Anna Konicka verkoopt brood en worst naar Pools recept

Polen in Nederland
De Poolse Anna Konicka opende in 2007 een winkel met producten uit haar geboorteland. „Ik zag zoveel Polen dat ik dacht dat er wel een markt voor zou zijn.”  beeld Roel Dijkstra

Ze was de allereerste. Anna Konicka opende elf jaar geleden een Poolse winkel in Rotterdam-Zuid. Uit de hele stad kwamen haar landgenoten naar Mini Market Kubus in de Tarwewijk. Anno 2018 weten alle nationaliteiten uit de wijk haar te vinden. „Eigenlijk is het alleen maar gezelliger geworden.”

Kubus is gevestigd op de hoek van de Katendrechtse Lagedijk. Buiten, boven de deur, wappert het rood-wit van de Poolse vlag. Anna Konicka verloochent haar afkomst niet. Ze is trots dat ze in de Maasstad, tussen de concurrentie van de vele andere supers die vaak opereren onder de naam Polski Sklep, de enige echte Poolse eigenaar is. „De andere Poolse winkels zijn in handen van Irakezen, Turken en noem maar op. Er staan wel Oost-Europese mensen achter de toonbank, maar die zijn in loondienst.”

Binnen zijn de schappen voor een groot deel gevuld met Poolse artikelen voor de eerste levensbehoefte. Brood en worst naar Pools recept vormen een niet onbelangrijk bestanddeel. Daarnaast is er een uitgebreid schap met rookwaren, Tyskie-bier, Poolse tijdschriften en puzzelboekjes en Preceliki chips.

Maar ook Pringles en Lays, want Nederlandse artikelen worden steeds vaker aan het assortiment toegevoegd. Evenals producten uit Tsjechië of afkomstig van Curaçao.

Konicka (45) kwam 26 jaar geleden naar Nederland. „Mijn broer werkte in Nederland. Ik ging hem opzoeken tijdens een vakantie van drie weken”, vertelt ze. Ze kreeg contact met een collega van haar broer. Die collega is nu haar man. „Ik ben maar een paar maanden terug naar Polen geweest en daarna weer naar Nederland gekomen.”

Taallessen

Ze werkte destijds op een laboratorium in Schiedam en opende later een kledingwinkel. Vastbesloten om in Nederland te blijven, ging ze in de avonduren naar school en volgde daar onder meer taallessen. Ze bezit nu ook een Nederlands paspoort.

In 2007 ontstond het idee voor een eigen supermarkt. „Ik zag zoveel Polen dat ik dacht dat er wel een markt voor zou zijn.”

In het begin viel het niet mee om de juiste artikelen te vinden. Vier jaar lang reed ze regelmatig in de weekeinden naar Polen om producten in te slaan.

Ze houdt ervan om hard te werken. „Alleen bij mijn zwangerschap ben ik drie maanden eruit geweest. Eigenlijk ben ik een beetje verslaafd aan m’n werk.”

Konincki runt de buurtsuper in haar eentje. Ze heeft de winkel van maandag tot en met zaterdag geopend, vanaf tien uur ’s ochtends tot negen uur ’s avonds. De winkel is vernoemd naar haar zoon. „In Polen kent iedereen die naam,” zegt ze lachend, terwijl ze een fles met wortel-, bananen- en appelsap omhoog houdt: „Ook Kubus, een heel bekend merk.”

Reizen naar Polen voor artikelen voor haar zaak is er niet meer bij. Al een jaar of zeven wordt de winkel bevoorraad door een groothandel met een afdeling voor Poolse producten.

Een vertegenwoordiger, die tijdens het interview de winkel bezoekt, schat dat het aantal Poolse winkels in Nederland de laatste jaren is gegroeid tot enkele honderden. Die zijn niet altijd succesvol, weet Konicka. „Vele starters denken gemakkelijk geld te verdienen, maar er zijn er ook al weer winkels gesloten.”

Kleurrijk

Aanvankelijk bestond haar klantenbestand voor honderd procent uit Polen. Inmiddels is dat nog zo’n dertig procent. De stormachtige begintijd, toen Polen van heinde en verre naar de Tarwewijk kwamen om echt Pools brood en echte Poolse worst in te slaan, is voorbij. En dat ondanks het feit dat het aantal Polen in Rotterdam-Zuid de afgelopen jaren sterk is gegroeid. „Door de concurrentie is het nooit meer zo druk geworden als toen”, zegt Konicka. „Jij hebt het niet meer nodig en bent vermogend, zeggen de mensen dan. Maar dat klopt niet echt.”

Een ander verschijnsel dat haar opvalt, is dat er steeds meer jonge mensen in haar winkel komen. „En ook gezinnen die van plan zijn om voor het geld in Nederland te blijven.”

Konicka maakt graag een praatje met haar kleurrijke klantenkring. Een donkergekleurde man komt binnen. Hij koopt in de Poolse winkel zijn kauwgum en shag. „Ik passeer onderweg verschillende andere buurtwinkels maar voor haar kom ik naar hier”, lacht hij, terwijl hij naar Konicka knikt.