Genocide dreigt in verscheurd Sudan: „Dit is geen toevallig geweld”
De rebellengroep Rapid Support Forces (RSF) heeft deze week het westen van Sudan in bezit genomen. Wat volgt, is een nieuwe golf van wreed etnisch geweld. „We zagen mensen voor onze ogen vermoord worden.”

Talloze video’s tonen RSF-strijders die juichen tijdens de executie van ongewapende burgers. Soms schieten ze complete magazijnen leeg op weerloze mensen die proberen te vluchten. Zelfs vanuit de ruimte is de wreedheid zichtbaar: satellietbeelden laten zien hoe de aarde in de stad Al-Fashir op verschillende plekken rood kleurde. Volgens onderzoekers van de Yale School of Public Health zijn dat aanwijzingen voor massa-executies.
Sinds april 2023 vechten het Sudanese regeringsleger (SAF) en de RSF om de macht in het land. Wat begon als een machtsstrijd tussen twee generaals is uitgegroeid tot een van de bloedigste conflicten ter wereld. De strijd spitste zich de afgelopen maanden toe op Al-Fashir, de laatste grote stad in de westelijke regio Darfur die nog in handen was van het regeringsleger. Deze week viel de stad na een belegering van achttien maanden in handen van de RSF.

Voor de inwoners van Al-Fashir was de belegering een ondraaglijke beproeving. De circa 250.000 burgers zaten maanden vast onder beschietingen, terwijl een acuut tekort aan voedsel, water en medicijnen ontstond. „De RSF leek bewust uithongering te gebruiken als strategie om de stad tot overgave te dwingen”, aldus Anette Hoffmann, Sudan-expert bij Instituut Clingendael.
Bewijs
Na de inname is het geweld alleen maar grimmiger geworden. Militairen van de RSF gingen huis aan huis en executeerden inwoners. Volgens de Internationale Organisatie voor Migratie zijn sinds de val van de stad meer dan 36.000 mensen op de vlucht geslagen. Maar wie probeert te ontsnappen, is evenmin veilig. Op de vluchtroutes vinden martelingen, verkrachtingen en moorden plaats.
Dagen na de inname van de stad komen de overlevenden met getuigenissen over de wreedheden van de RSF. „Het leed dat we onderweg tegenkwamen, was onvoorstelbaar”, vertelde de Sudanees Ezzeldin Hassan Musa aan de BBC. Hij vluchtte naar Tawila, op zo’n 60 kilometer van Al-Fashir. „We werden in groepen verdeeld en geslagen. De taferelen waren extreem bruut. We zagen mensen voor onze ogen vermoord worden.”
RSF-leider Mohamed Hamdan Dagalo erkende later dat er „overtredingen” hadden plaatsgevonden in Al-Fashir. Meerdere strijders zouden zijn gearresteerd. Maar volgens Hoffmann gaat het om veel meer dan dat. „Ik heb zelden zulk overtuigend bewijs gezien van wreedheden en massamoorden door de RSF. Dit is geen toevallige escalatie, maar een doelgerichte campagne tegen bevolkingsgroepen vanwege hun etniciteit.”

De slachtoffers zijn vooral niet-Arabische boeren. „Hun waterbronnen worden vernietigd, hun dorpen platgebrand, vrouwen worden verkracht met de boodschap dat ze geen Afrikaanse kinderen meer zullen krijgen”, zegt de onderzoeker. „Het is een strategie van vernietiging van gemeenschappen.”
De RSF komt voort uit de beruchte Janjaweed-milities, die begin deze eeuw huishielden in Darfur. Daarbij werden honderdduizenden niet-Arabische Sudanezen vermoord. „De beschuldigingen van etnische zuivering en zelfs genocide sluiten aan bij het gruwelijke patroon dat Darfur al ruim twintig jaar teistert”, aldus Hoffmann. „Het zijn deels dezelfde daders –alleen met modernere wapens en mooie uniformen– die dezelfde groepen aanvallen met dezelfde methodes.”
Honger
Volgens de Sudankenner markeert de val van Al-Fashir een keerpunt in de oorlog. „De RSF staat militair sterk. Nu ze heel Darfur controleren, beschikken ze over aanvoerroutes vanuit Libië en kunnen ze zich richten op de volgende stap: het oosten van het land en uiteindelijk de hoofdstad Khartoem.” In de deelstaat Kordofan, die tussen Darfur en Khartoem ligt, woeden al hevige gevechten.
De humanitaire situatie in Sudan is inmiddels catastrofaal. „Het leed is bijna niet te bevatten”, zegt Hoffmann. „We zien hongersnood op een schaal die we in veertig jaar nergens anders hebben gezien.” Volgens de Verenigde Naties lijden meer dan 25 miljoen mensen honger. En 12,7 miljoen mensen zijn op de vlucht geslagen.
De internationale gemeenschap kijkt weg, aldus Hoffmann. „Er is een bewuste keuze gemaakt om gebeurtenissen zoals in Al-Fashir niet te voorkomen, vervolgens lijdzaam toe te kijken en holle woorden te herhalen”, concludeert Hoffmann. „Terwijl er wel degelijk een manier is om dit vreselijke geweld te stoppen.”
Volgens Hoffmann ligt de sleutel deels in het aanpakken van buitenlandse steun aan de RSF, met name vanuit de Verenigde Arabische Emiraten. „Zonder die bijstand had de RSF nooit zo ver kunnen komen. Druk op de Emiraten is de meest directe manier om het geweld in Sudan te beperken.”
Toch blijft die druk vooralsnog uit. De Emiraten gelden voor veel westerse landen, waaronder de Verenigde Staten, als belangrijke handelspartner en strategische bondgenoot. Onder meer vanwege hun bemiddelende rol in het conflict tussen Israël en Hamas. „Daardoor blijft de internationale gemeenschap terughoudend om harde maatregelen te nemen, terwijl in Darfur opnieuw een genocide dreigt.”
Vond u dit artikel nuttig?
Gerelateerd nieuws
- Meer over
- Sudan
- Afrika
- Genocide
- Oorlogsmisdaden




