Derde marineschip naar Sint-Maarten

Het grootste schip van de marine gaat hulp brengen naar Sint-Maarten. Zr. Ms. Karel Doorman wordt naar het door orkaan Irma verwoeste eiland gestuurd, zei minister Ronald Plasterk (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) woensdag na nieuw crisisberaad met de meest betrokken ministers. Ook honderd genisten van de landmacht vertrekken naar het getroffen gebied voor noodherstel.

Het marineschip, met een groot helikopterdek, ligt nu nog in de Oostzee, maar keert terug naar Den Helder. Daar wordt het dan in twee dagen vol met hulpgoederen geladen en vaart daarna in elf dagen naar de Cariben, aldus Plasterk die het vaartuig een „drijvende stad” noemt. De marineschepen Pelikaan en Zeeland helpen de Bovenwindse Eilanden al.

De bewindsman bezocht de afgelopen dagen Sint-Maarten, Saba en Sint-Eustatius met koning Willem-Alexander. Plasterk verwacht dat binnen enkele weken overgegaan kan worden van de fase van noodhulp naar de opbouwfase. Hij wilde geen bedrag noemen dat voor de wederopbouw nodig is.

Na de orkaan braken plunderingen uit op Sint-Maarten, dat het zwaarst is getroffen. Honderden militairen moesten daarna met de lokale politie de openbare orde herstellen. De plunderaars komen deze week al voor de rechter heeft Plasterk van de procureur-generaal gehoord. Volgens de minister is met het OM afgesproken dat gearresteerde plunderaars blijven vastzitten. Als er geen plek is komt er extra detentieruimte.

Een groot deel van de huizen op het eiland is beschadigd. „Een behoorlijk deel daarvan is onherstelbaar beschadigd.” Het Rode Kruis meldt dat 91 procent van de gebouwen op Sint-Maarten is beschadigd. Door de ramp zijn de verschillen tussen arm en rijk op het eiland volgens de bewindsman „enorm uitvergroot”. De beste gebouwen zijn blijven staan, terwijl in arbeidswijken „het een grote ravage” is.

Plasterk vroeg ook aandacht voor de nationale actiedag vrijdag op televisie en radio. Hij riep mensen op vooral geld te geven, maar geen spullen omdat het transport ervan moeilijk is. Volgens hem is er veel betrokkenheid bij Sint-Maarten en zijn er veel initiatieven.