Toekomst veehouderij op het spel bij sanering piekbelasters
Als het nieuwe kabinet wil voldoen aan een belangrijke stikstofuitspraak uit januari zal dat grote gevolgen hebben voor de landbouw en mogelijk ook voor de industrie. De meest drastische aanpak leidt tot „economische ontwrichting” in die sectoren.

Dat blijkt uit onderzoek van Wageningen University & Research (WUR) in opdracht van het ministerie van Landbouw. In elk van de vier doorgerekende scenario’s gaan bij landbouwbedrijven duizenden banen verloren. De gevolgen voor de werkgelegenheid elders in de keten zijn niet berekend. Zeker is dat de veehouderijsector miljarden euro’s per jaar aan productiewaarde inlevert. De impact op de industrie is minder duidelijk, behalve bij de strengste aanpak.
De scenario’s lopen uiteen van maatregelen die alle landbouw- en industriebedrijven in Nederland raken tot sanering van uitsluitend zogeheten piekbelasters. Die laatste zijn bedrijven die de grootste stikstofneerslag op kwetsbare natuur veroorzaken. Andere scenario’s combineren landelijke maatregelen met een gerichte aanpak in zones rondom stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden.
Gelderse Vallei
In een van die gecombineerde aanpakken verdwijnt de veehouderij uit de Gelderse Vallei. Dat zal volgens het rapport ook „grote impact” hebben op burgers in deze regio. Bovendien zal het doel van het vonnis niet worden behaald: de opbrengst blijft steken op ongeveer twee derde daarvan, de natuur heeft er te weinig baat bij.
In een door Greenpeace aangespannen zaak heeft de rechter in januari geoordeeld dat de overheid de stikstofneerslag op de helft van de gevoelige natuur in 2030 onder de zogeheten kritische depositiewaarden (KDW) moet brengen. Dat doel was al wettelijk vastgelegd. Bovendien moet de stikstofneerslag van de rechter met voorrang omlaag in gebieden waar dit het hardst nodig is, volgens een zogeheten urgente lijst van Greenpeace.
Aan de uitspraak van de rechter wordt alleen met zekerheid voldaan als alle piekbelasters worden gesaneerd
Aan de uitspraak van de rechter wordt volgens het nieuwe Wageningse rapport alleen met zekerheid voldaan als in het hele land alle piekbelasters worden gesaneerd: het meest drastische scenario. Dit raakt ruim 16.000 veehouderijen en ook nog eens 171 industriële ondernemingen, waar meer dan 55.000 mensen werken. Zowel in de landbouw als de industrie zal de negatieve uitwerking op de toegevoegde waarde –zeg maar het verdienmodel van de sector– „zeer groot” zijn.
De onderzoekers stellen dat veel van die industriële bedrijven in dit scenario moeten sluiten. Dat heeft „aanzienlijke gevolgen voor de economie”. Aanpak van alle industriële piekbelasters is „disproportioneel”, schrijven de onderzoekers.
Ze wijzen hierbij op het verschil tussen stikstofoxiden, de stikstofvorm die de industrie vooral uitstoot, en ammoniak, dat vooral door de veehouderij wordt uitgestoten. Verlaging van de uitstoot van stikstofoxiden brengt veel hogere kosten met zich mee dan die van ammoniak. Bovendien is de industrie slechts verantwoordelijk voor 2 procent van het stikstofprobleem in Nederland, terwijl die voor 75 procent voor de rekening van de landbouw komt.
Kosten
Het enige andere scenario dat in de buurt komt van het doel uit het vonnis is dat waarin alle bedrijven in Nederland de stikstofuitstoot met 55 procent moeten verminderen. Het doel wordt dan voor 93 tot 98 procent gehaald, aldus de doorrekening van WUR. De impact voor burgers is bij deze aanpak klein. De overheid zou eenmalig 4,3 miljard euro kosten maken voor nadeelcompensatie en investeringssubsidies in de landbouw. Wat de overheid in dit scenario kwijt is aan de industrie is onbekend.
Landbouwminister Femke Wiersma is in hoger beroep gegaan tegen de Greenpeace-uitspraak. De milieuorganisatie zelf wijst er in een reactie tegen het ANP op dat de kern van het Wageningse rapport is dat het vonnis wel degelijk haalbaar is en de economie en samenleving juist veel kan opleveren. „Dan moet je wel aan de juiste knoppen draaien, in tegenstelling tot de manier waarop LVVN (het ministerie, red.) de aanpak heel strategisch had voorgekauwd. Bovendien is niets doen evengoed ingrijpend”, zegt Hilde Anna de Vries van Greenpeace.
In reactie op de uitspraak waarschuwden drie Wageningse wetenschappers in januari al in het Reformatorisch Dagblad dat vasthouden aan de doelen uit de huidige wet leidt tot „grootschalige bedrijfsbeëindiging” in de veehouderij. Dat kost de overheid niet alleen veel geld, maar zal ook leiden tot maatschappelijke weerstand, vrezen stikstofprofessor Wim de Vries, ecoloog Wieger Wamelink en onderzoeker Gerard Ros. Zij werkten overigens niet mee aan het huidige rapport.
Volgens deze drie wetenschappers komt Nederland alleen uit het stikstofmoeras als de KDW uit de wet gaat en vervangen wordt door zogeheten emissiebeleid. Die laatste weg wil ook het demissionaire kabinet inslaan.


