Akkoord over versterking eurozone

Hoekstra. beeld ANP

De EU-ministers van Financiën hebben in Brussel een principeakkoord bereikt over maatregelen om de eurozone te versterken. Die zijn nodig om de EU beter te wapenen tegen nieuwe financiële crises.

Na afloop van vijftien uur onderhandelen zei minister Wopke Hoekstra „zeer tevreden” over het resultaat te zijn.

Het ESM, het permanente noodfonds voor eurolanden in financiële problemen, krijgt zoals Nederland graag wilde meer bevoegdheden. Er worden ook strengere voorwaarden gesteld aan schuldherstructurering voor een land in nood geld kan krijgen.

Landen die in aanmerking willen komen voor een hulpprogramma moeten eerst hun schuld houdbaar maken. Pas daarna –en onder strikte voorwaarden– kan worden overgegaan tot steun vanuit het ESM.

Ook wordt het aanslaan van investeerders en beleggers vanaf 2022 vergemakkelijkt. Verder zal het ESM fungeren als extra vangnet voor het Europese resolutiefonds voor banken. Deze ‘backstop’ treedt in 2024 in werking; mogelijk eerder.

De plannen worden op 14 december voorgelegd aan de Europese regeringleiders. Zij zullen bepalen of en hoe er binnen de Europese meerjarenbegroting ruimte moet komen om lidstaten aan te zetten tot hervormingen en meer concurrentiekracht. „Het woord eurozonebegroting is uit de tekst”, aldus Hoekstra. „Ik wil het woord stabilisatie niet meer horen.”

De minister denkt dat het principeakkoord zorgt voor een stabiel Europa op de lange termijn. „We bieden mensen in Nederland en de rest van Europa betere bescherming tegen de gevolgen van een volgende crisis. Het waren stevige onderhandelingen, maar dit pakket is in lijn met de Nederlandse inzet. Onze punten, waarover ik de afgelopen maanden zeer nauw contact had met in het bijzonder de collega’s uit Duitsland, Frankrijk, de Benelux, Scandinavische landen en de Baltische staten, zijn onderdeel van het pakket.”