Politiek breekt zich het hoofd over Chinese reus

Premier Rutte en de Chinese president Xi Jinping. beeld ANP, Robin van Lonkhuijsen
4

Een reus die almaar machtiger wordt, christenen in het nauw drijft en alles in het werk stelt om waardevolle informatie te bemachtigen. Het kabinet komt deze woensdag met een visie op China. Wat willen de drie christelijke partijen?

„Nee”, zegt Martijn van Helvert resoluut op de vraag of China als gevaar moet worden gezien. „Maar wel als opkomende mogendheid die vanuit een heel andere traditie dan de onze komt.” De CDA’er, woordvoerder buitenlandse zaken in de Tweede Kamer, vond vorig jaar een meerderheid voor zijn idee dat het kabinet met een Chinastrategie moest komen.

Joël Voordewind (ChristenUnie) noemt China een land „met twee gezichten. Het is een heel belangrijke handelspartner, maar tegelijk doen er zich natuurlijk bedreigingen voor.” Hij spreekt van „grote gevaren” in politiek, strategisch en militair opzicht. In Amerika, dat hij recent bezocht, wordt China als de grootste bedreiging in de wereld gezien, aldus Voordewind. „Dat deel ik wel.”

Blok._beeld_ANP,_Martijn_Beekman_webBlok: Niet bang zijn voor China

SGP-leider Kees van der Staaij ziet vooral de geopolitieke invloed van China toenemen, net als het belang van het land als samenwerkingspartner op belangrijke onderwerpen zoals de energietransitie. Het land wint aan militaire macht, en wil steeds vaker politieke doelen halen met economische middelen, stelt hij vast. „Het is hoog tijd en zeer urgent dat het kabinet met een afgewogen benadering komt.”

De discussie over de aanleg van het zogenaamde 5G-netwerk maakt de vraag hoe om met China te gaan bijzonder actueel. De Chinese telecomgigant Huawei wil het ultrasnelle netwerk dolgraag in tal van Europese landen aanleggen, maar westerse overheden vrezen spionage. De Chinese overheid zou via het bedrijf toegang kunnen krijgen tot het dataverkeer, zo is de angst. De Europese verkiezingen, die onder meer gaan over hoe en op welke terreinen Europese landen moeten samenwerken, maken de Chinastrategie extra actueel.

Mokerslag

Op de vraag welke punten er hoe dan ook aan de orde moeten komen in de nieuwe strategie, reageren de partijen verschillend. Zowel Van der Staaij als Voordewind noemt aandacht voor christenvervolging, geloofsvrijheid en mensenrechten als een van de absolute vereisten. De ChristenUnie wil dat er daarnaast ten minste aandacht is voor de politiek-strategische aspecten van de relatie met China, bijvoorbeeld waar het gaat om Chinese controle over belangrijke (digitale) infrastructuur. Bovendien hoopt hij dat de kabinetsnota het onderwerp bedrijfsspionage bespreekt. De spionage bij de Nederlandse chipmachinefabrikant ASML noemt hij „een mokerslag.”

Van der Staaij wil van het kabinet horen hoe er een gelijk economisch speelveld komt tussen China en Europa. „China heeft succesvol toegang tot de Europese markt, maar in China worden onze bedrijven afgehouden.” Daarnaast moet er aandacht zijn voor de „militaire aspiraties” van het land. Verder wil de SGP weten hoe het kabinet zich verzekert van goede kennis over China.

De SGP-leider noemt de strategie „een punt van herijking.” Wat hem betreft is het hoog tijd om van de gedachte af te stappen dat het omarmen van kapitalisme door China zou leiden tot grotere vrijheid. „De touwtjes worden juist strakker aangetrokken door Xi Jinping (de huidige Chinese president, CH).” Volgens Van der Staaij gebruikt het land zijn economische macht voor het uitrollen van „de totalitaire agenda.”

Christenvervolging

Het CDA nam onlangs al een voorschot op de Chinastrategie van het kabinet door met een eigen visie te komen. De partij benoemt daarin een tiental concrete punten. De thema’s mensenrechten en christenvervolging komen in het document echter niet aan bod, ondanks het feit dat de drie christelijke partijen hiervoor in de Kamer vaak wél aandacht vragen. In plaats daarvan richt de CDA-notitie zich vooral op maatregelen die de Nederlandse handel en veiligheid moeten beschermen.

Van Helvert legt uit dat dit komt doordat het stuk vooral een „actieprogramma” is, gericht op de ontwikkeling dat China steeds meer voet aan de grond krijgt in vitale sectoren in het Westen. „Pas als je daarin een evenredige relatie hebt, kun je echt wat zeggen over hoe het er in China aan toegaat. Het eerste wat moet gebeuren is dat China niet onze kernsystemen gaat zitten.”

Dat neemt niet weg dat hij altijd over mensenrechten zal blijven spreken, benadrukt Van Helvert. Bovendien komt China aan bod in een bredere strategie van zijn partij rond christenvervolging, verzekert hij. „Maar als je nergens druk kunt zetten, verander je niks. China gaat nu eenmaal niet uit zichzelf of uit goeiigheid iets verbeteren. Resultaat zal er pas zijn als we met z’n allen druk kunnen uitoefenen.”

Het CDA vraagt daarom in de notitie allereerst aandacht voor zaken zoals het stoppen van het verkopen van landbouwgrond aan Chinese investeerders en voor investeringen in eigen, Europese innovatie.

Dominee

Voordewind en Van der Staaij benadrukken daarentegen dat aandacht voor christenvervolging hoe dan ook een plaats moet krijgen. Van der Staaij vindt het kabinet op dit punt „echt nog te tam, terwijl ik de situatie drastisch zie verslechteren. Kruisen worden van kerken gesloopt; christenen kunnen online geen Bijbel meer kopen en voorgangers worden van de preekstoel gehaald als ze zeggen dat de Heere Jezus de belangrijkste Persoon is die gediend moet worden. Daar schrik je van. Hier moet meer aandacht voor komen, en dit mag niet ontbreken in de strategie.”

Ook Voordewind uit zijn zorgen over de greep van de Chinese staat op de kerk, waardoor huiskerken verboden zijn en legale kerken de socialistische leer moeten uitdragen. „En de werkkampen, niet te vergeten. Daar zitten tussen de 500.000 en de 1 miljoen mensen; dat blijft een enorme zorg.”

Maar hoe ver moet Nederland gaan in het hameren op mensenrechten? Wat als het voor economische schade zorgt, doordat China terugslaat? „Het moet niet zo zijn dat je uit angst voor economische schade je mond hierover houdt. Tegelijkertijd, als je het alleen maar noemt en niets bereikt, behalve dat je schade lijdt, is dat ook onverstandig. Je moet de kosten overrekenen. Maar ik geloof niet dat een stevige dialoog waarin je elkaar respecteert ertoe leidt dat allerlei contracten niet meer worden getekend”, aldus Van der Staaij.

Voordewind stelt dat Nederland ook op dit punt met Europa en Amerika moet optrekken. „Het mag best wat kosten, maar alleen als we samen optrekken. We moeten het lef hebben om te dreigen met persoonsgerichte sancties tegen de mensen die verantwoordelijk zijn. Met Iran durven we dat meestal wel, maar als het over China gaat, wordt het oorverdovend stil.”

Ook Van Helvert benadrukt het belang van samen optrekken met andere Europese landen. „Anders gaat het wel heel veel pijn doen, en zie je het draagvlak direct afnemen.”

Trump

Wat die samenwerkingspartners betreft, blijken de partijen erg te verschillen in hun beoordeling van de Amerikaanse president Trump. De president schuwt de confrontatie niet bepaald. „Heel slecht”, noemt Van Helvert zijn aanpak. „Ruzie maken met de EU en de NAVO, en dan de confrontatie aangaan met China.”

Van der Staaij ziet dat anders: „Alle kritiek op Trump ten spijt: je ziet dat zijn heel assertieve benadering behoorlijk goed heeft gewerkt”, reflecteert hij op het economische conflict.

„Je kunt van Trump vinden wat je wilt, maar af en toe geeft hij toch heel stevige statements. Bijvoorbeeld rond die voorganger die vastzat in Turkije”, merkt Voordewind op. „We moeten nauw aansluiten bij de Amerikanen. Wij geven wel regelmatig statements, maar je ziet dat de Amerikanen het wél echt stevig durven aan te pakken.”

Desondanks zijn de partijen het erover eens dat Nederland hoe dan ook in internationaal verband China moet benaderen, allereerst samen met andere Europese landen. „Als China altijd bilateraal (tussen twee landen, CH) afspraken mag maken, dan blijft het spekkoper. Maar Europa heeft het al best goed gedaan. Beter dan Trump, zou ik zeggen”, aldus Van Helvert over de gesprekken die de EU met China heeft gevoerd.

Een Europese minister van Buitenlandse Zaken vinden de partijen echter onnodig en ongewenst.

Abortuskliniek

De partijen zijn ook bezorgd over de grote invloed van China in armere landen. China maakt bij ontwikkelingssamenwerking geen nummer van mensenrechten, maar eist wel toegang tot belangrijke infrastructuur en grondstoffen. „Een vorm van kolonialisme”, meent Voordewind. Volgens hem verliezen Afrikaanse landen hierdoor autonomie en zelfstandigheid, en moeten organisaties als het IMF en de Wereldbank tegenwicht bieden.

Van der Staaij ziet vooral een verantwoordelijkheid voor de betreffende landen zelf. „Het is van groot belang dat westerse landen voet aan de grond houden, maar we gaan niet meewerken aan mooie projecten, zoals wegen, die vervolgens gebruikt worden om er vervolgde christenen over af te voeren.”

Van Helvert vindt dat Nederland iets van die Chinese aanpak moet overnemen. „Als wij aan ontwikkelingssamenwerking doen, gebeurt het dat we eisen we dat er een gay pride of abortuskliniek in dat land komt. Dan zeg ik: eis ook eens wat van die andere kant. Want straks hebben wij op het gebied van mensenrechten heel veel voor elkaar gekregen, maar bepaalt China verder wat die overheden doen.”

Wrijving tussen ministeries

Onder ambtenaren is de afgelopen tijd „flinke irritatie” ontstaan over de Chinastrategie, berichtte de NOS in april. Maar liefst acht bewindspersonen zouden bij de strategie betrokken zijn, en de verschillende ministeries konden moeilijk tot overeenstemming komen. De spanning zou vooral ontstaan door een verschillende visie tussen de veiligheidsdiensten en het ministerie van Justitie en Veiligheid enerzijds, en de ministeries van Buitenlandse Zaken en van Economische Zaken anderzijds. Die laatste departementen zouden vooral oog hebben voor de economische en diplomatieke belangen, terwijl de veiligheidsdiensten voorop willen stellen dat Nederland zo min mogelijk afhankelijk moet zijn van China. Als oplossing zou bedacht zijn dat de strategie vooral zal gaan over handel en de onderlinge verhoudingen. Kort daarna moet er een afzonderlijke notitie komen over de invloed van China op het 5G-netwerk.