Wat de Koerden overkwam zal Israël niet gebeuren

Koerdisch protest tegen de Turkse aanval in Syrië.  beeld EPA

Groot nieuws in Israël: President Donald Trump trekt zijn troepen terug uit Syrië en laat daarmee de Koerden vallen. Laat Trump straks ook Israël in de steek?

De Amerikaanse president is niet te vertrouwen. Dat was deze week de conclusie van diverse commentatoren, nadat Trump de Koerden in het noorden van Syrië de rug had toegekeerd. „De conclusie die we moeten trekken”, zo schreef een columnist in het dagblad Yediot Ahronot, „is dat Trump voor Israël onbetrouwbaar is geworden.” The Jerusalem Post schreef een hoofdcommentaar onder de titel „Vertrouw op niemand.” De krant concludeert dat het waarschijnlijk is dat Iran gaat overheersen in Syrië.

Toch kan het kabinet van Netanyahu tevreden zijn met Trump aan het roer in de VS. Hij erkende immers Jeruzalem als Israëlische hoofdstad en liet de Amerikaanse ambassade naar deze stad verplaatsen. Verder trok hij in oktober 2017 de VS terug uit de nucleaire deal die de P5 (de vijf permanente leden van de Veiligheidsraad en Duitsland) in 2015 met Iran sloten. Hij besloot opnieuw sancties tegen Iran in te stellen.

Wat in Israël echter wel omstreden was, is dat Trump financiële hulp aan Palestijnse instellingen introk en daarmee de financiële misere waarmee de Palestijnen worstelen vergrootte. Straks zit Israël met de gebakken peren, bijvoorbeeld als de Palestijnse Autoriteit van ellende het veld moet ruimen. De Palestijnse veiligheidstroepen vervullen een rol in het handhaven van de rust en het bestrijden van terreur.

Toch is er de laatste maanden twijfel over Trumps gedrag. De vraag is of hij de confrontatie met Iran wel aandurft. Dat bleek bijvoorbeeld na de aanval op een Saoedische olieinstallatie in september. De VS, Saudi-Arabië en andere landen zeiden dat Iran erachter zat. Het Amerikaanse staatshoofd bleef zeggen dat hij een dialoog met Iran wil in plaats van een gewapend conflict. Tot nu toe weigeren de Iraanse leiders hem te ontvangen. Natuurlijk zijn diplomatieke oplossingen te prefereren, maar als dat niet lukt, moet er wel een alternatief zijn. Zo niet, dan breidt Iran zijn invloed in het Midden-Oosten verder uit.

Het is echter onwaarschijnlijk dat Trump zover gaat dat hij „Israël laat vallen.” Voor de Amerikaanse presidentsverkiezingen in november 2020 heeft hij de steun nodig van evangelische christenen. Circa tachtig procent van die categorie kiezers koos voor Trump bij de presidentsverkiezingen van november 2016. Een belangrijk criterium voor hen is of de Amerikaanse president „pro-Israël” is. „Pro-Israël” komt in dit verband neer op „pro-Likoed” en vóór andere rechtse en religieuze partijen.

Ook voor het vredesplan waar Trumps schoonzoon Jared Kushner aan werkt, hoeft Israël niet bang te zijn. Wat Trump betitelde als „de deal van de eeuw” is nog niet gepubliceerd. Palestijnen hebben het plan bij voorbaat al verworpen. Dus ook al zou het plan enkele pijnlijke concessies van Israël vragen, dan nog heeft dat geen enkele betekenis.

Een echte koersverandering in Washington is pas mogelijk als straks een kandidaat van de Democraten Trump zou verslaan. Die zal naar verwachting minder welwillend staan tegenover de wensen van Likoed. Een Democratisch president zal ook weer serieus aan de slag gaan met het vredesproces en rekening houden met de belangen van de Palestijnen.