Column: aardgasloos wonen hoeft niet zo ingewikkeld te zijn

Column Gerhard Hormann
Een radiator is zo vervangen door een elektrisch exemplaar. beeld ANP, Bart Maat

Nederland is in de ban van het aardgasvrije wonen. Zelf heb ik daar al bijna twintig jaar ervaring mee, al had ik er nooit eerder in dat soort termen over nagedacht.

Eind jaren negentig kochten wij een vakantiehuis op een kleinschalig park in de kop van Overijssel. Het gaat om een stenen recreatiebungalow met twee verdiepingen en drie slaapkamers waarin je probleemloos het hele jaar zou kunnen wonen. De woning is goed geïsoleerd en dankzij een ouderslaapkamer op de begane grond zelfs levensloopbestendig.

Bij de ontwikkeling van het recreatiepark had de projectontwikkelaar ervoor gekozen om geen aardgasnet aan te leggen. Daarmee gaf hij blijk van een zeer vooruitziende blik, hoewel dat besluit waarschijnlijk louter met regelgeving of kostenbesparing te maken had. Zelf accepteerden wij dit gegeven bij aankoop schouderophalend, zonder ook maar één tel aan het klimaat te denken of aan de inwoners van de provincie Groningen.

Inmiddels zijn we bijna twintig jaar verder en kijk ik met heel andere ogen naar de discussie over het energieneutraal maken van woningen en het terugdringen van de CO2-uitstoot. Daarbij wordt zwaar ingezet op het vervangen van cv-ketels door warmtepompen, terwijl in dit geval gekozen is voor een totaal andere oplossing die bijzonder eenvoudig te installeren is, nauwelijks enig onderhoud behoeft en in alle seizoenen zorgt voor een aangenaam woonklimaat.

In onze aardgasvrije woning zorgt een elektrische boiler voor warm water in de keuken en de badkamer. Deze is geluidloos, heeft genoeg capaciteit voor de zes gasten waar de woning voor is bedoeld en kan worden geleased of gekocht. Om het apparaat in gebruik te nemen is alleen een stopcontact nodig, hoewel je in dit tijdsgewricht natuurlijk in eerste instantie zou denken aan een systeem dat tenminste gedeeltelijk gebruikmaakt van zonne-energie.

Alle vertrekken in de woning, met uitzondering van het toilet, worden verwarmd met elektrische wandradiatoren van bescheiden formaat die door iedereen met twee linkerhanden kunnen worden opgehangen en die in ons geval al bijna twee decennia meegaan. Er is geen leidingnet voor nodig en de radiatoren kunnen eenvoudig worden verplaatst.

Aanvankelijk was er wat bezorgdheid over de energierekening, maar die blijkt zelfs bij volledige bezetting mee te vallen. Het afgelopen jaar huisde er een gezin in met twee jonge kinderen, zodat een aardige indruk ontstaat van de stroomkosten bij permanente bewoning. Hun verbruik zegt natuurlijk niets over de zorgvuldigheid waarmee we daar zelf mee om zouden gaan, maar op dit moment betaal ik de energiemaatschappij maandelijks een voorschot van 150 euro. Die kosten zouden nog omlaag kunnen door het plaatsen van zonnepanelen en het investeren in accu’s waarin opgewekte stroom kan worden opgeslagen.

Natuurlijk is deze techniek niet per se de goedkoopste of meest geschikte oplossing voor elk type woning, maar het onderstreept dat we niet met oogkleppen op moeten kijken naar manieren om van onze aardgasverslaving af te komen. Bij een eventueel verbod op cv-ketels, zou ik zelf in elk geval geen tel aarzelen om ook in ons éérste huis alle leidingen weg te halen en overal elektrische radiatoren op te hangen.

De auteur is schrijver en publicist. Reageren? hormann@refdag.nl