Koning opent Ommelander Ziekenhuis

Koning Willem-Alexander opent het nieuwe Ommelander Ziekenhuis Groningen. beeld ANP
10

In het splinternieuwe Ommelander Ziekenhuis in Scheemda kregen patiënten woensdag bijzonder ziekenbezoek: koning Willem-Alexander. Die was uitgenodigd om met dertig Ommelanders het nieuwe Groningse streekziekenhuis - dat de ziekenhuizen in Winschoten en Delfzijl vervangt - te openen.

Voor de plechtigheid waren heel wat mensen naar het naast de dorpskern gelegen ziekenhuis gekomen. „Er is hard aan gewerkt en we zijn er trots op”, was de boodschap die onder meer commissaris van de Koning René Paas uitdroeg. „Het is een nieuw begin. Ik hoop dat het ziekenhuis wordt toegelaten in het hoofd en hart van de inwoners”, zei voorzitter Albert Koeleman in zijn openingstoespraak, die werd gevolgd door het uit volle borst meegezongen 'Grunnings laid'. Alleen Willem-Alexander hield zijn kaken op elkaar.

Na het gezamenlijk doorknippen van het meterslange lint, kreeg de koning een royale rondleiding door het gebouw dat in ruim twee jaar tijd net naast Scheemda is verrezen. Zo kwam hij in de dagbehandeling ook aan het bed van patiënt Kees Kuiper die in het gesprek met Willem-Alexander geen blad voor de mond nam. De koning wilde weten wat hij ervan merkte dat hij nu in een nieuw ziekenhuis wordt behandeld.

„Alles werkt gewoon”, was het nuchtere antwoord. Dat was in het verouderde ziekenhuis in Delfzijl, waar Kees Kuiper de laatste jaren kwam, niet het geval. Verder was alles zeer vertrouwd, hij had dezelfde verplegers nu aan het bed. Bij het afscheid wenste Kuiper de koning „beterschap voor uw vrouw”. Koningin Máxima moest immers vorige week haar agenda leegmaken vanwege gezondheidsklachten.

Behalve naar de verpleegafdeling ging Willem-Alexander ook naar de polikliniek en naar een kraamsuite. Het bezoek werd afgerond met een ontmoeting met de raad van bestuur, architecten, en medewerkers van het ziekenhuis. Of daar ook de problemen die andere streekziekenhuizen in het land hebben, ter sprake zijn gekomen, werd na afloop niet verteld.