De charmes van een oldtimer

Een oldtimer is relatief duur in onderhoud, maar kan op andere financiële aspecten aantrekkelijk zijn.  beeld RD, Anton Dommerholt
2

Rijden in een oldtimer is niet alleen leuk, het is ook fiscaal interessant. Mits je je aan een aantal voorwaarden houdt.

Een aantal jaren terug was ik de bijtelling voor mijn zakelijke auto beu. Ik maakte vrijwel alleen woon-werkritjes, dus een heel dure hybride of elektrische auto kopen was geen goed idee. Mijn oog viel op een Volkswagen kever uit 1973. Een van mijn zakelijke relaties zei: „Óf je bent gevallen voor een oude liefde, óf het is een fiscale truc. Jou kennende is het dat laatste.” Inmiddels rijd ik alweer een tijd in de oldtimer en ik doe hem niet meer weg. Ik ben hem om meer dan alleen fiscale redenen leuk gaan vinden.

Toch moet je op een aantal zaken letten als je een oldtimer –of de iets jongere variant: de youngtimer– aanschaft. Vanwege de schadelijke uitstoot willen steeds meer gemeenten oude auto’s terugdringen uit het straatbeeld. Ik heb geluk, maar ik ken mensen die hun auto hebben weggedaan omdat deze regels enorme gevolgen had voor hun mobiliteit. Als je er niet meer mee bij je huis of werk kunt komen, is de auto een blok aan je been.

Ik ben van mening dat het autovraagstuk iets genuanceerder ligt. Je moet niet alleen naar de CO2-uitstoot tijdens het rijden kijken, maar naar de totale CO2-uitstoot van productie tot sloop. In mijn geval heb ik dan een zeer energiezuinige auto, want er hoefde geen nieuwe auto voor geproduceerd te worden. Als ik een elektrische auto gekocht had, was de CO2-uitstoot van de productie zo groot geweest dat ik wel erg lang dagelijks naar mijn werk had moeten rijden om dit te compenseren.

Een ander punt is de afschrijving. De waarde van een nieuwe auto neemt door waardevermindering of afschrijving hard af. Met oldtimers is de waardevermindering minimaal. Het is eerder zo dat de laatste jaren de prijs juist toeneemt. Steeds meer mensen kopen een oldtimer als belegging. En ik kan zeggen: het is een leuke belegging. In aandelen kun je niet lekker rondrijden. In een oldtimer wel.

Hoewel een oldtimer weinig waardevermindering heeft, is er wel sprake van fors meer onderhoud. Onderdelen kunnen schaars zijn en deskundige monteurs zijn ook al moeilijk te vinden. Verder is er sneller sprake van roestvorming. Hoewel ik dit wel had ingecalculeerd, is het toch zuur geld bij forse beurten.

Ook in de wegenbelasting is een oldtimer voordelig. Het voordeel hangt af van de leeftijd. Maar let op: in de regel hebben mensen een oldtimer als extra auto om mee te toeren; bij dagelijks gebruik kan de belasting hoger zijn.

Als je een bedrijf hebt, kun je de auto op de zaak zetten. De onderhoudskosten zijn dan ”voor de zaak” en de bijtelling voor de gebruiker gaat over de aanschafwaarde. Op die manier kun je privé heel voordelig rijden. Het moet dan wel mogelijk zijn om zakelijk in zo’n auto te rijden. Als je dagelijks onderweg bent, is een auto met meer comfort en veiligheid belangrijker.

De verzekering van een oldtimer is goedkoper dan een reguliere autoverzekering. De premie is lager omdat vrijwel alle oldtimers weinig gebruikt worden. Wie er wel dagelijks in rijdt, heeft dus een verkapt premievoordeel. Allrisk verzekeren is daardoor heel betaalbaar.

Kortom: schaf je een oudere auto aan, luister dan niet alleen naar je hart maar overweeg ook de financiële aspecten.

De auteur is Master of Financial Planning. Reageren? financieel@refdag.nl