Blokhuis: Subsidiestop Siriz niet aan de orde

beeld Martin Droog
2

Het is niet onwenselijk, maar juist waardevol als organisaties van diverse snit keuzehulp bieden aan onbedoeld zwangere vrouwen, vindt staatssecretaris Blokhuis. Uit een Kamerbrief blijkt dat een subsidiestop voor Siriz wat hem betreft niet aan de orde is.

Inderdaad, bevestigt Blokhuis in de woensdag verstuurde brief. Siriz werkt vanuit andere kernwaarden dan bijvoorbeeld FIOM; een instantie die eveneens keuzebegeleiding biedt. Of dat erg is, zoals PvdA en GroenLinks betogen? Nee, stelt de bewindsman, het hanteren van verschillende waarden hoeft de kwaliteit van het keuzegesprek niet in de weg te staan. Dat wil zeggen: zolang de betrokken partijen maar binnen de dezelfde richtlijnen werken en het uitgangspunt van de keuzebegeleiding helder is.

Wat Blokhuis betreft is dat het geval. De keuzevrijheid van de vrouw staat voorop en haar eventuele keuze mag tijdens keuzehulpgesprekken nooit ter discussie staan, laat hij weten. Verder moeten de waarden van de organisatie bekend zijn bij de vrouwen die er aankloppen. Een hulpinstelling mag deze niet gebruiken om doel of uitkomst van het gesprek een bepaalde kant op te sturen.

Momenteel is Blokhuis met de gezamenlijke hulpinstanties bezig om de kwaliteitscriteria op papier te zetten, staat in de brief. Later dit jaar volgt nog een inschrijvingsronde, waarna hij beslist welke hulpprojecten van welke organisaties er voor 2019 en later vanuit het ministerie worden gefinancierd.

Omaatje

Enkele weken geleden nam De Groene Amsterdammer Siriz onder vuur. Een hulpverleenster van de organisatie vroeg in een chatkeuzehulpgesprek aan een vrouw die een abortus overwoog: „Stel dat je later als tachtigjarig omaatje terugkijkt op je leven, is deze keuze dan ook de meest passende beslissing geweest?” aldus het weekblad. PvdA en GroenLinks noemden dat „een onacceptabele sturende vraag.”

Blokhuis zegt het echter logisch te vinden dat hulporganisaties de diverse kanten van een mogelijk besluit laten zien, om vrouwen zo in staat te stellen de voors en tegens zo goed mogelijk tegenover elkaar te zetten. Ook na de publicatie in De Groene vertrouwt de bewindsman erop dat alle partijen, waaronder dus ook Siriz, proberen dit zo objectief mogelijk te doen. Wel wijst hij erop dat er in een gesprek altijd nuances zullen zijn „die misschien op verschillende manieren zijn te interpreteren.”

Onderdeel van de vragen van PvdA en GroenLinks was ook een verzoek om met voorstellen te komen waarin Siriz van subsidieverlening wordt uitgesloten. Blokhuis zou dat moeten doen voordat de Kamer zich volgende week over de VWS-begroting van 2019 buigt. De bewindsman gaat niet in op deze wens, maar wijst beide partijen alleen op de inschrijfronde die eraan komt.

Bestuurder Ronald Zoutendijk van Siriz liet donderdag desgevraagd weten dat zijn organisatie het voornemen van het ministerie om gemeenschappelijke kwaliteitscriteria te gaan hanteren, steunt. „Daarbij gaan we ervan uit dat de vergewisplicht zoals genoemd in artikel 5.2.b van de Wet afbreking zwangerschap hiervan deel gaat uitmaken”, aldus de bestuurder. „De vrouw heeft recht op goede informatie om tot een keuze te komen. Als zij daarom vraagt, willen we ook met haar kunnen onderzoeken of de noodsituatie waarin zij verkeert kan worden afgewend of verminderd, bijvoorbeeld door daadwerkelijke psychosociale en praktische ondersteuning te bieden. Dat laatste valt onder het begrip ‘brede’ keuzehulp.”

Blokhuis’ antwoorden op de door PvdA en GroenLinks gestelde vragen over Siriz noemt Zoutendijk „adequaat.”