CZ Rouveen is kaasspecialist pur sang

ROUVEEN – De coöperatie Rouveen Kaasspecialiteiten bestaat vandaag 100 jaar. Als enige zuivelfabriek in Nederland haalt CZ Rouveen op zondag geen melk op. De fabriek is de belangrijkste aanbieder van EKO kaas in Nederland en Duitsland. Directeur Ben Wevers (foto): „Wij vinden het hier nog leuk en omdat we het leuk vinden, komt er telkens iets nieuws uit.” - Foto Ruud Ploeg Ruud Ploeg

ROUVEEN - Zestig medewerkers verwerken jaarlijks 110 miljoen liter melk van 275 boerenleden tot 12 miljoen kilo kaas in 400 soorten. De kortste samenvatting van de coöperatie Rouveen Kaasspecialiteiten. De zuivelfabriek is vandaag 100 jaar oud. Minister Veerman vierde dinsdagmiddag het eeuwfeest mee, als eregast van de belangrijkste aanbieder van EKO-kaas in Nederland en Duitsland.

Ergens halverwege de 9 kilometer lange streek die de ruggengraat van Rouveen vormt, staat de Coöperatieve Zuivelfabriek Rouveen (CZ Rouveen). De eerste aanblik voert de gedachten terug naar de jaren vijftig en zestig, toen alle zuivelfabrieken er vanbuiten zo uitzagen. Rouveen Kaasspecialiteiten overleefde als enige van de twaalf fabriekjes die ooit langs de Oude Rijksweg en de Gemeenteweg stonden. Rouveen behoort tot de gemeente Staphorst.

Ben Wevers (53) maakte de laatste 28 jaar van de 100 mee, sinds 1982 als directeur. „In een eeuw ben ik nog maar de vierde. Dat zegt iets over de omgeving en over de mentaliteit van de mensen hier.” Hij noemt het opmerkelijk dat de leden „het lef hadden een broekje van 30 jaar te benoemen.” Loyaliteit en standvastigheid zijn begrippen die diverse keren vallen in het gesprek. Hij schildert de historie en het heden van het unieke bedrijf zonder in ronkend taalgebruik te vervallen.

CZ Rouveen ontstond in 1987 door de fusie van De Vlijt en De Kleine Winst. Namen als De Volharding en Helpt Elkaar waren al (ver) verleden tijd. „Onze fusie was een manoeuvre in een porseleinkast, want beide fabrieken bestonden ruim 80 jaar naast elkaar. Toch lukte het, want de leden wilden het. Vanaf dat moment gingen we ons steeds meer toeleggen op het maken van kaasspecialiteiten.” Voorheen werd in de kleine zuivelfabrieken voornamelijk boter gemaakt.

”Samen bouwen aan uw kaas”, is een slogan van CZ Rouveen. In principe kan elke kaas -in een minimumhoeveelheid van 1000 kilo- worden samengesteld uit reeksen van melk- en vetsoorten, vetgehaltes en hulpstoffen zoals zuursel, stremsel, kleursel, conserveringsmiddel of een eigen inbreng. Hetzelfde geldt voor toevoegingen van kruiden, zaden en specerijen: bijna alles kan in kaas. Ook met vorm, gewicht, zoutpercentage, coating en verpakking valt te variëren. Vandaar dat een ruwe schatting van het aantal soorten op 350 tot 400 uitkomt.

Rouveen Kaasspecialiteiten nam in 2002 Bastiaansen over, een bedrijf in EKO-kaas in het Brabantse Molenschot, bij Breda. Daar worden nu de schimmelkazen gemaakt, in Rouveen kwam de EKO-kaasfabricage erbij. „EKO is allang het imago van geitenwollensokken ontgroeid. Nu staat het keurmerk voor constante hoge kwaliteit.”

De rabbijn is kind aan huis in Rouveen, ter begeleiding van de productie van koosjere kaas. De imam houdt toezicht op de fabricage van halal kaas. „Waarbij de laatste vooral vertrouwt op de zienswijzen van de eerste. Halal kaas ligt wat minder principieel dan de kaas voor de joodse bevolkingsgroep.”

In 1951 werd 7 miljoen liter melk verwerkt, in 1977 18 miljoen en ten tijde van de fusie in ’87 stonden De Vlijt en De Kleine Winst samen op 35 miljoen liter. In de laatste achttien jaar verdrievoudigde de melkplas ruim. „De huidige 110 miljoen liter komt vooral uit de streek. Tot en met Hasselt, Kampen, Nieuwleusen, Dalfsen en Ruinen. Het melktransport is uitbesteed.”

Als enige zuivelfabriek in Nederland haalt CZ Rouveen op zondag geen melk op. Boeren die andere coöperaties beleveren kunnen nog ontheffing krijgen, maar in Rouveen ligt de fabriek op zondag stil. „Dat is een keuze waar we ons niet op laten voorstaan, maar één dag stilliggen is ook sociaal gezien beter. Principieel of niet: één rustdag in de week is goed voor alle mensen. Economisch gezien is doordraaien voordeliger, maar het is hier nooit een afweging geweest.”

In Rouveen worden de goede dingen uit het verleden vastgehouden en gekoesterd. Wevers: „Korte lijnen, laagdrempeligheid, wij kennen onze boeren en zij kennen ons. De betrokkenheid is groot. We leggen nadruk op het omzien naar elkaar, willen het ondanks de verschillende achtergronden goed hebben met elkaar. Dat is een stukje Rouveense cultuur dat we graag bewaren.”

Steken werknemers goed in hun vel, dan brengen ze veel tot stand, is zijn ervaring. „Zijn mensen betrokken, dan stimuleert dat hun creativiteit. Wij vinden het hier nog leuk en omdat we het leuk vinden, komt er ook telkens iets nieuws uit. Productontwikkeling is bij ons een kernactiviteit.” CZ Rouveen levert de productie aan ongeveer zestig afnemers, die 60 procent van de Rouveense kaas onder eigen labels in het buitenland afzetten. „Veel in Duitsland, in andere landen van de EU en in de VS. In Nederland zul je weinig kaaswinkels aantreffen zonder kaas uit onze fabriek.”

Ook nagenoeg elke Nederlandse supermarkt heeft kaas van de CZ in het schap. Die ligt dan naast de „remblokken”, de voorverpakte bulkkaas van 3 euro per kilo die in de supermarktoorlog als wapen in de strijd wordt ingezet. „Onze doelstellingen liggen niet in volumevergroting, maar in productvernieuwing. Daarmee zijn we uniek in de sector en dat willen we graag zo houden.”