De opwarming van de aarde laat zich ook voelen in Belém
Ver-O-Peso-markt, Belém. Een ervaring op zich. Deze openluchtmarkt staat bekend als de grootste van Zuid-Amerika. Op zaterdag schuifel ik daar tussen de ontelbare kraampjes met groenten, fruit, kruiden, noten, vlees en vis door.

De koopwaar wordt luidkeels aan de man gebracht. Ook dé lokale specialiteit: gebakken vis met açai. Deze bes groeit aan de açaipalm die zijn bakermat vindt in deze regio.
Zelf vlucht ik snel het marktje weer af. Er staat hier weinig wind en de stank is er niet te harden. De geur van ontbinding hangt rond de kraampjes waar grote lappen vlees en gefileerde vissen hoog opgestapeld liggen. Wordt dit gekocht? In deze verzengende hitte is niets een lang leven beschoren.
De penetrante geur op marktjes schijnt in Brazilië zelfs spreekwoordelijk te zijn, leer ik een paar dagen later van een vriendelijke Braziliaan. Het heet pitiú (spreek uit: pitsie-oe) en wordt ook gekscherend gebruikt zoals in Nederland ”rotte vis”.
De Braziliaanse temperaturen spelen me sowieso parten. Ik ben temperaturen gewend uit ons koude kikkerlandje. In Belém loopt het kwik elke dag op tot ruim boven de 30 graden. Vrijwel jaarrond. ’s Nachts komt het niet onder de 24 graden. Daarbij ligt de luchtvochtigheid –vlak bij het Amazoneregenwoud– hoog.
Vandaar ook dat ik veel puffende delegatieleden zie. Of mensen die lopen met paraplu’s als parasol. De zweetdruppeltjes parelen bij menigeen op het voorhoofd. Mensen gebruiken handwaaiers om zich wat koelte toe te wapperen. Of ze houden het hoofd koel met behulp van fancy miniventilatoren op batterij.
Misschien zijn zulke temperaturen zo gek nog niet tijdens een klimaattop
Regenbuien krijgen voor mij op maandag ook een nieuwe dimensie. Na een interview koers ik weer richting COP30. Dreigende onweerswolken voorspellen niet veel goeds. Dus trap ik flink door op mijn fiets. Ik ben nog maar enkele tellen binnen of de bui barst los. Het plenst zo hard dat men in een oogwenk doorweekt is. De voorheen luchtige bloesjes van arriverende gasten zijn nu nat en plakken tegen het lijf.
De opwarming van de aarde laat zich ook voelen in Belém, leerde ik van een zoektochtje op internet. Het klimaat wordt droger en ook de hitte neemt toe. Volgens een rapport van het Braziliaanse KNMI steeg de maximumtemperatuur sinds 1970 met bijna 2 graden. Ik kan je vertellen: Met deze hitte telt elke graad. Vorig jaar werd zelfs een nieuw record gevestigd: 37,9 graad.
Terwijl ik me van aircogekoelde klimaattop naar dito appartementje haast, bedenk ik me dat zulke temperaturen misschien zo gek nog niet zijn tijdens een klimaattop. Elke onderhandelaar moet er toch last van hebben? Misschien smelt door de hitte niet alleen ’s werelds ijs, maar ook de weerstand om met extra afspraken te komen.

Klimaatjournalist Michiel Kerpel woont de klimaattop in het Braziliaanse Belém bij.
Vond u dit artikel nuttig?
Gerelateerd nieuws
- Meer over
- Klimaatverandering
- Klimaattop 2025


