Friese boer emigreert liever dan dat hij zich laat uitkopen

Stikstof
Premier Mark Rutte bezocht vorige week een natuurgebied om te praten over de stikstofproblematiek. beeld ANP, Robin van Lonkhuijsen

Uitkopen? Dat zou voor Harry Hoogenberg (39) de laatste optie zijn. De Friese melkveehouder emigreert liever. Hij oriënteert zich serieus op een vertrek naar Canada.

Deze week heeft hij een zomervakantie geboekt. Naar Canada. Daar gaan Harry, zijn vrouw Henriëtte (34) en hun vijf kinderen drie weken rondkijken: is het wat om in dat land te wonen? „Als een van onze drie jongens later boer wil worden, wil ik hem graag die kans geven”, zegt Harry. „Maar hier wordt dat heel lastig. En je wilt niet dat je kinderen later vragen: waarom ben je toen niet weggegaan?”

Spuugzat is de boer uit Wijnjewoude alle regelgeving. De stikstofcrisis was de druppel waardoor het stel dacht: laten we eens kijken hoe het in Canada is. Harry is er al twee keer geweest. „Ik zeg niet dat we gaan, maar onze oudste is nu elf. De jongste –een baby– weet nog nergens van. Als we gaan, dan moet het snel.”

Vliegtuig

Landbouwminister Carola Schouten maakte vrijdagmiddag bekend dat het kabinet 350 miljoen euro opzijzet voor veehouders die willen stoppen. De Friese boer noemt het opkoopplan een slechte zaak. „Van de natuur kunnen we niet eten. Dat beseffen mensen niet.” Zelf peinst hij er niet over een beroep te doen op de geldpot. „Ik gun mijn bedrijf aan een ander. Boeren zullen er altijd wel blijven. Misschien wil de buurman grond erbij hebben.”

Hoogenberg is geboren en getogen op de boerderij die hij in 2015 overnam van zijn vader. Er lopen 125 melkkoeien rond, 70 stuks jongvee en 60 schapen. „Nederland wil geen boeren meer”, stelt de Fries. Hij heeft zijn oog nu laten vallen op de Canadese provincie Ontario. „Daar zitten veel melkveebedrijven, maar ook kerkelijke gemeenten van onze richting. Tegen de makelaar heb ik meteen gezegd dat we niet twee uur willen rijden voor een school of kerk.”

Op hun jonge leeftijd beseffen de kinderen nog niet wat een verhuizing inhoudt, merkt het echtpaar. „Zij willen graag in het vliegtuig. Onze oudste moet nog anderhalf jaar op de basisschool. Het zou mooi zijn als hij in Canada op de middelbare school kan beginnen.”

Het moeilijkst vinden de twee om hun ouders en overige familie achter te laten. „Liefst zouden we niet weggaan. Maar het boeren wordt ons onmogelijk gemaakt.” Zo raakte Hoogenberg 25 hectare grond kwijt aan de provincie, die deze met voorrang verhuurt aan biologische boeren. Ook weigert de bank een aankoop van nieuwe grond te financieren. „De boekhouding kunnen we zelf haast niet meer doen. En elk jaar komt er wel weer een regel bij. Je hoeft maar een klein foutje te maken en ze hebben je. Die boetes zijn geen 50 euro, maar 5.000 of 10.000 euro.” Intussen is de melkprijs al dertig jaar hetzelfde. Terwijl de kosten elk jaar omhoog gaan.

Een carrièreswitch is voor Hoogenberg geen optie. „Boer zijn is een manier van leven. Ik zou niet weten wat ik anders moet doen. Het is hard werken: ik maak zeventig tot tachtig uur in de week. Maar zonder die regels werk ik in vrijheid en met plezier.”