Máxima duikt in Zeeuwse mossels en oesters

beeld ANP
8

Koningin Máxima bezocht vrijdagochtend Zeeland. Zij werd tijdens een werkbezoek aan Colijnsplaat en Zierikzee bijgepraat over de teelt van zilte groenten als zeekraal en lamsoren, innovaties in de mosselkweek, onderwijs en kweek van vis op land.

In de haven van het dorp Colijnsplaat nam zij de tijd om een paar handen te schudden van lokale bewoners. “Helemaal geweldig”, bekende een vrouw aan een verslaggever van de PZC. Maar “helaas geen selfie”, voegde ze daar aan toe.

De vorstin legde de afstand tussen de twee bestemmingen af per boot. Onderweg sprak Máxima met vertegenwoordigers van de Zeeuwse mossel- en oestersector. In Zierikzee bracht de koningin een bezoek aan de Zilte Academie Zeeland, waar zij een korte gastles volgde over koken met zeeproducten.

Volgens Omroep Zeeland probeerde Máxima op de academie zelf ook nog een oester te steken, maar dit bleek moeilijker dan gedacht. Studenten die met haar spraken stelden na afloop dat zij heel vriendelijk en belangstellend was.

Video

Het document kan niet getoond worden, omdat het mogelijk is dat het cookies plaatst die volgens uw cookie-instellingen niet toegestaan zijn.
Sta alle cookies toe om het document te tonen en ververs dan de pagina.

De koningin bezocht de provincie Zeeland op uitnodiging van Commissaris van de Koning Han Polman. Hij wilde haar kennis laten maken met de Zeeuwse aquacultuur.

De koningin is niet het enige lid van de koninklijke familie dat vrijdag vroeg in de veren was. Prins Constantijn is in Den Haag bij het Internationale Ondernemersonbijt. Bij het begin van het ontbijt, dat de aftrap van de Nationale Ondernemersdag van ONL Voor Ondernemers vormt, wordt Constantijn bevraagd over StartUpDelta2020. De prins is sinds deze zomer special envoy van het Nederlandse programma voor start-ups.

Ook Constantijns echtgenote prinses Laurentien is vrijdag op pad. Zij reist af naar Leeuwarden, waar ze het vernieuwde en gerestaureerde gebouwencomplex van Fryske Akademy opent. Het wetenschappelijk instituut voor de Friese taal en cultuur is gehuisvest in een 18e-eeuws monumentaal pand. Voor het eerst sinds de ingebruikname door de Fryske Akademy, die in 1938 werd opgericht, zijn de panden volledig gerestaureerd.