Haviken en duiven, neuro en zeuro

Christine Lagarde. beeld EPA, Filip Singer

In de eurozone lijken de noordelijke landen op economisch vlak aan invloed in te boeten. In ieder geval zijn de zuidelijke partners momenteel veel beter vertegenwoordigd op belangrijke posten.

Het optreden van Klaas Knot was veelzeggend. Een dag na het ECB-besluit om een nieuwe stimuleringsronde te starten, publiceerde hij een verklaring waarin hij afstand nam van die aanpak. Een uitzonderlijke actie. Het is gebruikelijk dat meningsverschillen tussen de monetaire bestuurders –tussen de ‘haviken’ uit het noorden en de ‘duiven’ uit het zuiden, zoals het vaak wordt aangeduid– binnenskamer blijven, dat die zeker niet zo openlijk worden uitgevent. Het voortijdig vertrek, vorige week, van de Duitse Sabine Lautenschläger uit de ECB-directie duidt ook op onvrede.

Volgens ingewijden gaat president Mario Draghi nogal solistisch te werk. Hij zou weinig ruimte laten voor de critici van de extreme rentepolitiek. Hij beschikt over een meerderheid, maar de minderheid, met Duitsland en Nederland voorop, voelt zich blijkbaar miskend.

Tijdens de eurocrisis werd nogal eens gesproken over de optie van een neuro en een zeuro. Het illustreerde dat noord en zuid niet in de pas lopen. Zuid-Europeanen zijn vaak, bijvoorbeeld als het gaat om de begrotingstekorten, wat minder streng in de leer. Jeroen Dijsselbloem suggereerde ooit dat zij hun geld vooral uitgeven aan drank en vrouwen. Dat was natuurlijk een ongelukkige en ongepaste uitspraak; het kostte hem de steun van enkele landen voor een benoeming tot baas van het IMF. Maar hij gaf er wel iets mee aan van het verschil in mentaliteit.

Draghi zwaait eind deze maand af. Je zou denken dat iemand uit het noorden hem op zou volgen. Maar het werd Christine Lagarde; dankzij de behendigheid van president Macron, die Duitsland het voorzitterschap van de Europese Commissie toeschoof en daarmee zelf de hoogste baan bij de ECB kon binnenhalen. De sterke positie van Merkel op het Europees toneel is passé en we missen de harde lijn en de onverzettelijkheid van haar vorige minister van Financien, Schäuble. Frankrijk gaat opnieuw –voor Draghi stond Trichet aan het roer– de centrale bank leiden.

Op de stoel van vicepresident van de ECB zit ook al jarenlang een zuiderling: momenteel de Spanjaard Luis de Guindos. De eurogroep, de club van ministers van Financiën, kreeg na Dijsselbloem de Portugees Mario Centeno als voorzitter.

Verder treedt binnenkort een Italiaan, Paolo Gentiloni, aan als de Eurocommissaris die moet waken over handhaving van de begrotingsregels. En dat terwijl juist Italië die regels voortdurend aan de laars dreigt te lappen.

De verhoudingen qua personele invulling van de diverse functies zijn scheefgetrokken en de kans is groot dat zich dat op enig moment vertaalt in het beleid. Er vinden onderhandelingen plaats over een apart budget in de EU –Nederland verzet zich daartegen– om landen die ontsporen de helpende hand te kunnen reiken. Verder wacht er de komende tijd waarschijnlijk een discussie over herziening van het stabiliteitspact, met de vraag of de huidige begrenzing van de tekorten niet knelt.

Het zijn onderwerpen waarbij noord goed moet opletten dat discipline en een solide beleid vanuit het zuiden niet worden ondermijnd. Ondertussen mag Lagarde proberen de eenheid binnen de ECB te repareren en te bewaren.