Van der Staaij (SGP): Slob moet stevig blijven staan achter artikel 23

Vrijheid van onderwijs
Van der Staaij. beeld ANP, Bart Maat

In een Kamerdebat nam donderdag ook premier Rutte scherp stelling inzake visiedocumenten van refoscholen. Afwijzen van homoseksualiteit? „Onacceptabel”, zei de toonaangevendste politicus van het land. SGP’er Van der Staaij: „Dit bevestigt wat we eerder deze week al zagen gebeuren: de panelen verschuiven razendsnel.”

Dat een ruime meerderheid in de Nederlandse politiek geen ruimte meer wil bieden aan refoscholen om een Bijbelse visie te hebben en uit te dragen op relaties en seksualiteit, is geen losstaand incident, zegt SGP-leider Van der Staaij. „Dit is onderdeel van een bredere ontwikkeling. We zagen het eerder bij de aanscherping van regels voor trouwambtenaren. Was er aanvankelijk nog enig begrip voor die trouwambtenaren die gewetensbezwaren hadden tegen het sluiten van homohuwelijken, later werd die houding als beledigend bestempeld en mochten zij hun werk niet meer doen.”

Iets dergelijks signaleerde Van der Staaij onlangs in een andere kwestie. „In het vragenuur ging het over de ANBI-status van hulpverleningsinstellingen. Als die ‘iets’ zouden doen met homogenezing, moest hun die status snel worden ontnomen, vond een groot deel van de Kamer.”

Een opvallende overeenkomst tussen laatstgenoemd debat en de ophef over visiedocumenten: „Steeds zie je dat velen eigenlijk niet helemaal scherp hebben wat er nu precíés aan de hand is, wat de exacte omschrijving van homogenezing is of de werkelijke inhoud van visiedocumenten, maar dat er wel heel stellige uitspraken worden gedaan over wat er allemaal niet zou mogen of qua wetgeving zou moeten veranderen.”

Daarbij helpt het helaas weinig als van christelijke zijde de juiste feiten worden aangedragen, merkt Van der Staaij. „Het heeft er alles van weg dat het de critici er eigenlijk niet om gaat hoe een en ander in die visiedocumenten precies is verwoord. Men vindt de klassiek-christelijke opvatting over huwelijk en seksualiteit sowiewo anno 2020 niet meer kunnen. Dat vind ik aangrijpend. Gaat men tegen deze documenten echt optreden, dan komen mijns inziens logischerwijze ook de vrijheid van opvoeding thuis en de vrijheid om dingen in de kerk te zeggen, in de gevarenzone.”

Kan het zo zijn dat het nadere onderzoek dat minister Slob wil laten doen naar de visiedocumenten, gaat uitwijzen dat zij wel degelijk toelaatbaar zijn?

„Het laatste woord is hierover nog niet gezegd. Maar het gesternte is ongunstig.”

Wat verwacht u in deze kwestie van een onderwijsminister van Chris-tenUniehuize?

„Dat wat ik van elke minister van OCW verwacht: dat hij of zij stevig blijft staan achter artikel 23 van de Nederlandse Grondwet. Naar mijn stellige overtuiging wordt aan de vrijheid van onderwijs ingrijpend afbreuk gedaan als deze affaire tot een wetswijziging zou leiden die het gebruik van visiedocumenten, zoals ik die nu ken, zou verbieden.”

Wat zei Rutte precies?

Als anno 2020 op scholen de indruk zou worden gewekt dat het mensen vrij staat om afwijzend te staan tegenover homoseksualiteit, dan zou dat voor mij „onacceptabel” zijn, zei premier Rutte donderdag. Hij reageerde op SGP-Kamerlid Van der Staaij die „antihomoverklaring” geen juiste typering vond voor de visiedocumenten van reformatorische scholen. Van der Staaij voerde aan dat refoscholen recht hebben op hun eigen opvatting over huwelijk en seksualiteit. Daarop zei Rutte: „Als op scholen de indruk zou kunnen worden gewekt dat het mensen vrij staat om afwijzend te zijn over homoseksualiteit is dat niet het Nederland waar ik voor ben. Dan ben ik de eerste om de wet aan te passen. Dat is echt onbestaanbaar.”