CBb vraagt virologen advies over monster in MKZ-zaak Kootwijkerbroek

MKZ
beeld RD, Henk Visscher

Het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) heeft een aantal deskundigen opgedragen nieuw en afsluitend onderzoek te doen in de zaak rond de MKZ-crisis in Kootwijkerbroek in 2001.

Dat blijkt uit een maandag gepubliceerde beschikking van het CBb. Volgens het college zullen drie wetenschappers zich onder meer moeten buigen over de vraag of er „consequenties moeten worden verbonden aan de uitsluitend negatieve uitslagen van heparinemonster 01.26 vanaf 29 maart 2001, en zo ja, welke.”

Dit monster is op 20 maart 2001 genomen van een kalf op de boerderij van Teunissen in Kootwijkerbroek. Het was positief, dus zou er sprake zijn van MKZ. Dat was voor het ministerie van Economische Zaken reden om alle 456 dieren van Teunissen te ruimen. Daarna volgde in totaal nog zo’n 60.000 dieren op andere bedrijven in Kootwijkerbroek.

Negatieve uitslag

Herhalingen van de tests met het monster gaven echter ook een negatieve uitslag. Het CBb wil nu weten wat de drie te benoemen deskundigen hiervan vinden. Het ene monster vormt al sinds 2002 de kern in een rechtszaak tussen een aantal veehouders uit het Veluwse dorp en het ministerie van Economische Zaken.

Het gaat daarbij met name om de zogeheten herhaalbaarheid van tests. Die mogen, volgens het protocol voor het ruimen van dieren, alleen als positief beoordeeld worden als na herhaalde tests dezelfde uitslag is vastgesteld. Het gewraakte monster met het etiket 01.26 bleek na herhaalde tests dus negatief, maar ook eenmalig positief. De vraag over de beoordeling van deze tegenstrijdigheid gaf in het verleden al fors debat tussen wetenschappers.

Buiten beschouwing

In de beschikking wordt ook gesproken over een aantal andere uitslagen. De rechtbank sprak al in 2005 uit dat deze geen grond waren voor de besluitvorming. De minister bevestigde dat in 2009 nog tegenover de Tweede Kamer. Het CBb zegt weliswaar niet expliciet dat deze monsters alsnog als bewijs worden toegelaten, maar vraagt wel of de deskundigen deze uitslagen willen bekijken.

Volgens Lau Jansen van stichting Onderzoek MKZ-crisis Kootwijkerbroek kan de opdracht van het CBb een juridisch relevante vraag opleveren. „Stel dat die ene uitslag op het monster, waar het steeds om gaat, door de experts op zichzelf niet toereikend wordt geacht als grond voor ruiming, maar in zijn samenhang met de andere uitslagen wel. Dan worden deze bijkomende uitslagen alsnog bepalend voor het geheel, terwijl dat juridisch niet meer kan. Dat zou een interessante paradox in deze slepende zaak kunnen geven.”

Jansen is op zich blij met de beschikking zoals die er nu ligt. „Het geeft aan dat het college serieus werk maakt van de zaak en naar de volle breedte kijkt.” Hij verwacht niet eerder dan medio volgend jaar een definitieve uitspraak.