De koning verhuist naar zijn paleis

Voor de tweede maal verhuist koning Willem-Alexander naar Paleis Huis ten Bosch. beeld Waanders
12

Tot 24 januari staat er niets officieels in de agenda van koning Willem-Alexander en koningin Máxima, maar intussen doen ze van alles. Verhuizen, dat vooral. Met alles wat erbij komt kijken.

Vriendelijk wuivend stapten koningin Beatrix en prins Claus op het Haagse stadhuis af, waar ze zich met hun drie zoons lieten inschrijven als inwoners van de hofstad. Het was 13 augustus 1981 toen ze Kasteel Drakensteyn bij Lage Vuursche achter zich lieten en zich in Paleis Huis ten Bosch vestigden.

De restauratie van het Haagse paleis –al aan de gang sinds 1977– was versneld afgerond. Kosten: 24 miljoen gulden. Citaat uit het RD van toen: „De zogeheten Wassenaarse vleugel is het woonadres van het koninklijk gezin, het middendeel heeft zijn representatieve functie behouden voor officiële ontvangsten en de Haagse vleugel biedt onderkomens aan onder meer de keukens, de bloemistenruimte, de kamer van de huismeester, de telefooncentrale en een vertrek voor het personeel.”

Deze kerstvakantie betrok Willem-Alexander het paleis opnieuw, nu met zijn vrouw en hun drie dochters. Opnieuw duurde de restauratie (kosten: minstens 63 miljoen euro) zo’n vier jaar, nadat prinses Beatrix in februari 2014 terugkeerde naar Drakensteyn. Eerder woonde ze daar al achttien jaar, waarvan vijftien met haar gezin. Ongeveer even lang, bijna zestien jaar, woonde de huidige koning met zijn gezin op Eikenhorst, de villa op het Wassenaarse landgoed De Horsten die in de jaren 1985-1987 werd gebouwd voor zijn tante en oom, prinses Christina en Jorge Guillermo.

Nog steeds Wassenaars

’s Konings nieuwe behuizing is eeuwen ouder. Het paleis tussen Benoordenhoutseweg en Bezuidenhoutseweg werd gebouwd voor stadhouder Frederik Hendrik. Op 2 september 1645 werd de eerste steen van dit zomerverblijf gelegd door de Winterkoningin. Frederik Hendriks aangetrouwde nicht Elisabeth Stuart had die bijnaam gekregen omdat ze slechts één winter koningin van Bohemen was geweest.

De stadhouder heeft het huis in het Haagsche Bosch niet voltooid gezien: hij overleed op 14 maart 1647. De creatie van architect Pieter Post, klaar in 1648, werd in de jaren 1734-1737 uitgebreid met de Haagse en de Wassenaarse vleugel. Ook werd het voorhuis vergroot en kwam er een verdieping bij. Het koninklijke gezin verlaat Wassenaar dan wel, maar het huist straks in de Wassenaarse vleugel.

De huidige kroonprinses is niet de eerste Amalia die met de inrichting van Huis ten Bosch –althans, van haar eigen kamer– bemoeienis heeft. Amalia van Solms liet na het overlijden haar man, Frederik Hendrik, te zijner ere de Oranjezaal bouwen, waar hij op zijn zegewagen is afgebeeld. Deze zaal werd in de jaren 1998-2001 al gerenoveerd.

Uitheemse gebruikers

Het paleis is niet altijd in handen van de Oranjes geweest. De Pruisische koning Frederik Willem was eigenaar in de jaren 1702-1732. Tijdens het begin van de Franse overheersing diende Huis ten Bosch als gevangenis en daarna zelfs als bordeel. Vervolgens kwam raadpensionaris Schimmelpenninck er wonen, daarna de door Frankrijk hier te lande geparachuteerde koning Lodewijk Napoleon, gevolgd door de Franse gouverneur die hem verving toen de Nederlanden bij Frankrijk werden ingelijfd. En 130 jaar later wilden de Duitsers Huis ten Bosch zelfs afbreken toen ze de kuststrook met verdedigingswerken vulden uit vrees voor een geallieerde invasie. De afbraak ging niet door, het vergissingsbombardement op het Bezuidenhout liet het paleis ook overeind, maar zwaar beschadigd raakte het in die jaren wel.

De woonvertrekken zijn nu klaar; komend voorjaar moet de restauratie van de rest van het paleis ook zijn afgerond. Hoe authentiek veel onderdelen ook zijn, de beveiliging past bij 2019: voor de ingang van het hek zijn veertien donkere palen neergezet, waarvan er twee naar beneden kunnen om voertuigen door te laten. Achter het hek staan twee hoge deuren van glas, en dat glas is vast kogelvrij.

>>rd.nl/konhuis voor meer foto’s.