Groningers testen ruimer; minister verontwaardigd

Corona
Een laboratorium in het Universitair Medisch Centrum Groningen. Hier is voldoende materiaal aanwezig om –op het huidige niveau– tot minstens de zomer te kunnen testen op corona. beeld ANP, Kees van de Veen

„Noordelijke provincies laten landelijk beleid los en testen massaal zorgmedewerkers”, kopte een artikel in De Groene Amsterdammer zondag. Minister Hugo de Jonge reageerde verontwaardigd. Donderdag komt de kwestie aan bod in een Kamerdebat. Toch lijkt het een storm in een glas water.

„Wij hebben ons losgekoppeld van het landelijke beleid en doen het gewoon bij zorgverleners: testen, testen, testen”, beweerde Alex Friedrich, arts-microbioloog in het Universitair Medisch Centrum in Groningen, in het bewuste artikel. „Het grootste risico is dat ziekenhuispersoneel besmet raakt en patiënten en collega’s gaat besmetten, die dan weer de regio in gaan. Ziekenhuizen kunnen daardoor tot stroomversnellers van de epidemie worden. Het landelijk beleid is tot nu toe om zorgmedewerkers niet meer te testen. Wij doen dat, net als een aantal andere ziekenhuizen, wel.”

Minister De Jonge reageerde maandag op NPO 1 furieus. „Het is juist de bedoeling dat je samen optrekt. Er is gebrek aan testmateriaal. Daarom moet je restrictief omgaan met de testen. Blijf bij klachten thuis. Nu wordt er gewerkt aan een richtlijn, waar iedereen zich straks aan zal moeten houden. Ieder voor zich is geen manier om deze crisis te lijf te gaan.”

Viroloog prof. Bert Niesters van het UMCG snapt de boze reactie van De Jonge niet. „Ik denk dat hij niet goed is ingelicht. We testen nauwelijks meer dan andere ziekenhuizen.”

Volgens de officiële richtlijn komt alleen noodzakelijk ziekenhuispersoneel, dat werkt op de intensive care of de hartbewaking, in aanmerking voor een test als iemand coronaklachten heeft. Ander zorgpersoneel moet thuis –zonder test– uitzieken. „Wij doen precies hetzelfde”, zegt Niesters. „We testen alleen patiënten en zorgverleners met klachten die op de ic werken. Netjes volgens de richtlijn. Niet-noodzakelijk personeel, zoals secretaresses, werken thuis en gaan we ook niet testen.”

Dan is er nog het verwijt van de minister dat overmatig testen leidt tot een tekort aan testmateriaal. Ook daar is Niesters het niet mee eens. „We gebruiken materiaal van andere leveranciers dan de meeste laboratoria in Nederland doen. Tachtig tot 90 procent van de spullen die zij gebruiken, komt van de Zwitserse farmaceut Roche; wij bestellen voornamelijk bij andere fabrikanten. We concurreren daarom niet met de beschikbare middelen. Eigenlijk zijn we juist behulpzaam: we testen ook voor andere laboratoria in onze regio en daarbuiten.”

Plastics

De methode van een coronatest is eigenlijk vrij eenvoudig, stelt de Groningse viroloog. „Met een wattenstaafje wordt slijm diep uit de keel- en de neusholte gehaald. Bij een ziek persoon kunnen daar zo’n 100 miljard virusdeeltjes zitten. Uit het slijm wil je RNA –het genetische materiaal– isoleren, zodat je weet of het coronavirus aanwezig is. Daarvoor gebruik je een soort heel fijn zand, dat bindt aan het RNA. Dan doe je een paar wasstappen. Vervolgens vermenigvuldig je het RNA met een PCR-reactie, een veelgebruikte methode.”

Welk materiaal is nu zo beperkt voorradig? Niesters: „Onder andere de plastics die nodig zijn voor de wasstappen. Het klinkt heel idioot, maar het is wel zo. Deze plastics passen alleen in bepaalde apparaten. Zoals een Mercedesstuur alleen in een Mercedes past. Maar een Volkswagen up!, waar Volkswagenonderdelen voor nodig zijn, rijdt net zo goed. Concreet: wij gebruiken apparatuur van een ander merk, en zijn daarom momenteel niet afhankelijk van plastics van firma Roche.”

De Groningse virologen zagen de coronapandemie aankomen en hebben daarom tijdig materiaal ingeslagen. „Normaal is er voorraad voor een paar maanden, nu hebben we nog extra aangeschaft”, zegt Niester. „Met de hoeveelheid testen die we dagelijks doen, zouden we het makkelijk tot de zomer kunnen volhouden. Wel bereiden we ons voor op een groter aantal per dag. We trekken met anderen samen op. Dat weet ook bijna iedereen. Maar in deze tijd slaat de hectiek en emotie weleens toe.”

Forum voor Democratie heeft voor het Kamerdebat van donderdag schriftelijke vragen over de Groningse kwestie gesteld.