Hoogleraar arbeidsmarkt: „Help schoolverlaters nu aan een baan”

Economie
De recessie zal ook in de kantoren z’n tol eisen. „Maak een snelle overstap tussen sectoren mogelijk.”  beeld Getty Images
3

Hij maakt zich grote zorgen over de positie van schoolverlaters en jongeren met een tijdelijke baan, zeker in de horeca en de evenementenindustrie. Prof. dr. Ton Wilthagen, hoogleraar arbeidsmarkt, vindt dat er snel moet worden gehandeld. „Ga geen nieuwe plannen maken, maar smeed in regio’s sectoren aan elkaar. Maak zebrapaden op de arbeidsmarkt.”

Zowel De Nederlandsche Bank (DNB) als de Rabobank kwam deze week met het bericht dat de arbeidsmarkt een forse klap te wachten staat. De werkloosheid, die enkele maanden geleden op het historische laagtepunt van circa 3 procent was terechtgekomen, zal de komende tijd verdubbelen of zelfs oplopen tot rond de 7 procent. Prof. Wilthagen, hoogleraar aan Tilburg University, onderschrijft de mening van Rabo en DNB. „Mensen worden door de steunmaatregelen van de overheid nu nog vastgehouden in de bedrijven, maar je ziet dat het aantal vacatures al zo’n 30 procent gedaald is ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Het aantal faillissementen neemt langzaam toe en tal van geluiden over de recessie ondermijnen het vertrouwen bij de consument.”

Een crisis duurt in Nederland over het algemeen wat langer dan in veel omringende landen. „Dat is typisch Nederlands, omdat we gewoonlijk qua begrotingsdiscipline in Europa het beste jongetje van de klas willen zijn. Meestal zakken we in een recessie ook dieper weg dan veel andere landen.” Wel denkt hij dat de regering heeft geleerd van de financiële crisis van tien jaar geleden, toen er fors werd bezuinigd.

Prof. dr. Ton Wilthagen, hoogleraar arbeidsmarkt. beeld Tilburg University

Verdubbeling

Een verdubbeling van de werkloosheid in de loop van dit jaar of begin 2021 acht Wilthagen realistisch. „Dat is in feite nog niet eens zo’n hoog getal, dankzij een goede uitgangspositie en een voorheen krappe arbeidsmarkt. Maar voor Nederlandse begrippen is het zwaar negatief. In de regel bedraagt de jeugdwerkloosheid het dubbele, dan kom je op zo’n 12 procent. Dat treft dus wel een op de acht jongeren.”

Over die groep maakt hij zich het meest zorgen. „Jongeren vangen bij een sterk stijgende werkloosheid vrijwel altijd de grootste klap op. Schoolverlaters hebben geen uitgangspositie en de groep net daarboven heeft voor een flink deel maar een tijdelijke baan. Het kabinet heeft geprobeerd een dam op te werpen tegen de werkloosheid door noodsteun in de loonkosten voor zowel vaste krachten als flexwerkers, maar in de praktijk zie je toch lekken.”

Het zijn met name de horeca en de evenementensector die zware klappen krijgen. „In die sectoren werken veel jonge mensen. Nederland is een land van festivals en mbo-opleidingen in de richting van evenementen en horeca zijn populair. Maar het is onwenselijk als schoolverlaters in de bijstand terecht komen en aan bedrijven in deze sector kun je niet eindeloos noodsteun verlenen. Vervolgens moet je kijken naar de competenties van jongeren en hun mogelijkheden om via korte trajecten om te scholen naar sectoren waarin wel vraag is, zoals de ICT en de zorg.”

Werkhub

Nederland heeft geen echte infrastructuur voor de overgang van werk naar werk, meent de hoogleraar. „Ook een persoonlijk leerbudget ontbreekt nog. Tijdens de vorige crisis zijn er sectorplannen gemaakt. Er ontstond echter zo’n bureaucratie dat die geen effect hadden, zo bleek bij een evaluatie in 2019. In mijn visie moet het Rijk stappen zetten om heel praktisch de krachten binnen regio’s samen te bundelen, bestaande leer-werkloketten op te plussen en een vlotte overstap van de ene sector naar de andere mogelijk te maken. Dan kan met behulp van een zogenoemde werkhub, een centrum waarin alles bijeenkomt, inclusief de uitzendbureaus.”

Hij omschrijft zijn voorstel als „het aanleggen van zebrapaden op de arbeidsmarkt.” Als voorbeeld noemt Wilthagen de Amsterdamse regio. „De luchtvaart krijgt daar grote klappen, anderzijds is er een sterke ICT-sector die vacatures heeft. Snel handelen is geboden, want schoolverlaters zoeken nu werk. Er staat veel op het spel. Je wilt geen coronageneratie.”

Daarnaast speelt het grote aantal flexibele arbeidskrachten een niet onbelangrijke rol in discussies over de arbeidsmarkt. Vorig jaar kwam de commissie-Borstlap met aanbevelingen om flexibele banen wat vaster te maken en in ruil daarvoor de vaste krachten een iets losser dienstverband te geven. Zowel de werkgevers als de werknemersorganisaties reageerden negatief.

Helpt de crisis om de patstelling te doorbreken? Wilthagen vraagt het zich af. „Er wordt al tientallen jaren over hervormingen gesproken. Er is geen gebrek aan adviezen, maar het wordt wel moeilijker om ingrijpende veranderingen op de arbeidsmarkt in de polder door te voeren. Pas als het stof is opgetrokken, zal duidelijk worden of corona een gamechanger was.”

Vitale sectoren

De crisis legt ook andere zwakke onderdelen van de Nederlandse economie bloot. Wilthagen: „In de gezondheidssector zie je hoe belangrijk het is als we zelf beademingsapparatuur, mondkapjes en bijvoorbeeld testmateriaal maken.” Gemeenten en provincies kunnen hierbij een rol van betekenis spelen. „Door bijvoorbeeld extra ruimte te maken voor vitale sectoren. Er zijn voldoende verouderde industrieterreinen die goedkoop ter beschikking kunnen worden gesteld.”

In breder verband acht hij bezinning nodig op wereldwijd produceren van onderdelen op verschillende plaatsen voor één en hetzelfde product. „Die internationale arbeidsverdeling is efficiënt, maar het klimaataspect moet zwaarder worden meegewogen. Bepaalde dingen kun je toch net zo goed direct hier maken? Dat hoeft niet altijd veel duurder te zijn. Natuurlijk kan niet alles terug naar Nederland, maar een heroverweging van de geografische spreiding van productielocaties is noodzakelijk.”

De redactie economie zoekt voor een artikel pasafgestudeerde jongeren die vanwege de coronacrisis geen passende baan kunnen vinden. Tips mogen naar econ@rd.nl