Deze vier verpleegkundigen moeten in het donker de straat op: „Altijd om je heen kijken”
De moord op een meisje, zedendelicten op straat, femicide. Afgelopen week was er veel te doen rond de veiligheid van vrouwen op straat. Wijkverpleegkundigen en thuiszorgmedewerkers gaan dagelijks alleen op pad, ook in het donker. Hoe veilig voelen zij zich?
Nachtelijke achtervolging en dreigende familie

Bedreiging, insluiting in de auto en politiebezoek. Verpleegkundige Janita van den Bosch (31) uit Ede werkt altijd in de nacht en maakt in die donkere uren heel wat mee. Als medewerker van de ambulante nachtzorg gaat ze af op meldingen van bijvoorbeeld valpartijen en personenalarmeringen. Zodoende komt ze op allerlei plekken: allochtone wijken in Utrecht, beruchte buurten in de Bommelerwaard, onrustige straten in Ede en grote steden als Arnhem en Nijmegen. „Ik kijk altijd om me heen en loop met een onderbuikgevoel van: ik zal blij zijn als ik binnen ben.”
Omdat ze altijd op een onbekend adres komt, is het weleens zoeken naar het sleutelkastje. „Mensen denken soms dat ik een inbreker ben als ik met mijn zaklamp loop te schijnen. Dan laten ze me schrikken en soms hebben ze de politie al gebeld.”
Meer dan eens heeft ze meegemaakt dat de allochtone familie van een terminale patiënt allerlei eisen stelde aan de zorg die ze in de laatste levensfase verleende. „Ga je daar niet in mee, dan roepen ze soms allerlei mensen op. Dan weet ik: als ik nu naar buiten ga, wachten die op mij in de auto.” In zo’n geval schakelt ze de politie in. Dat geldt ook als ze na een melding van een valpartij iemand aantreft tussen flessen drank. Dronken mensen helpt ze niet zomaar overeind; ze zouden zomaar handtastelijk kunnen worden.
Over insluitingen op de weg kan ze ook meepraten. „Ik herinner me nog dat een auto voor me kwam rijden en steeds langzamer ging. Daarna kwam er ook een auto achter me. Gelukkig kwam de politie snel nadat ik belde. Daarop gingen de auto’s er gelijk vandoor.” Toen ze nog een sportwagen had, waren de nachtelijke achtervolgingen erger. Die auto heeft ze bewust ingeruild. „Het komt ook voor dat de politie me aanhoudt om te vragen wat ik op de weg doe. Het lastige is dat je ’s nachts alleen lampen ziet. Daarbij komt dat ik vaak moet zoeken waar ik moet zijn. Als er dan iemand achter je aankomt, kan die net zo goed willen helpen. Maar ik schrik altijd.”
Ondanks de gevaren doet Van den Bosch, die de jongste is in haar team, het werk met plezier. „Ik vind de acute zorg leuk. Je moet een situatie telkens inschatten. En mensen zijn achteraf vaak blij en dankbaar met de zorg, omdat er echt wel iets aan de hand was. Tegelijk blijft het een spanningsveld. Als ik echt over mijn veiligheid nadenk, zou ik haast stoppen met dit werk. Maar mensen die ’s nachts wat overkomt, hebben ook recht op zorg.”
In sommige gebieden reden de verpleegkundigen voorheen met een chauffeur. Van den Bosch vond dat niet per se fijner. „Je bent niet alleen, dat is het voordeel. Maar die chauffeurs zijn wel een bepaald slag volk. Ze roken veel, en daar zit je dan de hele nacht mee.”
Gevaar vermijden is geen optie in haar werk. „Ik ben me er bewust van dat mijn eigen veiligheid voorop moet staan.” Toen er onrust was in bepaalde wijken in Ede, reed ze met pepperspray rond. „Ik heb het niet hoeven gebruiken.” Op het werk wordt nagedacht over armbandjes met een alarmknop, maar van Van den Bosch hoeft dat niet per se. „Hoe groot is de kans dat je fysiek wordt aangevallen? Het is vooral de schrik in het donker. Ik ben nuchter en kan de situatie volgens mij goed inschatten.”
Op de fiets door donker IJsselmonde

Ze is een van de weinigen uit haar thuiszorgteam die ook ’s avonds de fiets pakken. Toch zit Arine Drooger (44) uit Oud-Beijerland niet in angst als ze door de donkere straten naar cliënten in Rotterdam-IJsselmonde fietst. „Fietsen vind ik prettiger om mijn hoofd leeg te maken en het is ook praktischer. Via fietspaden schiet je overal tussendoor; met de auto ben je in de stad vaak langer onderweg.”
Toen in de weken rond de afgelopen jaarwisseling drie mensen in IJsselmonde werden doodgeschoten, moest Drooger van haar werkgever verplicht met de auto. Ze voelde zich dan niet per se veiliger. „Je moet parkeren en naar de cliënt lopen. Ook dan kan er wat gebeuren. Je gaat immers nooit met z’n tweeën op pad, al is er in het team altijd ruimte om te sparren.”
Een onveilig gevoel steekt de kop op als Drooger jongeren op fatbikes tegenkomt, of mensen bij wie ze een niet-pluisgevoel heeft. Wat ze in zo’n geval doet? „Stug doorfietsen, voor me uit blijven kijken.” Voor haar eigen veiligheid mijdt ze ’s avonds rustige en stille wegen waar geen auto’s rijden. Dan pakt ze een route door een woonwijk.
Soms vraagt de thuiszorgmedewerker zich af hoelang zij en haar collega’s nog alleen op pad kunnen. Of valt er misschien iets te regelen met een alarmknop? „Maar of ik nu in mijn eigen dorp fiets of in Rotterdam, overal moet ik bewaard worden voor gevaar en ongelukken.”
Nare opmerking nuchter negeren

Ervaring maakt je immuun voor angst, merkt Dineke Abrahamse-Heuvelman (39) uit Krimpen aan den IJssel. De thuiszorgmedewerker van Lelie zorggroep heeft vijf jaar in Rotterdam-Zuid op school gezeten en werkt al 22 jaar in die stad. „Instinctief ben ik wel alert”, vertelt ze. „Als ik uit de auto stap, kijk ik wie er in de omgeving is. Bij flatgebouwen staan soms mensen die me niet zinnen – onverzorgd, dronken of onder invloed van drugs. Dan zorg ik dat ik de app geopend heb waarmee de deuren meteen open gaan. Ook neem ik dan bewust de trap, zodat ik niet samen met een onguur type in de lift beland.”
Soms wordt Abrahamse gevraagd om geld. Andere keren wordt ze nageroepen als ze aan het werk is in de Rotterdamse wijk Alexanderpolder. „Waar moet ik zijn om leuke meisjes aan mijn bed te krijgen?” hoort de verzorgende ig dan bijvoorbeeld. Of: „Dat zustertje mag best mijn piemel komen wassen.” Abrahamse kijkt van zulke opmerkingen niet eens meer op, zegt ze nuchter. „Ik negeer het gewoon. En als iemand het structureel doet, zeg ik gerust: „Houd je bek even dicht.” Het werkt het beste als je ze op de Rotterdamse manier aanpakt.”
In een portiek ligt nog weleens iemand z’n roes uit te slapen, maar als je die persoon met rust laat, gaat het volgens haar over het algemeen goed. Onlangs stond er nog een auto naast die van haar geparkeerd waarin mensen zaten te blowen. „Ze keken me glazig, wazig aan. Ik schat de situatie in, loop door, stap de auto in en rijd meteen weg. Je houding is belangrijk. Het maakt uit of je bangig komt aanlopen of een uitstraling hebt van: wat maak jij mij?”
Ook overdag dreigt soms gevaar

Niet alleen in het donker, ook overdag dreigt voor zorgmedewerkers gevaar, zegt Marijke Vink (54). Ze is wijkverpleegkundige en teamcoördinator bij Lelie zorggroep van het team Rotterdam-IJsselmonde. „We leven in een maatschappij waarin een uniform niks meer zegt. Tegenwoordig bekogel je een ambulance en schop je een politieagent.” Door het duister kunnen zorgmedewerkers zich wel onveiliger voelen, weet ze. „Je kunt niet alles goed zien, waardoor je misschien niet in de gaten hebt dat iemand op je afkomt. Ook zijn mensen misschien eerder beschonken dan overdag.”
Zeker ’s avonds kijkt Vink altijd goed om zich heen. Zijn er in of om de woning van de cliënt mensen die daar niet horen? Ziet ze beschonken mensen, drugsgebruikers of hangjeugd? „Dat maken we wekelijks mee, en bij cliënten in bepaalde buurten dagelijks. Ik heb weleens met de politie moeten afspreken dat ze meteen zouden gaan rijden als we voor een specifiek adres belden.”
Eigen veiligheid gaat voorop, is het adagium in het team. „Wij zijn zorgverleners, geen politie.” In een uiterst geval mag een medewerker ter plekke besluiten geen zorg te verlenen. Zover is het gelukkig nog niet gekomen, vertelt Vink. Wel is in coronatijd vanwege het risico op rellen weleens besloten alle zorg in bepaalde buurten af te zeggen. Ook zijn thuiszorgmedewerkers weleens samen op pad gegaan of liet iemand de telefoon aan zodat een collega op afstand kon meeluisteren en desnoods 112 bellen. „Je moet altijd op je hoede zijn.” Op dit moment denkt de organisatie na over een SOS-knop voor medewerkers.
Vond u dit artikel nuttig?
Gerelateerd nieuws
- Meer over
- Beste van RD
- De Week





