Kerk & religieInterview

Jur Bekooy vertrekt als bouwkundige Groninger Kerken: „Ik denk in eeuwen” 

Als bouwkundige bij Stichting Oude Groninger Kerken heeft Jur Bekooy de tijd altijd gerelativeerd en is hij blijven denken in lange termijnen. „De eeuwen stralen op je af.”

Een oudere man, op een trapje in een kerk. De kerk staat vol steigers.
Jur Bekooij in de Petrus en Pauluskerk in Loppersum. Het interieur van de ”boerenkathedraal” wordt momenteel hersteld in verband met mijnbouwschade. beeld Reyer Boxem

Bekooy was het gezicht van Groninger Kerken, zoals de stichting tegenwoordig heet. Altijd stond hij klaar voor verslaggevers van bijvoorbeeld het Reformatorisch Dagblad als het ging om een bezoek aan een kerk die in het bezit was van de stichting – en hij nam daar steevast de tijd voor. In juli gaat hij met pensioen.

Het gesprek met hem vindt plaats in de consistoriekamer van de middeleeuwse Petrus en Pauluskerk in Loppersum, een van de pronkjuwelen van de stichting. Op dit moment wordt het interieur van de „boerenkathedraal” hersteld in verband met mijnbouwschade.

Tijdens het interview laat de torenklok twaalf galmende slagen horen. „Je wilt niet weten hoe snel we gebeld worden als een kerkklok in een dorp het niet doet”, zegt Bekooy. „Dat zegt genoeg over de betrokkenheid.”

Een oudere man op een grasveld, bij een boom.
Jur Bekooij bij de middeleeuwse Petrus en Pauluskerk in Loppersum. beeld Reyer Boxem

Jur Bekooy werd in 1959 in Leiden geboren en interesseerde zich al jong voor architectuur, zowel historische als hedendaagse. Na zijn studie aan de HTS in Groningen schreef hij een brief naar de stichting met de vraag of er werk voor hem was. Hij werd aangenomen en is er 42 jaar – tot nu toe – blijven werken. In die tijd is het aantal kerken in eigendom sterk gegroeid. Groninger Kerken bezit op dit moment 104 kerken.

Hoe komt het dat de stichting zo veel kerken in eigendom heeft?

„In de middeleeuwen waren er in het Groninger land vaak overstromingen. Daarom werden de huizen op een verhoging in het landschap, een wierde, gebouwd. En ieder wierdedorp behoefde een kerkgebouw. De dorpen met kerken waren dus klein.

Er is nog een reden, namelijk de secularisatie die hier al vroeg doorzette. In de jaren vijftig en zestig kwamen er door de ontkerkelijking al kerken leeg te staan. Toen de historische kerk van Leegkerk gesloopt dreigde te worden om plaats te maken voor woningbouw kwamen mensen in verzet. Hetzelfde gebeurde in Oostum en Obergum. Deze gevallen zijn de aanleiding geweest voor de oprichting van de stichting in 1969.”

Wat voor werk deed u bij Groninger Kerken?

„Ik ben bouwkundige en ben betrokken geweest bij het behoud van monumentale kerken. Maar er is meer, net als met het menselijk lichaam. Het is goed om dat in stand te houden, maar er moet ook wat mee gebeuren. Je moet het gebruiken. Op mijn visitekaartje staan na het woord ”Bouwkundige” de woorden ”Behoud en Ontwikkeling”. Het gaat ook om de toekomst van deze kerken. Bij mijn afscheid kreeg een bankje bij onze kerk van Oldenzijl een van mijn spreuken: ”Vandaag is niet de laatste dag van het verleden, maar de eerste dag van de toekomst”.”

Wat vindt u belangrijk in uw werk?

„De eeuwen stralen op je af. Ik denk in eeuwen. Kwaliteit gaat voor tijd. Restauraties aan kerken moeten goed gebeuren. Dat geldt ook voor de toevoegingen die nodig zijn, zoals het inpassen van toiletten, keukens en vergaderruimtes in het historische kerkgebouw. Dan is alleen de beste architectuur goed genoeg. Het brengt me weleens in tijdnood, ja.”

„Als partijen wat betreft de aardbevingsschade direct met elkaar in gesprek waren gegaan, had het heel anders kunnen lopen”

Jur Bekooy, vertrekkend bouwkundige Groninger Kerken

Hoe is het contact met de overheid en instanties?

„Regels zijn belangrijk, dat zal ik niet ontkennen, maar afvinken is niet genoeg. Het mondelinge contact is van wezenlijk belang. Wij hebben regelmatig fysiek overleg met betrokkenen om plannen te bespreken. Het is nodig om vertrouwen te hebben en eventuele misverstanden uit te spreken en recht te zetten. Als partijen wat betreft de aardbevingsschade direct met elkaar in gesprek waren gegaan, had het heel anders kunnen lopen. Verbinding is nodig. Mijn advies is om bij misverstanden met elkaar in gesprek te gaan en niet meteen handhavend te gaan optreden.”

„In een aantal plaatsen is de kerk de mooie kamer van het dorp geworden, de zondagse kamer welteverstaan”

Jur Bekooy, vertrekkend bouwkundige Groninger Kerken

Welke functie hebben de kerken van de stichting?

„In een aantal kerkgebouwen worden nog steeds kerkdiensten gehouden, zoals in Uithuizermeeden, Spijk en Noordlaren. In andere kerken worden incidenteel diensten gehouden, bijvoorbeeld in deze kerk te Loppersum. In sommige kerken vinden uitvaart- en trouwdiensten plaats. In een aantal plaatsen is de kerk de mooie kamer van het dorp geworden, de zondagse kamer welteverstaan. Mensen komen er samen als er iets te vieren is, bijvoorbeeld voor concerten en jubilea.”

Kunnen toeristen alle kerken bezoeken?

„Ongeveer de helft van de kerken van Groninger Kerken is overdag gewoon open. Als dat niet het geval is, staat er altijd een sleuteladres vermeld, waar men de sleutel kan halen.

In een aantal kerken is er gelegenheid om een kaarsje aan te steken. Mensen doen dat graag om tot rust te komen of een herinnering levend te houden. Nieuw is het Ziltepad, een wandelroute langs de Waddenzee van het oosten van Groningen naar de Kop van Noord-Holland, van kerk tot kerk. De kerk van Losdorp heeft een logeerfunctie. Wandelaars kunnen tegen een geringe vergoeding in die kerk slapen.

Een oudere man, op een trapje in een kerk. De kerk staat vol steigers.
Jur Bekooij in de Petrus en Pauluskerk in Loppersum. beeld Reyer Boxem

Bij de activiteiten zijn veel dorpsinwoners betrokken. De stichting heeft altijd beseft hoe belangrijk het is om samen te werken met de dorpen aan bijvoorbeeld de leefbaarheid in de dorpen. Dat betaalt zich uit. Vrijwilligers vormen de ziel van de stichting. Zonder hen kan Groninger Kerken niet bestaan.”