Nederland bekend door de vertaling van verschillende van zijn boeken, gaat nog een stap verder. In ”Geduld met God” schrijft hij: „Op veel punten ben ik het met atheïsten eens, vaak op bijna ieder punt – behalve in hun geloof dat God niet bestaat. Gods zwijgen en het gevoel dat God heel ver weg is, drukken ook op mij. Ik weet dat het ambivalente karakter van de wereld en de vele paradoxen van het leven de mogelijkheid bieden om Gods verborgenheid te verklaren met uitspraken als ”God bestaat niet” of ”God is dood”. Tegen atheïsten zeg ik niet dat ze geen gelijk hebben, maar dat ze geen geduld hebben.”
Geduld met God, dat is voor ons geen heel vertrouwde uitdrukking. Wij zouden eerder spreken van ”wachten op God”, een voluit Bijbelse uitdrukking. Wie daar uit eigen ervaring iets van weet, zou aan iemand die niet (meer) kan geloven kunnen vragen: „Zullen we de mogelijkheid dat God toch, of opnieuw, van Zich laat horen, openhouden?” (…)
Een weloverwogen, bewuste afwijzing (van God, red.) komt zeker voor, maar laten we die conclusie niet te snel trekken. Laten we liever wat langer luisteren. Niet omdat mensen ten diepste wel meevallen, maar omdat niemand volledig los van God staat, ook al ervaart hij of zij dat misschien wel zo. Uiteindelijk mogen we ieder mens blijven zien als geschapen naar Gods beeld, onrustig totdat hij rust vindt in Hem – zoals Augustinus het zo mooi zegt.”
Dr. W. Dekker, emeritus predikant in de Protestantse Kerk in Nederland, schrijft in De Waarheidsvriend, tweewekelijks orgaan van de Gereformeerde Bond, over „hoe we het geloof weer ter sprake kunnen brengen”.
„Als onze kinderen iets doen wat helemaal verkeerd is en ze hebben er verdriet over, dan is dat het moment om hun het Evangelie te verkondigen.”
De 92-jarige ds. C. Harinck schrijft in magazine Gezinsgids over christelijk opvoeden in deze tijd. Hij roept op tot „leerstellig en bevindelijk onderwijzen” uit de Bijbel en tot christelijk voorleven. „Het zaad van het Woord heeft kiemkracht.”
„Wat? Geen kwaad vrezen als alle duivelen proberen de door God geroepen predikanten en ambtsdragers binnen en buiten ons kerkelijke leven tegen te houden door hen moedeloos te maken? Of die verdeeldheid zaaien, zodat er geen gezamenlijk optrekken met elkaar mogelijk is? Mocht de Heere in deze tijd bij elkaar brengen wat bij elkaar hoort. Dit schrijven we niet als een cliché of als een veelgebruikte uitdrukking zonder dat het gepaard gaat met gebed en schuldbesef!”
Ds. J. Roos schrijft in zijn nieuwjaarsmeditatie in De Wachter Sions, weekblad van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland, over de uitdrukking „Ik zou niet vrezen, want Gij zijt met mij” uit Psalm 23:4.
„Als je één mijl moet lopen, loop dan nog een mijl. Die voorbeelden zitten door de hele Schrift. Als je dat leest, dan zou je toch ook moeten proberen in deze mogelijke scheiding elkaars belangen te dienen?”
Het Nederlands Dagblad interviewt Dirk Vergunst, lid van de gereformeerde gemeente te Apeldoorn. De rechter deed uitspraak in een rechtszaak over de Christelijke Gereformeerde Kerken. Hij waarschuwt tegen venijn en roept op tot nederigheid. Het artikel brengt de christelijke gereformeerde predikant ds. B. Loonstra op zijn blog tot de observatie dat „drie refo-sterren” –psychiater Ewoud de Jong, Vergunst en ds. W.A. Zondag– „de CGK dezelfde weg wijzen: niet scheuren”.
„Ik vraag me af hoe Sonnevelds laatste boek zal overkomen bij vervolgde christenen in Laos. Als alverzoening waar zou zijn, en de onbekeerde moordenaar en de gelovige martelaar uiteindelijk dezelfde eeuwigheid genieten, waarom dan moeilijk doen?”
Marieke den Butter-Kommers schrijft in haar column in De Waarheidsvriend, orgaan van de Gereformeerde Bond, over het boek ”Het einde van de hel” van theoloog Reinier Sonneveld. Het boek werd verkozen tot beste theologische boek van 2025.
„Een niet veel voorkomende ervaring van een predikant om in plaats van te preken te luisteren naar een eigen preek. Maar wel nuttig.”
Ook een leesdienst kan „levende verkondiging” zijn, constateert emeritus predikant ds. M. Karens. In De Saambinder beschrijft hij hoe hij eens te laat aankwam voor een preekbeurt. Hij kon vervolgens nog net het laatste gedeelte horen van een leespreek van zijn eigen hand. Het weekblad van de Gereformeerde Gemeenten verschijnt vanaf deze week overigens in een vernieuwde lay-out.
„Ik was altijd alleen met mijzelf bezig. Maar ik ben van God gaan houden. En door Hem ook meer van andere mensen.”
Omroep Rijnmond schrijft over Timo. Hij en Ralph horen bij de Christelijke Kameraden, een supportersgroep binnen de Rotterdamse voetbalclub Feyenoord, die onlangs kerstpakketten langsbracht bij hulpbehoevende supporters. Timo bezocht vroeger graag oude stadions, maar nu oude kerken. „De groundhopper is nu de holy hopper geworden.”
Vond u dit artikel nuttig?
Gerelateerd nieuws
- Meer over
- Quotes uit de kerk







