Bennie Poppe heeft een dwarslaesie en reist met trailer en quad door Europa

Werken met een beperking
Bennie Poppe (r.), samen met zijn werkgever Edwin Vervaet. „ Ik blijf best kwetsbaar en ben nooit helemaal zonder pijn.” beeld Dirk-Jan Gjeltema

Bij een ongeval met een mountainbike liep Bennie Poppe (56) uit Meliskerke in 2008 een dwarslaesie op. Hij werkte bij Vervaet in Biervliet, bouwer van bietenrooimachines en mestinjecteurs. „Ik tobde al spoedig met de vraag of mijn werkgever nog wel iets met mij zou willen. Maar hij bleek juist bang te zijn dat ik niet terug zou komen.”

Soepel beweegt Poppe zich met zijn rolstoel door het grote bedrijf aan de rand van het Zeeuws-Vlaamse dorp. Zijn kantoor, met aangepast bureau en extra brede toegangsdeur, bevindt zich pal naast de werkplaats waar bietenrooiers worden gereviseerd.

In een garage achter het bedrijfspand, te openen met een afstandsbediening, staat zijn aangepaste Volkswagen Caddy. „Het lukt me nog steeds om op eigen kracht vanuit de rolstoel plaats te nemen achter het stuur.”

Aan de zijkant zit een schuifdeur. Met een kraantje trekt Poppe zijn rolstoel naar binnen voor de dagelijkse rit van Meliskerke naar Biervliet. Een flinke afstand. Toen de productspecialist bietenrooiers in 1996 als servicemonteur begon bij Vervaet hikte hij wel een beetje aan tegen de reis van Walcheren naar Zeeuws-Vlaanderen. „Toen was er alleen de boot en nog geen tunnel.”

Opgerold

Tijdens een rit met zijn zoon over een parcours in Frankrijk, tijdens zijn vakantie in 2008, ging het fout. „Vermoedelijk is er toen ik aanzette, een ketting of zoiets van de huurfiets gebroken. Ik werd over een schans heen als het ware opgerold. Ik hoorde wat kraken en wist direct dat het niet goed was. Al snel bleek dat ik tot aan mijn middel verlamd was.”

Nog in het ziekenhuis in Frankrijk, waar hij ook werd geopereerd, zocht zijn werkgever Edwin Vervaet hem op. „Ik heb een heel moeilijke tijd gehad, maar werd ook zeer bemoedigd met de tekst uit Mattheüs 11: Mijn juk is zacht en Mijn last is licht. Hoe het verder moest wist ik nog niet, maar ik had toch weer hoop voor de toekomst.”

De revalidatie verliep voorspoedig, waarbij een belangrijke rol speelde dat Poppe zich een echte doorzetter toonde. „Een vriend van me heeft een bietenrooier. Al tijdens mijn revalidatie hebben ze me op een zaterdag in die machine gehesen. Verder is thuis alles aangepast, hoewel het zonder hulp van vrouw niet zou gaan. Alle aanpassingen zijn gelukkig door het UWV vergoed. Natuurlijk speelde mee dat mijn loonwaarde vrij hoog werd ingeschat.”

Een half jaar na het ongeval kwam Poppe weer voor de eerste keer op kantoor. „Al in de jaren voor het ongeluk was ik steeds meer in de aansturing terecht gekomen. Achteraf zie ik mijn geleidelijke verandering van werkzaamheden als een besturing van Boven. Ik kom nog steeds graag op de werkvloer, maar die wijziging in mijn functie heeft zo moeten zijn.”

Voor Vervaet reist hij, zeker in het najaar, door geheel Nederland en verschillende Europese landen om de ingebruikstelling van bietenrooimachines mee te maken of handelend op te treden wanneer zich technische problemen voordoen. „Aanvankelijk liet ik me met een kraantje door anderen naar binnen hijsen. Sinds 2011 heb ik een trailertje met een eigen kraantje en een quad. Ik kan zelf in de bietenrooier plaatsnemen en gebruik maken van de quad. Daarmee kan ik bij de boeren het land op.”

Zijn werkgever Edwin Vervaet beaamt dat Poppe na een half jaar afwezigheid vrij probleemloos terugkwam. Hij is daar blij mee. „Zijn ongeval heeft niets aan zijn hoofd veranderd. Bennie heeft veel kennis van de bietenrooiers en gevoel voor het oplossen van problemen. Hij ziet aan de producten op het land wat er aan de hand is.” Lachend: „Hij is met een biet in zijn lijf geboren.”

Gemotiveerd

Een arbeidsbeperking is voor Vervaet geen belemmering om iemand in dienst te nemen of te houden. „Mits iemand zijn werk goed doet. We hebben hier in de machinefabriek te maken met 110 mensen. Vijf van hen hebben een lichamelijke beperking. Ze zijn over het algemeen nog beter gemotiveerd dan de anderen. Zo hebben we ook een servicemonteur in dienst met een gedeeltelijk kunstbeen. Hij behoort ondanks zijn beperking tot de besten in zijn vak. In een hete periode liep hij een keer met een dikke knobbel bij zijn knie. Bleek dat hij zelf een koelertje in zijn prothese had gebouwd om al te veel irritatie te voorkomen. Gemaakt van een accuboormachine.”

Poppe is inmiddels bezig om een opvolger in te wijden in de geheimen van het vak. „Ik hoop dat ik dit tot mijn pensionering kan blijven doen. Ik blijf best kwetsbaar en ben nooit helemaal zonder pijn.”

„Fout om te bezuinigen op sociale werkplaatsen”

Edwin Vervaet (54) geeft aan „niet te geloven in quota als het gaat om arbeidsdeelname van welke groep dan ook.” Hij is met zijn broer directeur/eigenaar van Vervaet in Biervliet en servicebedrijf voor tractoren. Een echt beleid voor mensen met een arbeidsbeperking kent Vervaet niet. „Het gaat er ons om dat iemand zijn werk goed doet, ongeacht een mogelijke arbeidsbeperking of -om maar eens wat te noemen- een bepaalde afkomst. In een technisch bedrijf als dit kun je geen aparte structuur aanleggen voor werknemers die niet mee kunnen komen.”

Daarom vindt Edwin Vervaet het ook een foute beslissing om te bezuinigen op bijvoorbeeld de sociale werkplaatsen. „Zoiets kun je niet in het bedrijfsleven onderbrengen. Dat is niet de taak van een ondernemer.”

Hij streeft ernaar om mensen te behouden voor zijn bedrijf, ook bij het ouder worden. „Want je ziet dat ze het fysiek niet altijd meer bijbenen. Eerlijkheid en rechtvaardigheid staan voorop. Dan wil je ook graag dat ze hun pensioenleeftijd hier halen.”