Kabinet scoort onvoldoende voor stikstof

Nieuwe problemen bedreigen het kabinet, nu de commissie-Remkes een onvoldoende geeft voor de nieuwe stikstofaanpak.

Volgens het adviescollege stikstofproblematiek vertoont de voorgestelde structurele aanpak overeenkomsten met het Programma Aanpak Stikstof (PAS), de regeling die vorig jaar bij de rechter geen stand hield. De vereiste juridische borging is onvoldoende, meent de commissie. Verder zorgt werken met een streefwaarde voor het terugdringen van stikstof onvoldoende voor een resultaatverplichting, en is niet duidelijk of maatregelen afdwingbaar zijn. Bovendien moet het kabinet ambitieuzer zijn in de doelstelling voor het terugdringen van binnenlandse stikstofuitstoot: geen 26 procent in 2030, maar 50 procent.

Het stevige oordeel is een tegenvaller voor het kabinet, dat tijdens de coronacrisis niet stilzat op het stikstofdossier. Integendeel: het eindadvies van Remkes werd niet afgewacht. Minister Schouten stuurde de Tweede Kamer eind april haar „structurele aanpak stikstof.” De Raad van State zal zich nog uitspreken over een bijbehorend wetsvoorstel.

Juridische houdbaarheid staat voor het kabinet voorop, zei minister Schouten (Landbouw)maandag na de overhandiging van Remkes’ rapport.

Het oordeel van de Raad van State over de juridische houdbaarheid noemde Schouten „van cruciaal belang om te weten of dit op deze manier kan”, verwijzend naar de weg die het kabinet voor zich ziet. Ook vanuit het CDA en de ChristenUnie wordt gewezen op de beoordeling door de Raad.

Daarmee schuift de coalitie de hete aardappel nog even voor zich uit. Lang kan dat niet zijn. Als ook de Raad de nieuwe aanpak juridisch te wankel vindt, zal men opnieuw om tafel moeten. Het is geen geheim dat de coalitiepartijen van mening verschillen over de aanpak van de stikstofcrisis. Ieder plan en iedere oplossing van het kabinet is een compromis. Steeds weer strijden boerenbelangen en het versterken van de natuur om voorrang. Temidden van die strijd moet het kabinet ervoor zorgen dat plannen de juridische toets kunnen doorstaan.

Juist dit element dreigt het politieke compromis nu te gaan dwarsbomen. Als er een nieuw evenwicht moet worden gevonden, betekent dat winst voor de ene partij, en verlies voor een andere partij. Veelzeggend is dat D66-Kamerlid Tjeerd de Groot de uitspraken van het adviescollege „een steun in de rug” noemt.

Ook CU-Kamerlid Carla Dik-Faber ziet een bevestiging in de uitspraken van de commissie. „De stikstofuitstoot moet omlaag –nog veel verder dan waar we tot nu toe vanuit gingen– en de zorg voor de natuur veel beter.”

Verkiezingen

Het oordeel van de commissie geeft de twee coalitiepartijen, net als de linkse oppositie, nieuwe munitie. Toch is het maar zeer de vraag of het kabinet, zelfs als dat juridisch daadwerkelijk nodig lijkt, bereid is om nog verdergaande stikstofmaatregelen te nemen. Niet vergeten moet worden dat 17 maart 2021 –de dag van de Kamerverkiezingen– zo voor de deur staat. Zeker VVD en CDA zitten in verkiezingstijd niet te wachten op nieuwe, pijnlijke maatregelen. Met name PVV en FVD zullen de aanval maar al te graag willen inzetten.

Tegelijkertijd dreigt voor D66 en CU schade als de coalitie het compromis eigenlijk wel zou moeten openbreken, maar dat niet doet. Met name D66, dat het slecht doet in de peilingen, moet er dan voor vrezen door de linkse concurrentie in het nauw te worden gedreven.

Niet ondenkbaar is dat het kabinet zal proberen zónder grondige wijzigingen het nieuwe wetsvoorstel over de structurele aanpak door beide Kamers te loodsen. Omdat de coalitie in de Tweede én Eerste Kamer geen meerderheid heeft, wordt het dan wellicht kantje boord – net als bij de eerdere spoedwet stikstof. Of deze wet in de praktijk juridisch onhoudbaar is, met alle gevolgen van dien, wordt wellicht pas ná de verkiezingen duidelijk.