Voorkeurscampagne loont straks sneller

Het kabinet wil het kiesstelsel wijzigen, en kiest voor het voorstel dat het Burgerforum kiesstelsel in 2006 deed. beeld ANP, Niels Wenstedt

Ondanks een lage plaats op de kandidatenlijst is een bescheiden voorkeurscampagne in de toekomst wellicht voldoende voor een Kamerzetel.

Wat staat er te gebeuren?

Minister Ollongren (Binnenlandse Zaken) liet de Tweede Kamer woensdag weten dat het kabinet het kiesstelsel wil veranderen. Het kabinet concludeert dat het voorstel dat het Burgerforum kiesstelsel in 2006 deed „de beste basis biedt om verder te gaan met de wijziging van ons kiesstelsel.” De staatscommissie parlementair stelsel adviseerde in 2018 het voorstel van het Burgerforum over te nemen.

Hoe luidt dat voorstel?

Kiezers zouden moeten kunnen stemmen op een lijst als geheel, of op een specifieke persoon op de lijst. Bovendien zou de voorkeursdrempel moeten verdwijnen. Bij het toewijzen van zetels zouden allereerst de zetels op basis van stemmen op de lijst moeten worden verdeeld, en wel in de volgorde van de lijst. Vervolgens zouden de zetels op basis van de voorkeursstemmen moeten worden toegewezen aan de overige kandidaten, te beginnen bij de kandidaat met de meeste stemmen.

Hoe is het op dit moment geregeld?

Op dit moment stemt de kiezer altijd op een persoon, al zullen velen dat wellicht niet zo ervaren. Bij de zetelverdeling wordt in principe de lijstvolgorde aangehouden. Als een kandidaat echter genoeg voorkeursstemmen haalt, dan krijgt diegene voorrang op personen die die drempel niet behalen. Voor de Tweede Kamer bedraagt de drempel nu 25 procent van de kiesdeler.

Wat is precies het verschil?

Kandidaten die voorkeursstemmen krijgen, hebben straks een grotere kans om daadwerkelijk verkozen te worden.

Een blik op de Kamerverkiezingen van 2017, waarbij dus iedere stem op een persoon werd uitgebracht, laat zien dat de kiezer de vastgestelde lijstvolgorde –veel makkelijker dan nu– flink zou kunnen omgooien. Zo haalde SGP-lijstduwer Mark Brouwer 592 stemmen, waarmee hij maar vijf SGP’ers voor zich moest laten. De Kamerleden Bisschop en Stoffer haalden respectievelijk 1570 en 926 stemmen. Met een relatief bescheiden voorkeurscampagne zou een lager geplaatste kandidaat dat aantal kunnen overtreffen.

Bij de CU haalde kandidaat Don Ceder meer stemmen dan de Kamerleden Voordewind, Dik-Faber en Bruins, maar niet genoeg om met voorkeur te worden verkozen. In de nieuwe situatie, zonder voorkeursdrempel, zou het zomaar anders kunnen uitpakken.

Het voorstel van het kabinet kan dus forse consequenties hebben. De vergelijking met de verkiezingen van 2017 is echter gebrekkig. Belangrijk is namelijk hoeveel kiezers straks op de lijst als geheel zullen stemmen, en hoeveel een voorkeursstem op een persoon zullen uitbrengen.

Wanneer moet de wijziging ingaan?

Het kabinet wil snel met een wetsvoorstel komen, maar duidelijk is dat de Kamerverkiezingen van volgend jaar op de huidige wijze zullen plaatsvinden.